27.7.15

Satans Lied bij Het Lam Gods in Rennes-le-Château



In juli 2015 was ik in Rennes-le-Château, het Zuidfranse dorpje dat door pastoor Bérenger Saunière wereldberoemd werd gemaakt. Ik bracht wat foto's mee en een stuk of wat bedenkingen. Over 'parallellismen' bijvoorbeeld.



Je kent het verhaal ongetwijfeld. Bérenger Saunière zou op het eind van de negentiende eeuw in zijn kerkje een schat ontdekt hebben van Visigoten, Katharen, Tempeliers... Of tenminste toch aanwijzingen die leidden naar een bergplaats. Al kan het ook een geheim geweest zijn met betrekking tot de Ark des Verbonds, de Graal, eventueel zelfs documenten met de stamboom of 'het Heilig Bloed' van de nakomelingen van Jezus Christus en Maria Magdalena.


Het verhaal werd door Baigent, Leigh & Lincoln in de vroege jaren 80 van de vorige eeuw het startpunt van een wereldwijde en controversiële non-fictie bestseller, Het Heilig Bloed en de Heilige Graal... Hun succes werd 20 jaar later door Dan Brown nog eens dunnetjes overgedaan met zijn historische thriller De Da Vinci Code.


Terribilis Est Locus Iste

Hoewel Bérenger Saunière wel degelijk iets heeft ontdekt en ongetwijfeld de mystieke en occulte kringen van zijn tijd frequenteerde, was hij ongetwijfeld ook een Meester van de Mystificatie en blijven zijn ultieme bedoelingen gehuld in mysterie. Zelf koester ik al een kwarteeuw de overtuiging dat hij deel uitmaakte van een netwerk, waarvan het hart zich niet in de Languedoc situeerde, maar een heel stuk noordelijker: in Brugge en Orval. Als Saunière, zoals beweerd wordt, te gast was in de occulte kringen van Parijs, dan kan hij niet anders dan daar kennis gemaakt hebben met de 'demonische' kapelaan van de Heilig Bloed Kapel van Brugge. Deze Louis Van Haecke werd door Joris-Karl Huysmans in zijn schandaalboek Là-Bas onsterfelijk gemaakt als de 'oppersatanist' chanoine Docre. Ik heb over deze mysterieuze geschiedenis van desinformatie en black propaganda geschreven in Het Bloed van het Lam en vooral ook, samen met de betreurde Philip Coppens, in De Paus van Satan. 



Het Heilig Bloed werd door de Tempeliers van het eerste uur en de graaf van Vlaanderen, Diederik van den Elzas, naar Brugge gebracht. Zijn zoon Filips zou aan Chrétien de Troyes de stof leveren voor het eerste, onafgewerkt gebleven Graalverhaal. Een slordige 250 jaar later verwerkte Jan Van Eyck deze geheimen gecodeerd in de polyptiek van het Lam Gods, en nog eens vijf eeuwen later raakten de adepten van het nazi occultisme ook ten zeerste gefascineerd door het 'ketterse' kunstwerk. Het zijn elementen die door zowel de mainstream als 'alternatieve' fringe historici over het hoofd zijn gekeken, omdat zij de geschiedenis van de Graal of de Tempeliers vanuit een zeer eenzijdig Frans of Engels standpunt schrijven. Maar wie beide verhalen objectief bekijkt, zal moeten toegeven dat het verhaal van Louis Van Haecke veel beter gedocumenteerd is dan dat van Saunière... en dat zij onmiskenbaar een boel parallellen hebben, die we bezwaarlijk louter aan het toeval kunnen toeschrijven. 


Een muurschildering in RLC die veel beter 
Van Haecke als onderwerp zou gehad hebben.

Wie het kerkje van Saunière bezoekt, in Rennes-le-Château, zal bij de ingang verwelkomd worden door een knielende Satan ('Rex Mundi')... en vervolgens zal je blik vallen op een Ecce Agnus Dei. Of: Johannes de Doper die Jezus Christus voorstelt aan de wereld, met de woorden: 'Ziehier het Lam Gods.'



