9.3.11

De Paus van Satan en Félicien Rops



De cover van De Paus van Satan
is De Verzoeking van de Heilige Antonius
van de hand van Félicien Rops (1833–1898)
wiens werk ook een belangrijke rol speelt
in een aantal nachtmerrie-achtige sleutelscènes
in het boek.




Een van de tijdloze koetsen die ter beschikking stonden van de toeristen, stopte voor me en de koetsier bood me vriendelijk een gratis ritje aan.


Hij toonde me een kaart van het middeleeuwse Brugge. ‘Ze verschilt nauwelijks van een moderne kaart, ziet u? Dat komt omdat de stad nog steeds een labyrint is, dat zich onttrekt aan de wetmatigheden van de ruimte. Een argeloze toerist zoals u, die niet beschikt over een bovennatuurlijk kompas, zal voortdurend terugkeren op zijn punt van vertrek, meneer. Het is allemaal de schuld van de middeleeuwse metselaars die deze stad verloren hebben gelegd in hun zwartmagische ringen en slingers.’

‘Waarom hebben ze dat gedaan?’ vroeg ik.

‘Zoals u weet, werd Brugge ooit uitverkoren om een Heilige Stad te zijn. Daarom is het ook hier dat Satan zijn zwartste duivels los moet laten. In deze stad bevechten de Machten van Goed en Kwaad, van Licht en Duisternis elkaar heviger dan elders.’

‘Jij die hier dag en nacht in je koets over de kasseien ratelt,’ zei ik, ‘jij moet hier wel veel vreemde en verschrikkelijke zaken gezien hebben…’

‘Zeker wel, meneer! Onder de Boom van Goed en Kwaad in de Tuin van Eden heb ik Venus zien paren met Priapus. Het is pas veel later dat Onze Lieve Vrouwe van Lust is verworden tot een christelijke zonde.’

‘U bedoelt… de Hoer van Babylon?’

‘Die bedoel ik, meneer! Och, u moest eens weten hoeveel arme heidense godheden ik al in demonen heb zien veranderen. In Bruges-la-Morte is men satanist of mysticus, meneer. Hier is het onmogelijk lang te blijven treuzelen op de drempel van de absolute zuiverheid of de pure lust. Hier wordt u gedwongen een keuze te maken tussen Hemel en Hel, tussen Memlinc en Rops. Het zuivere en het goddelijke heeft de Vlaamse Primitieven geïnspireerd en hun talenten aangescherpt, en u zult het met mij eens zijn dat het een tijdje geduurd heeft voor Onze Lieve Vrouwe van Lust een aantal artiesten baarde die in staat waren de Antarctische regionen van de ziel te exploreren. Maar goed, hier zijn ze dan! En ze hebben het aloude middeleeuwse concept geadopteerd, waarin een man heen en weer wordt geslingerd tussen Goed en Kwaad, God en Satan, Goddelijke Kuisheid en Onze Lieve Vrouwe van Lust. Wat is Felicien Rops anders dan een op zijn kop gezette Vlaams Primitief, meneer? Wat anders heeft hij gedaan dan exact het omgekeerde van Memlinc? Hij introduceerde het satanisme in de kunst en hij laat je genieten van zijn werk als van een ontdekking, die tot ons spreekt in meedogenloze en nerveuze symbolen, in een waarlijk unieke taal!’

‘U bent een dichter,’ glimlachte ik.

‘En u bewijst me te veel eer, meneer Huysmans.’

‘Kent u Georges Rodenbach?’

‘Natuurlijk, meneer. Hij werkt aan een boek over Bruges-la-Morte, is het niet?’

‘Jawel. Kun je me naar zijn huis brengen?’

‘Zeker, meneer.’

‘Ik vroeg me nog af, mijn waarde voerman… Al de spoken die men hier altijd ziet in Brugge dat een dodenstad zou zijn, Bruges-la-Morte is… Bestaan ze echt of leven ze alleen maar in de spookverhalen?’

De koetsier schudde glimlachend het hoofd. ‘Laat me u dit vertellen, meneer… Ik rij nu al meer dan vijfhonderd jaar door de straten van Bruges-la-Morte, en ik kan u verzekeren: ik heb hier nog nooit een geest gezien!’

Toen stopte hij voor een huis dat onmogelijk het huis van mijn vriend Rodenbach kon zijn, want in groenkoperen letters stond boven de poort De Nood Gods geschreven. Het huis verkeerde in een verschrikkelijke staat; de muren waren gebarsten en leunden gevaarlijk voorover. Het kon elk moment instorten.

‘Volg me maar, meneer,’ zei de koetsier.

We betraden een binnenkoer. Een trap van arduin leidde ons naar een grote hall die de hall van een klooster had kunnen zijn. Achteraan verdween een houten trap in de kelders en crypten van het huis, waar onderaardse gangen te vinden waren die de bezoeker naar de andere kant van de Augustijnenrei voerden.

‘Wie durft het aan in deze onderwereld af te dalen?’ murmelde mijn gids. ‘Hij die dat doet, mag alle hoop laten varen, meneer! De Tempeliers hebben hun schat hier begraven, maar niemand heeft het aangedurfd deze ondergrondse ruimten volledig te exploreren. De weinigen die een poging hebben gedaan om de mysteries van dit spookhuis te ontrafelen, zijn nooit teruggekeerd. Maar dat mag ons niet verwonderen, meneer Huysmans, want zoals ik al zei heeft de stad nog steeds de vorm van een doolhof, iets als het binnenwerk van een horloge, een chaotische spiraal die zich onttrekt aan de wetmatigheden van de tijd. Daarom ook is de geschiedenis van dit huis in het hart van Bruges-la-Morte gedoemd om zich te herhalen tot het einde der tijden, meneer…’

Hij draaide zich om, loste prompt op in de lucht en liet mij alleen met de wassende maan en de gruwel in de hall, waar een vrouw op een altaar lag, naakt, de benen wijd gespreid, met een schepsel over haar heen gebogen, armen als handvaten aan weerszijden van haar lichaam. Het was weiniger meer dan een skelet, met bovenaan een paardenhoofd, twee gaten als ogen, en de reusachtig rode en scherpe haak van een gevorkte tong die flitste, flitste in de onderbuik van de vrouw, flitste, de vrouw van wie de nagels over de steen van het altaar krasten terwijl ze huiveringwekkend krijste van een wanhopig genot omdat de Demon daar roerloos en meedogenloos in haar lichaam zat, gekroond met de maansikkel die zich een weg door zware wolken had gesneden en denkend, zo leek het wel, mijmerend van het land ver weg dat het achter zich had gelaten, lelijk en grandioos, de genitaliën badend in haar bloed, bezittend en bezeten, symbool van lust en dood en het desperate verlangen dat elk van onze wensen werkelijkheid moge worden.

Toen draaide Onze Vrouwe van Lust haar hoofd naar me toe, en haar naam was Henriette.

En de Demon nam zijn masker af en ik stond oog in oog met mij.

 

De thema's uit De Paus van Satan
komen ook aan bod in de stadsspelen
De Geheimen van Brugge en De Spoken van Brugge
of door uzelf georganiseerd met doe-het-zelf pakket.

 

Geen opmerkingen: