26.11.12

Het Ware Verhaal van Calamity Jane

 
















Begin december wordt mijn toneelstuk De Dochter van Calamity Jane, in 1997 geschreven samen met Guy Didelez, nog eens opgevoerd... en wel bij Salvator, Wieze. Op basis van dit toneelstuk maakte ik samen met mijn broer Fernand het muziektheater Het Ware Verhaal van Calamity Jane, wat tegelijk de aanleiding was om Compagnie de Ballade op te richten, waarmee we tien jaar lang "on the road" zijn geweest. Zowel de liedjes van het muziektheater Het Ware Verhaal van Calamity Jane als die van De Zeven Magere Jaren van Compagnie de Ballade (1998-2005) worden nu via de Compagnie de Ballade Website van Last FM ter beschikking gesteld als gratis MP3 downloads.Volg de links!


Het Ware Verhaal van Calamity Jane

Tracklist

 

   

1 Intro free download

2 Wie gaat daar nu op avontuur? free download Loved track

3 Winter in Wyoming free download
4 Hallellujah & Amen free download

5 Pistolen der Dood free download Loved track

6 De Ballade van Wild Hickock Bill free download

7 Janey's Lied free download

8 De Wijven van Deadwood City free download

9 Maar voor de rest gaat het best free download

10 Dodemanshand free download Loved track

11 Duet van Moeder en Dochter free download

12 Kooklessen free download

13 Het licht gaat uit free download

14 Outro free download

19.11.12

Blijven Geven / Hans van Cauwenberghe & Co.



Eén van de strafste optredens die ik de jongste jaren (ja!) gezien heb... en met de cd rij ik nu al weken rond in de auto... Wat een teksten, wat een muziek, wat een ambiance, wat een bezieling!

www.hansvc.com 

 Zang: Hans van Cauwenberghe -  Piano: Alano Gruarin -  Contrabas: Peter Verhagen

16.11.12

Vanop de Brug van Einstein-Rosen...


Alsof de geschiedenis zich herhaalt (denken we maar aan het Boonapartival) werd opnieuw een blog van me "gekaapt" (www.sterke-verhalen.blogspot.be dan nog) - deze keer door ene Filip Lovecraft, die mij ook vanop zijn Facebook-pagina als volgt toespreekt:



Mijnheer,

Vergeeft u mij de enigszins onorthodoxe wijze waarop ik mij tot u richt, maar waar ik mij bevind, staan mij helaas geen andere communicatiemiddelen ter beschikking. En de tijd dringt, mijnheer.
Ik weet dat u het werk van Zecharia Sitchin kent, die zowel in oeroude Sumerische teksten als in de Bijbel verwijzingen heeft gevonden naar Niburu, een planeet die op zekere tijdstippen ons zonnestelsel binnendringt. De passage van Niburu zorgt telkens weer voor aardbevingen en vloedgolven, inslagen van meteorieten, uitbarstingen van vulkanen en ernstige storingen van het aardmagnetisch veld.
De Sumeriërs hadden al hun kennis te danken aan Niburu, mijnheer. En meer bepaald aan de Anunnaki, het volk dat deze planeet bewoont. Zij zouden de terugkeer van Niburu voorspeld hebben voor 2003, en toen er dat jaar niets gebeurde voor 2012 – het tijdstip waarop ook een einde komt aan de Vijfde Grote Cyclus van de Mayakalender. Maar een onheil van welhaast kosmische proporties moeten wij in dit tijdsgewricht niet verwachten van een nieuwe passage van Niburu, die nog lang niet door astronomen werd opgemerkt. Staat u mij echter toe nog even in de sfeer van Niburu te vertoeven, mijnheer.
Auteurs als Amitakh Stanford geloven dat de bewoners van Niburu de mens gecreëerd hebben als slaaf, uit een vrouwelijke Anunnaki en een mannelijke aap.  Uit de Bijbel kennen we al het verhaal van Adam en Eva, die eten van de boom van kennis, hun status van domme slaaf ontstijgen en om die reden verdreven moeten worden uit het Paradijs. Het zijn de reptielen van het ras der Chitauli die de mens nu in bedwang houden, onder meer door middel van ‘mind control’ technieken.
Eerder opperde ook Erich von Däniken ook al dat intelligente buitenaardse wezens de aarde in het verleden meermaals bezochten, en de evolutie van de mens hebben gemanipuleerd. Hij toonde dit aan met archeologische artefacten en op basis van zijn studie van Stonehenge of de Egyptische piramiden, die een verregaande kennis van wiskunde, fysica, geologie en kosmografie veronderstellen. In de mythes van alle werelddelen vinden we overigens talloze vermeldingen van ‘wagens van vuur’ die door de hemel reizen. Het visioen van Ezechiël in het Oude Testament werd op die manier door Von Däniken geïnterpreteerd als de landing en het vertrek van een ruimtevaartuig.
Belangrijk in dit verband zijn ook de Nephilim, die zich manifesteren in de Thora en vroege christelijke geschriften zoals het Eerste Boek van Henoch. Het gaat hier om zogenaamde ‘Gevallenen’, een volk van reuzen, ontstaan door de kruising van ‘de Zonen van God’ met menselijke vrouwen. Zo lezen we in Genesis 6:4: ‘De reuzen (Nephilim) waren op de aarde in die dagen, en ook daarna, toen de zonen Gods tot de dochters der mensen kwamen en zij hun kinderen baarden; dit zijn de geweldigen uit de voortijd, mannen van naam.’ Over deze gevallen engelen wordt elders in de Bijbel gezegd dat ze ‘hun oorsprong ontrouw geworden zijn’. Een belangrijke reden voor de zondvloed, was trouwens ‘de geweldenarij en godslastering’ van de Nephilim. Heel wat vorsers beschouwen de halfgoden, giganten, reuzen en titanen uit de grote wereldmythologieën, de sagen en de legenden als Nephilim – of een hybride van mensen en buitenaardse wezens.
De antropoloog Marcel Griaule stelt dat de oraal overgeleverde verhalen van het Westafrikaanse volk der Dogon gebaseerd zijn op een buitenaards contact. De Dogon vertelden hem dat ze ooit werden bezocht door goden afkomstig van Sirius, een ster die zich ongeveer op 8 lichtjaren van de aarde bevindt. Ze bezaten heel wat informatie over dit hemellichaam, die met het blote oog niet te verkrijgen was.
Merkwaardig is nu, mijnheer, dat dergelijke ideeën reeds lange tijd gemeengoed zijn onder de schrijvers van fantastische literatuur, die allerminst onbekenden zijn voor u. Zowat het hele oeuvre van de Amerikaan Howard Phillips Lovecraft is gebouwd op de Cthulhu Mythos, waarin zwarte magie gruwelijke ‘close encounters’ met buitenaardse reptielachtigen mogelijk maakt, die zich althans gedeeltelijk in een parallel universum lijken te bevinden. Een vierde dimensie, waarin de wetten van de ons min of meer bekende tijd en ruimte niet langer van kracht zijn, is ook een hoeksteen van het oeuvre van de Belgische schrijver Jean Ray, die ook actief was als John Flanders. Zo zet hij in zijn meesterwerk Malpertuis met behulp van occulte krachten de Griekse goden gevangen in het lichaam van een stelletje kleinburgerlijke Gentenaren.
Ik kan u verzekeren, mijnheer, dat er op deze aarde extreem energetische plaatsen zijn, waar men toegangspoorten kan creëren, of openen, naar andere dimensies. Door deze scheuren in het ruimte-tijd continuüm kunnen boven- en buitenaardse entiteiten het universum waarin wij leven niet alleen binnendringen, maar er ook weer uit verdwijnen. Een dergelijk poort naar andere dimensies, gevormd door wat in feite een kromming in het ruimte-tijd continuüm is, kennen we sinds 1935 als een ‘Einstein-Rosen Brug’, een ‘wormgat’ of een ‘Sterrenpoort’.  Het is niets anders dan een tunnel tussen verschillende gebieden in het heelal, mijnheer, waardoor buiten tijd en ruimte zowel materie als informatie kunnen worden doorgegeven of getransporteerd. Het fenomeen werd reeds in 1921 theoretisch ontdekt door de Duitse wiskundige Hermann Weyl, in het kader van zijn onderzoek naar de eigenschappen van het  elektromagnetisch veld. Aan deze poorten worden allerlei fantastische eigenschappen toegekend; ze zouden ook het tijdreizen mogelijk maken.
Uit eigen ervaring, mijnheer, kan ik u zeggen dat het bestaan en het functioneren van deze poorten allerminst tot het rijk der verbeelding behoren. Zelf bevind ik mij namelijk op een dergelijke Einstein-Rosen Brug, die het mij onmogelijk maakt op een andere manier met u te communiceren dan, bijvoorbeeld, door een Facebook-account of het produceren van een Electronic Voice Phenomenon, afgekort tot ‘EVP’.
Ik zit als het ware gevangen in een plooi, mijnheer, die zich zowel uitstrekt in de tijd als in de ruimte. Ik sta op een brug, met aan de ene kant uw Duivelsput op de grens van Brabant en Vlaanderen, en aan de andere kant Providence, Rhode Island. Maar even goed bevind ik mij op een tijdsgewricht met het jaar 1937 als draaischijf – het jaar, inderdaad, waarin Howard Phillips Lovecraft overleed in Providenc en Filips Lovecraft werd geboren in Assche – en dit terwijl Howard Phillips ook al voor 1937 actief was geweest in Assche, en Filips Lovecraft nu nog actief is in Providence, Rhode Island.
Nog merkwaardiger wordt het nu, als we vaststellen dat de Sterrenpoorten bestuurd lijken te worden vanaf Sirius, de schitterende ster van de Dogon, het kosmische knooppunt vanwaar alle andere sterren in de kosmos bereikbaar lijken. En omdat niet alleen in de alchemie het kleine het grote weerspiegeltje, het hoge het lage en het heelal vertegenwoordigd wordt in een zandkorrel, heeft de Russische biofysicus en moleculair bioloog Garjajev ook ontdekt dat zich in ons DNA patronen bevinden waardoor wormgaten geproduceerd worden. Alsof ons DNA opereert als een Sterrenpoort tussen de eigen en andere dimensies, mijnheer. Het mag u dan ook niet verwonderen dat wij, omgekeerd, in de kern van ons DNA een deel der kosmische coderingen hebben opgenomen, die vrijkomen uit een Sterrenpoort. Wellicht zijn sommigen onder ons daarbij ontvankelijker geweest dan anderen, mijnheer, en is het dit wat mijn persoon – onlosmakelijk verbonden met mijn alter ego Howard Phillips Lovecraft – bijzonder, zij het niet helemaal uniek maakt.
Veel van het bovenstaande zal u, schrijver van fantastische verhalen die vlakbij de Einstein-Rosen Brug van de Duivelsput woont, niet geheel onbekend in de oren klinken. Ook daarom is het dat ik mij met deze eerste van een lange reeks missives tot u richt, mijnheer. U hebt van de Voorzienigheid immers een opdracht meegekregen, bij uw geboorte. En u kent ongetwijfeld ook de woorden die in de grafsteen van Howard Phillips Lovecraft staan gebeiteld,  op Swan Point Cemetery: ‘I am Providence.’

Tot weldra, mijnheer!

Ondertussen, verblijvend op de Brug van Einstein-Rosen,
groet ik u vriendelijk,

Filip Lovecraft


8.11.12

Toneelstuk "De Dochter van Calamity Jane" van Patrick Bernauw & Guy Didelez in Wieze

De Dochter van Calamity Jane werd in 1997 bekroond met de Wim Verbeke Theaterprijs voor Jeugdtheater, maar werd vervolgens vooral opgepikt door "volwassen" toneelgezelschappen... en zelf speelde ik het stuk, in een aangepaste versie voor muziektheater, ook tientallen keren in Vlaanderen. Nu brengt Toneel Salvator Wieze een eigen interpretatie op de planken - een gezelschap waarvoor ik in de jaren negentig met veel plezier mijn stukken Voor het Variété en De Minister en het Maffia Meisje regisseerde.



       
        
        Van de site van Salvator, Wieze:

 

Calamity Jane - haar echte naam was Martha Jane Cannary - is een vrouw uit het Wilde Westen die echt heeft geleefd. En hoe. Ze verloor haar beide ouders op jonge leeftijd en groeide op tussen de avonturiers van het harde Wilde Westen. Dat zij als jonge vrouw wist te overleven in een harde mannenwereld maakte haar bij leven reeds tot een mythe. Haar bijnaam “ Calamity” (Rampen) Jane, had ze te danken aan het onheil dat ze overal veroorzaakte. De bikkelharde tante die, in mannenkleren, goed overweg kon met wapens, die tabak kauwde en flink wat drank kon hebben, stond letterlijk haar mannetje in haar woeste omgeving, o.a. door haar grof taalgebruik.
Maar achter die facade huisde wel degelijk een vrouw en moeder. Uit haar relatie met revolverheld 'Wild' Bill Hickock werd een dochter geboren die door Calamity Jane ter adoptie werd afgestaan, met de bedoeling het kind een beschaafde opvoeding te geven in het verre Engeland....
Het stuk vertelt het verdriet en de emoties die schuil gaan bij de moeder en haar dochter Janey, wanneer zij te weten komt wie haar werkelijke moeder was. Een confrontatie met het verleden.
Een stuk dat wervelt door fijne sprongetjes, heen en weer in de tijd. 
Een lach met een traan, die snel opdroogt in de droge kale vlakte van het Wilde Westen.

Speeldata : 4 opvoeringen : zaterdag 1, vrijdag 7, zaterdag 8 en maandag 10 december 2012
       
       
        Auteurs: Guy Didelez en Patrick Bernauw
        
        Regie:  Stef Markey
       

Met Vera Bosteels, Annemie Bruggemans, Etienne Bracke, Marie-Claire Roeland, Filip Van Ransbeke, Geert Van den Berghe, Jef Vermoesen, Tom Van Baeveghem, Didier Bosman, Nele Vermoesen, Kathleen Cami, Hilde Keppens en Adi De Cock


De Dochter van Calamity Jane werd in 1997 bekroond met de Wim Verbeke Theaterprijs voor Jeugdtheater, maar werd vervolgens vooral opgepikt door "volwassen" toneelgezelschappen... en zelf speelde ik het stuk, in een aangepaste versie voor muziektheater, ook tientallen keren in Vlaanderen.