Een magisch realist in Mysterieus België


In de Rare Praatjes-reeks van de Stichting Fantastische Vertellingen is de DVD Weivretni Patrick Bernauw verschenen, een uitgebreid vraaggesprek met deze Vlaamse schrijver, scenarist, hoorspel- en theatermaker.

WEIVRETNI PATRICK BERNAUW

EEN HEDENDAAGSE MAGISCH REALIST

door Max Moragie (april 2012)



Patrick Bernauw is een mooi voorbeeld van een auteur die zich in de loop van drie decennia op een heel eigen manier heeft ontwikkeld en toch zijn literaire wortels is trouw gebleven. Hij heeft ook een bijna Amerikaans publicatieparcours afgelegd: van marginale literaire bladen tot grote uitgeverijen en productiehuizen, een letterkundige variant van het ‘van krantenjongen tot miljonair’- verhaal. Maar tegelijk heeft Bernauw zijn ‘eenvoudige’ afkomst nooit verloochend. Hij publiceerde in 2011 bijvoorbeeld zonder poeha twee theatermonologen in de Rare Boekjes-reeks, dezelfde reeks waarin hij dertig jaar terug zijn novelle ‘Wachten op de Gastheer’ liet verschijnen.

Bernauw schreef voor televisieseries (soaps en misdaadfeuilletons), voor Vlaamse Filmpjes en jeugdboekenuitgevers, voor het theater en voor de radio. Tussendoor publiceerde hij ook nog een aantal romans en verhalenbundels, waarvan er enkele bijzonder succesvol waren en diverse herdrukken en vertalingen kregen. Vooral wanneer hij zich op de zogeheten Belgische mysteriën stortte, raakte Patrick Bernauw een gevoelige snaar bij een breed publiek. De diefstal van het paneel van de Rechtvaardige Rechters en de dood van koning Albert I gaven aanleiding tot de veelgelezen romans ‘Mysteries van het Lam Gods’ (1991) en ‘Het Illuminati Complot’ (2008). Zoals het een echte beroepsauteur betaamt diende zijn research ook voor jeugdboeken en theaterbewerkingen, de laatste in de vorm van moordspelen, waarmee Bernauw en zijn eigen gezelschap de Vlaamse steden afgaan. Echte romans, in de zin van compleet verzonnen verhalen, zijn Bernauws boeken dan ook niet. Hijzelf noemt ze het liefst ‘docudetectives’, omdat ze het midden houden tussen non-fictie en fictie. Bij veel auteurs zou een dergelijk tussengenre tot een onleesbare vis-noch-vlees brij leiden, maar Bernauw is zoveel vakman dat hij de positieve aspecten van de twee genres elkaar laat versterken. De non-fictie kant stelt hem in staat een gedegen kennis van het thema te spuien, de fictiekant geeft hem de gelegenheid, bij monde van zijn hoofdpersoon, met beide benen op de grond te blijven staan en zelfs sceptisch te zijn. Hoe fantastisch de onderwerpen en theses ook zijn die Bernauw behandelt en te berde brengt, hij wordt nooit een zwever of aanhanger van doorgedreven samenzweringstheorieën – en dat maakt zijn docudetectives zo genietbaar. Ik zeg wel met opzet ‘doorgedreven’, want de romans zijn vanzelfsprekend doortrokken van complotdenken, anders zouden ze niet spannend zijn.


 

DE SLUIZEN VAN HET ONDERBEWUSTE

Met zijn aandacht voor Mysterieus België haakt deze Oost-Vlaamse auteur aan bij een oude Vlaamse traditie: die van het magisch realisme. Als achttienjarige debutant waren zijn grote voorbeelden, naast de destijds zeer populaire Amerikaan Stephen King en de Brit Colin Wilson, Vlaamse magisch-realisten als Johan Daisne en Hubert Lampo. Het was het mysterieuze in de romans van deze oude grootmeesters dat Bernauw aansprak. Lampo en de zijnen schreven geen platte horror maar sfeervolle verhalen die de lezer de indruk gaven dat de sluizen van het onderbewuste open gingen – tijdens het schrijven zowel als tijdens het lezen. Een aantal concepten die in het hele oeuvre van Bernauw een rol spelen, zoals dat van het collectief onbewuste, ontdekte hij tijdens het lezen van Lampo’s romans. Auteurs die pas jaren later een rol zouden spelen in zijn ontwikkeling, onder wie de Brit Arthur Machen, werden hem onder de aandacht gebracht door de beschrijvingen van Lampo in diens essaybundel De Zwanen van Stonehenge. Zo bleef Bernauw zijn inspiratoren trouw: niet door verhalen te (blijven) schrijven in de oorspronkelijke stijl van het magisch realisme, maar door tijdloze thema’s en visies in een eigentijdse literaire vorm te gieten.

Of Patrick Bernauw daarnaast ook een Vlaamse Stephen King en Colin Wilson is geworden? Het enorme succes van de eerste heeft hij nooit kunnen evenaren, zelfs niet op de bescheiden Vlaamse leest. Wie wel? Voor een Vlaamse Colin Wilson valt meer te zeggen. Wilson publiceerde naast spannende romans een hele reeks werken over Mysterieus Engeland, van Stonehenge tot Jack the Ripper. Ook in dit opzicht is Bernauw zijn literaire bronnen trouw gebleven. Bij veel auteurs borrelen die een aantal jaren overdadig en drogen ze vervolgens op. Meer dan één schrijver keert zich vervolgens zelfs van die bronnen af. Bernauw lijkt er echter in geslaagd zijn bronnen vele jaren te laten doorborrelen, zonder zichzelf in de tussentijd tot een kopie te laten evolueren.

LITERAIRE DUIZENDPOTERIJ

Patrick Bernauw is nog geen vijftig. Toch omspant zijn carrière al meer dan dertig jaar. Weinig collega’s kunnen hem dat nadoen. De meeste schrijvers hebben tijdens hun studie de eerste voorzichtige stappen op het pad van de literatuur gezet en vervolgens, na jaren beroepsactiviteit in het onderwijs of de journalistiek, voor ‘de schone letteren’ gekozen. Bernauw heeft zichzelf direct in het diepe gegooid. Toen hij nog bij zijn ouders woonde en er een journalist op bezoek kwam om hem te interviewen, vroeg de reporter achteloos aan zijn moeder wat haar zoon de hele dag uitvoerde. ‘Hij typt’, luidde het laconieke antwoord. Strikt genomen was dat juist. De jonge auteur moest veel ter hand nemen om voldoende geld te verdienen. Hij schreef luisterspelen voor de BRT-radio, verhalen voor de Vlaamse Filmpjes, kinderboeken, korte verhalen voor allerhande anthologieën enzovoorts. Het sympathieke van Bernauw is dat hij zich nooit voor deze duizendpoterij heeft geschaamd en er integendeel zijn handelsmerk van heeft gemaakt. Juist omdát hij zoveel ervaring had met hoorspelen, wisten allerhande productiehuizen hem later te vinden voor scenario’s voor televisie. Precies die vroege kennismaking met jeugdliteratuur maakte later een van de meest succesvolle jeugdauteurs van hem (meestal samen met Guy Didelez). Dat wil niet zeggen dat hij alles wat hij ooit geschreven heeft nu nog goed vindt. Vooral in stilistisch opzicht beschouwt hij zijn korte verhalen uit de jaren tachtig inmiddels als achterhaald, maar de vele oefening baarde nadien wel degelijk kunst die er nog altijd wezen mag: zijn docudetectives van de voorbije twintig jaar zijn ondenkbaar zonder die vingeroefeningen uit het decennium voordien.

De hoogtijdagen van Hubert Lampo liggen al lang achter ons; Stephen King kan met pensioen en Colin Wilson is al bijna hoogbejaard. Hun thema’s en inspiratie blijven echter vitaal. Hetzelfde geldt voor de man die deze onderwerpen blijft bespelen. Vijftig is geen keerpunt in een schrijversleven. De meeste auteurs blijken dan pas op de helft van hun carrière te staan. België bevat ook nog meer dan genoeg onopgeloste mysteriën, oude en nieuwe. Als lezers kunnen we bij Patrick Bernauw reeds kennis nemen van een omvangrijk oeuvre, maar we mogen vooruitzien naar een minstens even indrukwekkende aanvulling daarop.

Max Moragie

U kunt de DVD via email of via de website bestellen voor de prijs van EUR 7,95 (excl. verzendkosten).

Weivretni Patrick Bernauw door Jeroen Kuypers; uitg. Stichting Fantastische Vertellingen, Nieuw Vennep; april 2012; ca. 1 uur; ondertitels Nederlands, Engels en Britaki; omslagillustraties Inge en Joris Heit & Bauke Muntz; het inlegboekje is van de hand van Max Moragie

Geen opmerkingen: