Posts tonen met het label Patrick Bernauw. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Patrick Bernauw. Alle posts tonen

7.9.26

Woord in Beeld, Kunst in het Huis... en zijn er ook Verboden Boeken in Utopia?

 



Kunstenares Christa Jacobs transformeert haar huis in Gijzegem bij Aalst tot een bruisende ontmoetingsplek voor creativiteit, verbeelding en verbinding, waar de deuren wijd openstaan voor iedereen die kunst in al zijn vormen wil beleven, maken en tonen. Samen met Christa opent schrijverscollectief de Scriptomanen het eerste seizoen van Kunst in het Huis, en we doen dat met een tentoonstelling en performances rond het thema Woord in Beeld van en door Katrien Dierick, Karen Kerckhofs, Anna van Ro en Anke Verleysen.




Zelf breng ik aanschouwelijk in beeld hoe het aanvoelt voor een Aalsterse schrijver van een honderdtal boeken geweerd en verbannen te worden uit de bibliotheek van zijn geboortestad, en dit in het kader van de Week van het Verboden Boek. Ik open mijn Bewaarbibliotheek 2.0 - vanaf 2018 was ze ondergebracht aan de Tafel van Elise in Erembodegem - en ter plaatse kun je dan zelf uitzoeken hoe en waarom mijn meest succesvolle, herdrukte, vertaalde en bekroonde jeugdboeken in 2012 werden verwijderd. Jammer genoeg blijkt er bovendien sprake van collateral damage tot vandaag de dag, want ook boeken van Aalsterse auteurs uitgegeven door de Scriptomanen komen de bibliotheek niet binnen.



De redelijk ludieke opening vindt plaats op 26 september om 16 uur, maar ik ben er twee dagen aanwezig en uiteraard is mijn Bewaarbibliotheek ook twee dagen toegankelijk. Wil je het hele verhaal horen, dan kan dat alvast op deze podcast:
 

24.6.26

De blinde vlek in het Mysterie van Albert I (Johan Op de Beeck)


Uit Kroniek van de 20ste eeuw, Elsevier 1985:
koning Albert valt dieper dan de rots hoog is.


Laat er geen twijfel over bestaan: ik ben (en blijf) een groot liefhebber van de non-fictie van Johan Op de Beeck. Ik heb bijzonder genoten van zijn boeken - en podcasts - over de Zonnekoning, Versailles, de Franse Revolutie, Napoleon, Leopold II. Af en toe ergerde ik me wel aan het soms niet al te zuivere Nederlands, aan hele passages zelfs waarbij de redacteur duidelijk was ingedommeld, of aan zijn stiefmoederlijke behandeling van de alinea. Maar Op de Beeck is nu eenmaal een rasechte verteller met oog voor sprekende details en dito anekdotiek, en dan kijk je al eens wat door de vingers. Zo staan het sanitaire imbroglio van Versailles mij nog levendig voor de geest, de lichamelijke ongemakken waarmee de Zonnekoning af te rekenen kreeg (met de behandeling door zijn 'tandarts' als pijnlijk hoogtepunt) of de geur die de laarzen van de jonge Napoleon met zich meebrachten in de Parijse salons. Zij kunnen zich meten met de etymologie van het woord copain uit De Bourgondiërs van die andere meesterverteller, Bart Van Loo, die daarenboven een briljant stilist is. Dat laatste kan jammer genoeg niet van Op de Beeck gezegd worden - maar hij is dan weer een fan van Bruce Springsteen, en die kunnen bij mij altijd op extra krediet rekenen, meer zelfs dan de fans van het Franse chanson. 

Van de historische thrillers van Johan Op de Beeck ben ik nooit wild geweest, om het voorzichtig uit te drukken. Aan Het complot van Laken en zijn opvolger De staatsvijand heb ik nog enig plezier beleefd, al moest ik even een blik werpen op de achterflap om mij te herinneren waar ze ook weer over gingen. De stijl waarin een boek is geschreven, staat wat mij betreft garant voor een groot - zoniet het grootste - deel van mijn leesplezier. En zekere minpunten die in zijn non-fictie nog ondergeschoffeld worden, dringen zich in fictie genadeloos op de voorgrond. De aanslag op Napoleon heb ik na een vijftigtal bladzijden weggelegd, wegens te taai en - sorry - te slecht geschreven. De personages komen niet tot leven, de lezer dient zich door ettelijke pagina's niet echt terzake doende uitweidingen te ploegen, zinnen draaien regelmatig in een grammaticale knoop en de taal is stroef, de verwoording bijwijlen tegelijk omslachtig en onhandig.

Het was dus met enige reserve dat ik aan Het Mysterie van Albert I begon - maar een historische thriller over het onderwerp waar ik tussen 1993 en 2008 drie boeken aan wijdde, kon ik toch niet laten liggen? In Het Nieuwsblad verscheen een juichende recensie, Op de Beeck dook her en der op in de media, en het boek bleek al een bestseller te zijn nog voor het in de rekken lag. Gelukkig is deze thriller niet zo saai als De aanslag op Napoleon en zit hij weer zo ongeveer op het niveau van Het complot van Laken. Wild word ik er niet van, maar het kon erger. Misschien ben ik ook te zeer in de watten gelegd door auteurs als Robert Harris of Stephen King, die hun inhoud 'in stijl' weten te brengen en voor wie de geloofwaardigheid van het personage primeert. 

Het stoort me enorm dat grote uitgevers voor hun bestsellers-bij-voorbaat blijkbaar niet meer de moeite doen om een redacteur op een tekst te zetten die zijn stiel kent, en stijlbloempjes aanpakt als 'Het mens laat van ontstentenis haar poetslap op de stoep vallen' of 'In het salon grijpt de ontstentenis om zich heen als een bosbrand'. Die een contaminatie van het slag dat je vroeger al in de basisschool afgeleerd kreeg - 'onmeedogenloos' - onmeedogend corrigeert in meedogenloos, of vice versa. Die taalfouten opspoort van het genre 'Ik speur mensen op'. In mijn klassen creatief schrijven aan de Academie vlogen die er al bij een eerste lezing uit; dat je ze nog uit een boek moet plukken waarvan geheid enkele duizenden exemplaren verkocht worden, verdient onverbiddeloos de karwats. Ook zou ik er in die klassen op gewezen hebben dat je moet opletten met 'expositie' en een Sprechhund als sergeant Kimpe, als daar compleet ongeloofwaardige dialogen van komen waarin twee personages aan elkaar uitleggen wat ze eigenlijk allebei al weten, om de broodnodige informatie bij de lezer te brengen. En dat het kundig gebruik van de alinea een stijlmiddel is en niet een overbodig tierlantijntje: lees er Over leven en schrijven van de al eerder genoemde Stephen King op na, of om het even welke cursus creatief schrijven voor beginners.

'Waar maak jij je toch druk over?' hoor ik mijn critici al zeggen. 'Zijn boeken gaan als zoete broodjes over de toonbank, hoor!'

Och ja, het zal wel. Maar het lucht op het eens te kunnen zeggen als de thermometer over de 30° gaat.




En ik zou het vooral over de inhoud hebben. In de media klinkt het alsof Johan Op de Beeck zich als eerste waagt aan dit heikel onderwerp. De piste die hij bewandelt, wordt heel erg serieus genomen, want hij heeft nu eenmaal een indrukwekkende pedigree in het genre van de historische fictie en non-fictie. In 1993, toen ik samen met Guy Didelez de young adult historische thriller De moord op Albert I op de wereld losliet, lagen de kaarten heel anders. Het was 'maar' een jeugdroman, ik was ook die schrijver van Vlaamse Filmpjes, en historici zowel als royalty watchers buitelden over elkaar heen om een moord op de Koning-Ridder weg te zetten als een hardnekkige legende en/of een perfect voorbeeld van complotdenken. Toen we met de uitvinding van het internet nog meer informatie vonden die onze hypothese van 1993 bekrachtigde en het boek herschreven tot Het  februaricomplot (1999) was dat niet anders. 

In 2004 verscheen De val van Albert I, een sterk staaltje true crime van de Waalse journalist Jacques Noterman. Hij was de eerste die het gerechtelijk dossier over de dood van koning Albert kon inkijken en kwam tot een onomstotelijke conclusie: de officiële versie van de feiten - een tragisch maar klassiek ongeval 'van het alpinisme' - is niet houdbaar. Onder meer dankzij dit boek (en verdere research die ik ondertussen had gedaan) schreef ik in 2008 mijn laatste woord over de kwestie in de historische faction thriller voor volwassenen, Het Illuminati Complot. Ik beweer niet dat ik de waarheid in pacht heb, en dat het zo en niet anders gebeurd moet zijn als ik in dit boek vertel. Maar ik ben het eens met Noterman - en Op de Beeck - dat de officiële versie van de feiten een sprookje is, en ik geloof nog steeds dat mijn piste niets sprookjesachtigs heeft, omdat ik vertrek van drie premisses waaraan niet te tornen valt. Nog tot in 2016 bleven 'serieuze' onderzoekers evenwel zeer weinig serieuze pogingen ondernemen om de these van een moord in Marche-les-Dames onderuit te halen. Op de Beeck verwijst er ook naar, ik heb mij er destijds enigszins over opgewonden op deze blog, in de post De Frivole Fratsen van VTM-Royalty Reporter Reinout Goddyn en het DNA van Albert I uit Marche-les-Dames

Wat zijn dan die drie premisses?
  
Patrick Bernauw
Het Illuminati Complot
Werd de Belgische koning Albert I het slachtoffer van een passioneel drama of van een politiek complot? En wat heeft een voorspelling van de zieneres van Onkerzele, Leonie Van den Dijck, met dit alles te maken?
€27,50 Paperback
  

Nog voor 1993 en De moord op Albert I merkte ik al hoe slordig er verslag werd uitgebracht over de dood van de koning. Exemplarisch daarvoor is De kroniek van de 20ste eeuw, een prestigieus historisch naslagwerk uitgegeven door Elsevier en samengesteld door een enorme redactie, waarin de koning zowaar een val van 80 meter heeft gemaakt (zie foto bovenaan deze post). Gesteld dat hij van de top gevallen is, zou hij bijgevolg eerst een dertigtal meter omhoog gesprongen zijn. In het broertje van deze klepper, Kroniek van België (Standaard Uitgeverij) is er dan weer sprake van een val van 12 meter. Die discrepantie vond ik vreemd. Ik vroeg mij toen al af: waar halen zij hun cijfers vandaan?

Maar goed - de drie premisses dus, die eigenlijk in elk artikel over de dood van de koning vermeld horen te worden: 

Eén: als je een val doet, zelfs maar van 12 meter, van een rots zoals Le Vieux Bon Dieu in Marche-les-Dames, dan zul je daar blauwe plekken en schrammen en builen en gebroken armen en benen aan overhouden - dat kan niet anders. Koning Albert had één gapend gat in zijn schedel, en verder niks. Alsof hij dus 30 meter omhoog was gesprongen en daarna loodrecht neergevallen, op zijn hoofd. Dat is onmogelijk en sluit de stelling van een ongeval of van zelfmoord uit. Ja, zo duizelingwekkend eenvoudig en eenduidig kan één simpel feit zijn.

Twee: het is onmogelijk dat de groep boeren en rijkswachters uit de streek, opgetrommeld door de kamerheer die de koning vergezelde, de locatie waar Albert zijn beklimming aanvatte grondig uitkamde en er niks niemendal aantrof... als het lijk en enige rekwisieten van de Klimmer-Koning precies daar enkele uren later wél worden gevonden, vlakbij de openbare weg trouwens, door een zoekploeg onder leiding van enkele lui die in allerijl uit Brussel zijn overgekomen. De enige conclusie die je uit deze feiten kunt trekken, is dat het lijk en de rekwisieten er eerst niet waren, en daarna wel.

En nu wordt het interessant. Want als we iets zinnigs willen vertellen over de fabelachtige officiële versie van de feiten, dan moeten we ons in eerste instantie de vraag stellen wie hiervoor verantwoordelijk is geweest. Eén man treedt in dat geval nadrukkelijk voor het voetlicht: graaf Xavier de Grunne, ooit klimmaatje van Albert, secretaris-generaal van de Belgische alpinistenclub, die een landgoed bezat in de buurt van Marche-les-Dames en tot de Brusselse zoekploeg behoorde. Hij slaagde er niet alleen in het lichaam van de koning op miraculeuze wijze terug te vinden en te 'bergen', in de letterlijke betekenis van het woord (het lijk werd in de wagen gelegd en samen met alle daar ook aangetroffen spullen van de koning tegen alle geplogenheden in naar Laken gevoerd), maar belangrijker nog: hij dicteerde aan het parket van Namen hoe het allemaal precies was gebeurd. Het parket, dat pas op de crime scene verscheen nadat hij het lijk en alle mogelijke bewijs had laten verdwijnen.  

Johan Op de Beeck is volledig mee wat premisse één en twee betreft, maar blijft merkwaardig blind voor premisse drie: de uiterst verdachte machinaties van graaf Xavier de Grunne. Nochtans bestaat mijn korte samenvatting van hierboven alweer uit louter feiten.  De rol van Xavier de Grunne in de cover-up - hoe wil je het anders noemen? - minimaliseert hij, de man wordt zelfs nauwelijks vernoemd. Over de motivatie van Xavier de Grunne om te doen wat hij gedaan heeft - door zijn vasthouden aan 'het ongeval' bleek ook een lijkschouwing overbodig - kunnen de meningen uiteenlopen. Hij kan gehandeld hebben uit eerbied voor de vorst, om het imago van de koning clean te houden, weet ik veel... Maar hoe dan ook smeekt zijn modus operandi om een nauwgezet onderzoek van zijn persoon. Johan Op de Beeck zwijgt op een oorverdovende wijze over dit cruciale gegeven,  omdat hij de aandacht van de lezer wil afleiden van de mogelijkheid van een politieke aanslag door Duitsland, naar eentje in opdracht van de Franse geheime dienst. Hij kan niet anders dan toegeven dat er meteen na de dood van Albert in de hoogste kringen gedacht werd aan een Duitse aanslag, maar veegt dit element in het dossier zonder veel argumenten van tafel om - ook weer zonder veel argumenten - de Franse piste te volgen. 

Dit verhaal is er bijgevolg één met een opzichtige dode hoek. Komt daarbij dat ik het een regelrecht zwaktebod vind voor deze historische thriller wanneer blijkt dat de auteur zijn toevlucht zoekt tot een volslagen fictieve barones als bewoonster van het kasteel van Boninne - gelegen bij de crime scene - terwijl er een zeer non-fictieve barones voorhanden is, Alice de Zualart, over wie geruchten de ronde deden dat zij een minnares van de koning was geweest. Ook dit gegeven zet Op de Beeck weg in zijn dode hoek, met één enkel zinnetje in zijn nawoord: 'Daar is natuurlijk geen bewijs van.' Dat er daar zelfs ooit een pad naar de koning is vernoemd dat als mogelijke sluiproute kon dienen - nee, geen bewijs. Dat Albert al veel langer dan februari '34 naar Marche-les-Dames kwam 'om te klimmen', met een kamerheer als alibi - nog steeds geen bewijs. Maar anderzijds vindt hij het kasteel van Boninne en haar fictieve bewoonster wel sterk genoeg om mee te spelen in een eveneens puur fictieve context, die - laten we wel wezen - redelijk van de pot gerukt is en vooral dient om nog een extra portie seks binnen te smokkelen, via haar verschijning in pornografische publicaties. 

Ik heb ook veel moeite met het opvoeren van het historische personage van ingenieur Van Steenberghe, die een erg kritisch rapport schreef over de dood van de koning, dat door justitie destijds werd bestempeld als 'een complottheorie'. Hij wordt in het verhaal van Op de Beeck vermoord 'omdat hij te veel wist'. Wat de auteur zogenaamd wil vermijden met Alice de Zualart - een historisch personage een rol toedichten waar geen hard bewijs voor bestaat -, is plotseling geen probleem meer voor een ander historisch personage dat hij zelfs laat vermoorden, terwijl dat in werkelijkheid niet is gebeurd. Op de Beeck vermeldt het allemaal wel netjes in zijn nawoord en je mag me best een azijnpissende purist noemen, maar ik hou nu eenmaal niet zo van dit soort 'geschiedvervalsing' in thrillers met historische ambities. Stick to the facts, was altijd mijn devies - of je krijgt het lastig met the suspension of disbelief van de min of meer geïnformeerde lezer en je haalt je het commentaar van kritische kwieten als ondergetekende op de hals. 




De Franse piste die Johan Op de Beeck ontvouwt, trekt de spanningen tussen Albert en zijn Franse (en Engelse) bondgenoten tijdens de Groote Oorlog zonder meer door naar het jaar 1934. Albert wilde het bevel over zijn leger behouden en niet nodeloos jonge Belgische levens opofferen. Hij voerde zelfs in het grootste geheim 'gesprekken' met Duitsland. Dat laatste is voor Op de Beeck een argument om te stellen dat Albert eigenlijk best wel op goede voet stond met de Duitsers, zodat hun geheime diensten niet in aanmerking komen om een moordaanslag op de koning te beramen. Dat de spanningen en het wantrouwen van 14-18 voor de Fransen nog zo zouden doorwegen dat zij meenden de koning uit de weg te moeten ruimen, lijkt mij echter op zijn minst een paar bruggen te ver. Johan Op de Beeck lijkt te vergeten dat Hitler in 1933 aan de macht gekomen is en dat zijn nazi-Duitsland een heel andere, totaal nieuwe situatie geschapen heeft die niet meer te vergelijken valt met die van de oorlogsjaren, of van de Weimar republiek waar hij een eind aan maakte.

Wat Johan Op de Beeck zo nadrukkelijk buiten beeld laat, is een scenario dat vertrekt vanuit de historische figuur van graaf Xavier de Grunne, de verantwoordelijke voor de volstrekt fictieve officiële versie van de feiten die de geschiedenisboeken heeft gehaald en nog al te vaak klakkeloos nagepapegaaid wordt. Omdat, wie zich in de persoon van de Grunne verdiept, onvermijdelijk een uiterst recht(s)e lijn moet trekken naar... jawel, nazi-Duitsland. Het Illuminati Complot is gebouwd op de vaststelling dat de kas van de fascistische politieke partij Rex in de jaren dertig regelmatig gespekt werd met grote sommen geld die Führer Léon Degrelle in Duitsland en Italië wist los te weken. 'Xavier de Grunne, toen nog een vooraanstaand senator van Rex, heeft verklaard dat zijn partij van 1933 tot 1936 ruim 19 miljoen Belgische frank kreeg van Italië alleen al. De eerste fondsen werden door koeriers van Mussolini overhandigd in zijn kasteel van Oppem. In 1936 richtte Degrelle zich tot de Duitse gezant in Brussel en slaagde hij er eindelijk in een ontmoeting te regelen met zijn grote idool Adolf Hitler. Dat leverde Rex niet minder dan 100.000 rijksmark op, waarvan beweerd werd dat ze bestemd waren voor pers- en propagandadoeleinden, maar in werkelijkheid wilde men daarmee een staatsgreep plegen.'

Die poging tot staatsgreep is er in dat jaar ook gekomen. Ze bezorgde Degrelle & Co. (onder wie de Vlaamse schrijver Paul De Mont, Führer van de Vlaamse vleugel van Rex) een kater van formaat, want toen het erop aankwam verkozen de militairen eerste minister Van Zeeland boven een grillige amokmaker. Nu viel de Rex-beweging van Léon Degrelle, Paul De Mont, rijkswachtkolonel Vigneron en alpinist Xavier de Grunne lang niet zo goed te rijmen met de figuur van Albert I als met deze van Leopold III die zij tot het autoritaire staatshoofd van België wilden kronen. De Grunne brak later met Degrelle en ging tijdens de Tweede Wereldoorlog in het verzet, maar dat heeft geen belang voor zijn positie in die vroege jaren dertig. 




Had de Rexist, ooit de rechterhand van Degrelle, een motief voor een cover-up? Als Rex de financiering door Hitler veilig wilde stellen, of gewoon goede maatjes wilde blijven met hun Germaanse geestesgenoten... denk ik van wel. Had Hitler dan een motief om koning Albert uit de weg te ruimen? Vies van een politieke moordaanslag in het buitenland waren de nazi's allerminst: zo zouden zij in juli 1934 de dictator van Oostenrijk neerleggen, Engelbert Dollfuss. En in oktober 1933 - een half jaar na zijn machtsovername - eiste Hitler al 'gelijkberechtiging' wat de bewapening betrof, en trok hij Duitsland terug uit de Ontwapeningsconferentie en de Volkerenbond. Albert I volgde deze gevaarlijke bocht en de breuk met de naoorlogse veiligheidsorde met argusogen. Hij was bang voor zowel een nieuw Duits militair overwicht én een nieuwe algemene wapenwedloop. Kort na zijn dood, op 6 maart 1934, hield eerste minister Charles de Broqueville een toespraak die wellicht ook de visie van Albert weerspiegelde: tegenover de razendsnelle Duitse herbewapening moest men kiezen tussen preventieve oorlog of een algemene beperking van bewapening. Het was beter te onderhandelen dan zich te laten meeslepen in een nieuwe wapenwedloop. 

De positie van België in dit alles was voor nazi-Duitsland van het allergrootste belang. Met de stem van Albert werd toen nog rekening gehouden op het politieke toneel. Voor Albert mocht neutraliteit geen papieren illusie zijn, België moest zich kunnen verdedigen. Voor zijn zoon, de latere Leopold III, betekende dit dat België zich moest losmaken uit te nauwe Frans-Britse of Frans-Belgische militaire afhankelijkheden en een strikt zelfstandige positie moest innemen. Die politiek werd in het jaar van de mislukte staatsgreep, op 14 oktober 1936, door Leopold tegenover zijn ministers verdedigd. Het moet Duitsland als muziek in de oren geklonken hebben: na 1936 leidde deze houding onder meer tot het stopzetten van officiële stafcontacten met Frankrijk. Albert I wantrouwde de herbewapening van Duitsland; voor Leopold was dat een reden om Belgische zelfstandigheid te verkiezen boven de zekerheid van een bondgenootschap. Dat lijkt me toch wel een fundamenteel verschil.
 
Is dit een bewijs? Nee, dat is het niet. Mijn hypothese houdt wel met àlle bekende factoren rekening, zonder de geschiedenis in de pure feiten geweld aan te doen, en laat niet met opzet cruciale elementen buiten beeld omdat ze niet in mijn kraam passen. Johan Op de Beeck maakt, zeer terecht, het onderscheid tussen 'een complottheorie' en 'complotdenken'. Het eerste is rationeel onderbouwd, het tweede hoeft dat niet te zijn. Maar dan moet je dit onderscheid ook toepassen op je eigen werk en in je historische fictie geen aanslag plegen op de ratio en op de feiten, om een (com)plot op te zetten dat, bij nader onderzoek, zelfs voor hardhorigen heel hard gaat rammelen.

  

26.5.26

De ogen van ons moe - in memoriam Justine Onverwagt, 1940-2026

 


Broer Fernand speelt gitaar
bij De ogen van ons moe
en vertolkt het lied.
Broer Johan dook in zijn foto-archief.
Zelf schreef ik de tekst, net zoals de muziek
geïnspireerd door Les yeux de ma mère van Arno.
Haar kleindochter Kaat Bernauw
speelt de sax solo.

In Memoriam Justine Onverwagt,
2 mei 1940 - 13 mei 2026

28.4.26

Literaire wedstrijd voor flitsverhalen naar het boek "Groetjes uit de Vierde Dimensie" van Patrick Bernauw

 


Uitgeverij vzw de Scriptomanen schrijft een literaire wedstrijd uit voor flash fiction op basis van het nieuwe boek van Patrick Bernauw, Groetjes uit de Vierde Dimensie. U moet er wel voor afzakken naar Kunstoevers, Aalst op 23, 24 of 25 mei 2026... of over het boek beschikken, verkrijgbaar bij o.a. Standaard Boekhandel. 




Groetjes uit de Vierde Dimensie is een boek vol postkaarten (Vlaanderen) of ansichtkaarten (Nederland) uit werelden die nét niet bestaan. Ze zijn vergezeld van ultrakorte verhalen, "microfictie" over vergeten plekken, onmogelijke ontmoetingen, tijd die zich vergist, herinneringen die vooruitlopen op zichzelf. De sfeer is dromerig, ontregelend, soms melancholisch en dan weer ronduit griezelig, maar altijd speels en poëtisch.

De reeks ontstond uit analoge blackout poetry ("stiftgedichten") en collages die Patrick Bernauw de afgelopen jaren maakte, en die hij liet dialogeren met artificiële intelligentie, in een voortdurende wisselwerking van woord en beeld. "Omarm het toeval," luidde het motto, en ga er creatief mee aan de slag.

Uitgeverij vzw de Scriptomanen schrijft een wedstrijd uit voor een microfictie van maximum 200 woorden (titel niet meegerekend), geïnspireerd door - naar keuze - één van drie postkaarten uit het boek, die ook tentoongesteld worden op het artistiek stadsfestival Kunstoevers te Aalst, op 23, 24 en/of 25 mei 2026. Elke auteur mag meedingen met één inzending per titel.

Patrick Bernauw stelt Groetjes uit de Vierde Dimensie voor op 23 mei, om 15 uur, in het kader van het literair festival Scriptomanen in the Mojo, dat deel uitmaakt van Kunstoevers. Dit literair festival gaat door in bluescafé The Mojo, Rozemarijnstraat 7 te Aalst, op 23, 24 en 25 mei 2026, telkens van 13.00 tot 18.00 uur. Het volledige programma vindt u hier.

Tijdens zijn boekvoorstelling zal Patrick Bernauw niet alleen de drie postkaarten in kwestie bekend maken, ze zullen ook opgenomen zijn in een doorlopende videolus in The Mojo, tussen de optredens door. Tevens worden de drie postkaarten/kunstwerken op groot formaat  tentoongesteld in de Foyer van CC De Werf, Molenstraat 51, Aalst. Wie zich het boek heeft aangeschaft en een mailtje stuurt naar de uitgever via info@inter-actief.be zal eveneens bericht krijgen over de titels van de drie kunstwerken. 

Uiterste inzenddatum: 24 mei, 12.00 uur. De inzending dient te gebeuren via de mail (info@inter-actief.be) en in een Word document, Times New Roman 12 pt, anderhalve interlinie.

Wat valt er te winnen? Privé schrijfcoaching of redactie door Patrick Bernauw ter waarde van 500 euro. En een blackout poetry kunstwerk.

De beslissing van de Scriptomanen jury en de prijsuitreiking - indien de laureaat aanwezig is - zullen gebeuren tijdens het programma van Scriptomanen in the Mojo op 25 mei, dat start om 14 uur. Uiteraard ontvangen alle deelnemers voor eind mei ook een bericht over de uitslag. 




25.4.26

Scriptomanen in the Mojo, literair festival op Kunstoevers Aalst

 


In het kader van het artistiek stadsfestival Kunstoevers, organiseren we met Scriptomanen in the Mojo een heus literair driedaags festival (23, 24 en 25 mei) in het bluescafé The Mojo, Rozemarijnstraat 7, Aalst. 

Alle informatie en het volledige programma: hier!

Op zaterdag 23 mei om 15 uur stel ik daar mijn nieuwe boek voor, Groetjes uit de Vierde Dimensie - een magischrealistisch fotoboek met ultrakorte verhalen en postkaarten. Alle info: hier!



Op zondag 25 mei om 15 uur komt BeeldSpraak aan de beurt, een album met redelijk absurde cartoon collages. Alle info: hier!


22.4.26

Alternatieve Feiten: Wat als de Belgische Revolutie mislukt was?



Stel dat een opera-avond in Brussel net iets anders was verlopen, de Nederlandse cavalerie wel op tijd kwam en de Belgische Revolutie van 1830 bloedig werd neergeslagen... 

Eigenlijk ben ik op zoek naar een oud krantenartikel, bij valavond, in een halfdonkere kamer, achter mijn laptop met te veel tabbladen open. Ik doe wat research over de rellen van 25 augustus 1830, over De Stomme van Portici en hoe een opera een land kan laten ontploffen. Google leidt me steeds weer naar dezelfde pagina’s, Wikipedia helemaal bovenaan. Ik klik geïrriteerd verder in de zoekresultaten en beland op een pagina die er uitziet alsof ze een kwarteeuw geleden is gebouwd. Grijze achtergrond, en dat duffe Courier lettertype:
MULTI – Multiversum Lokaal Toegangsinterface. 
Een onderzoeksproject van het Europees Centrum voor Quantum-Historische Simulatie. Bètaversie – niet voor publiek gebruik.
Ik moet erom lachen. Dit ruikt verdacht veel naar een vergeten alternate reality game, een ARG zoals ik er een paar decennia geleden zoveel gemaakt heb. Of misschien gaat het om een kunstproject, of een grap van een informaticastudent. Maar er is een tekstveld, en een knop Formuleer uw toegangsvraag.
Uit pure balorigheid typ ik: 'Zoek mij een quantum-historische toegangspoort naar een wereld waarin de Belgische Revolutie van 1830 mislukt is.’

Wat als ik vervolgens in een wereld terechtkom waar koning Willem-Alexander II die dag officieel de nieuwe federale regeringszetel in Brussel opent? Het gebouw, dat de naam de Noordzeepoort draagt, moet symbool staan voor de eenheid van onze natie, van Groningen tot Aarlen. De inhuldiging gaat gepaard met een militaire parade en een concert van het Koninklijk Noordzeelands Harmonieorkest.
Het Ministerie van Taalharmonie en Regionale Gevoeligheden maakt die dag ook de nieuwe Taalharmonie-index bekend. Volgens voorlopige cijfers zou het aantal geregistreerde taalincidenten in het parlement gedaald zijn tot veertien. Dat is een historisch laag cijfer.
En dan is er nog goed nieuws voor de boeren: na weken van onderhandelen is er eindelijk een akkoord bereikt over de kaasquota. De noordelijke en zuidelijke provincies hebben een compromis gevonden over de exportverhouding tussen Gouda en Orval. De beruchte Kaascrisis lijkt daarmee voorlopig bezworen...

Maar hoe verliep de Eerste Wereldoorlog dan, als daar een groot en sterk Noordzeerijk in de weg lag voor een Duits offensief? En als die Grote Oorlog niet eindigde op het trauma van Versailles, is het dan mogelijk dat ene Adolf Hitler tot een voetnoot in de geschiedenis zou worden gereduceerd? Dat kom je nog niet te weten in het eerste deel van de podcast reeks Alternatieve Feiten: Wat als de Belgische Revolutie mislukt was? Maar je kunt het wel al lezen in het ebook.




Alternatieve Feiten is een mix van historische verbeelding, sciencefiction en "journalistiek", met scherpe "wat als?"-scenario's, geschreven met de meeslepende pen en de humor van Patrick Bernauw. Ook in zijn andere werk zocht hij graag de gebieden op waar historische fictie en non-fictie elkaar overlappen. Dat is in het eerste deel van deze reeks niet anders...

Deze eerste aflevering van de serie Alternatieve Feiten werd gemaakt door Patrick Bernauw (script & stem), Antoine Derksen (stem & sound design) en Casper Derksen (stem). Geluidseffecten: freesound.org



9.4.26

Enkele voorproefjes uit mijn nieuwe boek "Groetjes uit de Vierde Dimensie"


Enkele voorproefjes uit mijn nieuwe boek, met ultrakorte verhalen (microfictie) over een gezelschap van zielen op een kerkhof van de Grote Oorlog, een lezing van een merkwaardige professor in Brussel die het "levenselixir" zou hebben uitgevonden, efljes (en hun relatie tot ons, mensen), merkwaardige toestanden in een mortuarium, een keurige heer in de metro die zo uit zijn poster stapt en elektriserende kussen.

Ter gelegenheid van Kunstoevers op 23, 24 en 25 mei 2026 stel ik deze en meer Groetjes uit de Vierde Dimensie voor in bluescafé The Mojo, Rozemarijnstraat 7 te Aalst Het boek kost in de handel €28, in the Mojo €25.  
 



Groetjes uit de Vierde Dimensie is een paperback van 105 bladzijden, in liggend rechthoekig formaat, alle postkaarten zijn in kleur. 


Patrick Bernauw
Groetjes uit de Vierde Dimensie
Postkaarten (Vlaanderen) of ansichtkaarten (Nederland) uit werelden die nét niet bestaan, vergezeld van ultrakorte verhalen, "microfictie" over vergeten plekken, onmogelijke ontmoetingen, tijd die zich vergist, herinneringen die vooruitlopen op zichzelf.
€28,00 Paperback

Groetjes uit de Vierde Dimensie is een boek vol postkaarten (Vlaanderen) of ansichtkaarten (Nederland) uit werelden die nét niet bestaan. Ze zijn vergezeld van ultrakorte verhalen, "microfictie" over vergeten plekken, onmogelijke ontmoetingen, tijd die zich vergist, herinneringen die vooruitlopen op zichzelf. De sfeer is dromerig, ontregelend, soms melancholisch en dan weer ronduit griezelig, altijd speels en poëtisch.

De reeks ontstond uit analoge blackout poetry ("stiftgedichten") en collages die Patrick Bernauw de afgelopen jaren maakte, en die hij liet dialogeren met artificiële intelligentie, in een voortdurende wisselwerking van woord en beeld. "Omarm het toeval," luidde het motto, en ga er creatief mee aan de slag. Dit boek is geen verzameling van bestemmingen, maar van onverwachte doorgangen naar de vierde dimensie. Heel wat verhalen zijn bovendien verwerkt in diverse podcast afleveringen en de postkaarten zijn ook apart beschikbaar, in groot formaat. 




in zijn dromen ziet

hij elfjes als legitiem

object van studie


De ansichtkaart was vergeeld, als een kies waaraan de tijd te lang had geknaagd. Hij was erop te zien, net zo goed als het object van zijn studie dat hij nog nooit écht had waargenomen.

Overdag was hij docent Nederlands. Hij droeg nette colberts, was welgemanierd en schreef af en toe een haiku volgens de regels van die kunst. ’s Avonds werd hij wat anders: een man die met een vergrootglas boven een antiek boek zat, een stuk steen uit een voorhistorisch grafmonument, een schelp uit de zee…  wachtend tot de lucht zich zou herinneren dat ze ooit vol kleine wezens had gezeten. Hij hield notitieboekjes bij met kopjes als Vleugelstand bij schrikreactie en Lichtabsorptie in maanstof. Zijn collega’s lachten hem uit. Zijn vrouw zweeg erover in alle talen. Wat erger was.

Maar hij wist dat ze er waren. Niet de suikerroze varianten uit de kinderboeken, maar scherpe, nerveuze verschijningen: doorschijnend als rook, met ogen als speldenkoppen en stemmen als papier dat scheurt. Soms, op de rand van dromen en waken, zaten ze aan zijn bed en keken hem aan alsof híj de curiositeit was. Dan lieten ze hem meten: de lengte van een schaduw, het gewicht van een mompeling. Soms trokken ze een haar uit zijn wenkbrauw en hielden die tegen het sterrenlicht, ernstig als laboranten.

Op een nacht ging hij te ver. Hij zette een val op — een glazen stolp met een druppel honing en een ring van zout. Hij hoorde ze lachen, heel zacht. De volgende ochtend was de kaart veranderd. Ze hadden er een bericht op geschreven, in onzichtbare inkt die pas zichtbaar wordt in de vierde dimensie.  



Hier vind je alle posts over Groetjes uit de Vierde Dimensie.








12.3.26

Groetjes uit de Vierde Dimensie: fotoboek met microfictie van Patrick Bernauw

 






DE ZEE LEEST MEE - BLACKOUT POETRY - DE VUURTORENWACHTER

Deze aflevering van Groetjes uit de Vierde Dimensie bevat bovenstaande drie audio postkaarten, die visueel en in geschrifte terug te vinden zijn in het gelijknamige boek. Teksten, regie en productie: Patrick Bernauw. Muziek, geluidseffecten, stemmen: Suno. 

Ter gelegenheid van Kunstoevers op 23, 24 en 25 mei 2026 stelt Patrick Bernauw zijn nieuwe boek Groetjes uit de Vierde Dimensie voor in bluescafé The Mojo, Rozemarijnstraat 7 te Aalst Het boek kost in de handel €28, €25 in the Mojo. Groetjes uit de Vierde Dimensie is een paperback van 105 bladzijden, in liggend rechthoekig formaat, alle postkaarten zijn in kleur. 
 
Groetjes uit de Vierde Dimensie is een boek vol postkaarten (Vlaanderen) of ansichtkaarten (Nederland) uit werelden die nét niet bestaan. Ze zijn vergezeld van ultrakorte verhalen, "microfictie" over vergeten plekken, onmogelijke ontmoetingen, tijd die zich vergist, herinneringen die vooruitlopen op zichzelf. De sfeer is dromerig, ontregelend, soms melancholisch en dan weer ronduit griezelig, altijd speels en poëtisch.De reeks ontstond uit analoge blackout poetry ("stiftgedichten") en collages die Patrick Bernauw de afgelopen jaren maakte, en die hij liet dialogeren met artificiële intelligentie, in een voortdurende wisselwerking van woord en beeld. "Omarm het toeval," luidde het motto, en ga er creatief mee aan de slag. Dit boek is geen verzameling van bestemmingen, maar van onverwachte doorgangen naar de vierde dimensie. Heel wat verhalen zijn bovendien verwerkt in diverse podcast afleveringen en de postkaarten zijn ook apart beschikbaar, in groot formaat. 

Hier vindt u alle posts op de website van de auteur over Groetjes uit de Vierde Dimensie.


Patrick Bernauw
Groetjes uit de Vierde Dimensie
Postkaarten (Vlaanderen) of ansichtkaarten (Nederland) uit werelden die nét niet bestaan, vergezeld van ultrakorte verhalen, "microfictie" over vergeten plekken, onmogelijke ontmoetingen, tijd die zich vergist, herinneringen die vooruitlopen op zichzelf.
€28,00 Paperback








2.3.26

BeeldSpraak: In naam van de veiligheid!

Een voorproefje uit BeeldSpraak


Ter gelegenheid van Kunstoevers op 23, 24 en 25 mei in Aalst stel ik  mijn bundel 'gecartooniseerde collages' voor, BeeldSpraak. Het boek kost €20. 

Alle verdere praktische info vind je op deze link.



Patrick Bernauw is vooral bekend als auteur van magisch-realistische verhalen en historische faction thrillers. Maar hij heeft ook een redelijk onnozele hersenhelft, waarin hij een bekend surrealistisch principe toepast: haal minimum twee dingen uit hun context, zet ze bij elkaar, en zie wat er gebeurt. Zo doet hij al vele jaren, bij wijze van wat hij zelf een hobbyproject noemt, aan knip- en plakwerk - analoog, digitaal en sinds kort zelfs met een artificieel intelligent assistent. De absurdistische gecartooniseerde collages die hieruit resulteerden, brachten bij hem telkens een spontane giechel teweeg. Hij hoopt van u hetzelfde.

Van al de collage cartoons in deze bundeling zijn al dan niet gepersonaliseerde prints beschikbaar, vraag het na via info@inter-actief.be.









Podcast Luisterboeken