We vinden zowel het Lam Gods als het mysterie van Rennes-le-Château terug in Satans Lied van Karl Hammer. Het boek pretendeert non-fictie te zijn en 'de jacht van de CIA op Jezus' te behandelen, maar is uiteindelijk zelf een zeer fictieve proeve van het het soort desinformatie en black propaganda waar het over handelt, en zelfs zijn titel aan ontleent. Helemaal op het eind vertelt de contactpersoon van Karl Hammer, ene Tom R., dat hij zijn mooiste tijd beleefde in het midden van de jaren '50, toen hij de Franse schrijver Gérard de Lieux ontmoette, die - met een knipoog naar de pauselijke zetel Santa Sede - het pseudoniem Gérard de Sède hanteerde:



Slechts af en toe vond ik een journalist die dan in de krant een artikel schreef over de pastoor die schatrijk was geworden door een verborgen schat. We overwogen daarom een boek te publiceren waarin we in geuren en kleuren over de verborgen schatten rond Rennes-le-Château schreven. Lastig was dan wel dat we een uitgeverij moesten benaderen en daarmee onvermijdelijk in de openbaarheid zouden treden. Liever had ik iemand die ik kon gebruiken als 'doorgeefluik'. Een van de krantenartikelen kwam terecht bij Gérard de Lieux. Hij zocht in die tijd nog zijn weg als schrijver en was natuurlijk, zoals alle aankomende schrijvers, op zoek naar een bestseller.Toen ik hem bij onze eerste ontmoeting aankeek, wist ik dat ik mijn doorgeefluik had gevonden.





Ons eigen manuscript verdween in een lade en we begonnen hem stap voor stap met informatie te voeden. Als een volgzaam lam brachten we hem binnen in onze omheining van bedrog en zijn publicaties werden letterlijk onbetaalbaar. Temeer omdat wij via hem in contact kwamen met BBC-schrijver en acteur Henry Soskin, die zijn naam wijzigde in Lincoln en volgens Gérard 'op zoek was naar materiaal om zijn carrière een beetje vaart te geven'. (...) Het zorgde voor een fascinerend schaakspel waarbij ik moest proberen om valse informatie te voeden, terwijl ik wist dat er in Engeland professionele producers en redacteuren de zaken evalueerden. (...) Als ik herkend werd door iemand van de BBC als de Hollander die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Londen had gewoond (diverse mensen van Bletchley Park waren bij de BBC terechtgekomen), dan was de ramp voor mij en Elfrie niet te overzien. Ik won het schaakspel. 


En het was minder moeilijk dan ik dacht, want al te kritische vragen bleven achterwege. Niemand vroeg zich bijvoorbeeld af waarom de rijke priester toch arm gestorven was. Jarenlang groeide het labyrint en net als Otto Rahn en Antonin Gadal in hun tijd, deden we steeds nieuwe 'vondsten' die we meestal zelf hadden gefabriceerd. We verzonnen bijvoorbeeld lange lijsten met namen van historische schatbewakers die we door Gérard en Henry lieten ontdekken bij onze bibliothecaris in Parijs. Het was werkelijk onvoorstelbaar dat de mannen niet in de gaten hadden dat bijvoorbeeld Jean Cocteau, die we als grootmeester opvoerden, een notoire, homoseksuele opiumverslaafde was die meer tijd in afkickcentra doorbracht dan ergens anders.(...)  




Helaas verloren we over de periode van enkele tientallen jaren de regie en begon het labyrint zich als een virus ongecontroleerd op te delen en te vermenigvuldigen. Niemand van ons had bij de aanvang rekening kunnen houden met de ontzaglijke wildgroei die ontstond door de nieuwe media van televisie, video, cd, dvd, en vooral internet. (...) Het werd tijd om barsten in de spiegels te gooien, dus misschien moest iemand van ons toch maar een eigen boek schrijven.


Voor wie er nog mocht aan twijfelen: de 'contactpersoon' van Karl Hammer heeft Baigent, Leigh & Lincoln dus de 'hoax' opgelepeld, die uiteindelijk tot De Da Vinci Code leidde. Het relaas van Tom R. wordt op geen enkel moment door Hammer gecheckt, is voor het grootste deel 'geleend' (zonder bronvermelding) en in zijn totaliteit compleet ongeloofwaardig, want in strijd met héél wat feiten. Toch wordt het door Hammer verkocht als een 'waargebeurd verhaal'. Hij hanteert in Satans Lied identiek dezelfde 'modus operandi' als zijn zegsman, de voormalig CIA-agent Tom R. - en Noël Corbu, Gerard de Sède en vooral Pierre Plantard en de 'Priorij van Sion', die aan de basis zouden liggen van Het Heilig Bloed en de Heilige Graal en de bibliotheken die in hun slipstream over dit onderwerp bij elkaar gepend werden.  


Sint-Antonius van de Verloren Voorwerpen

Des te merkwaardiger is het, dat de twee heilige Antoniussen die we terugvinden in het kerkje van Rennes-le-Château, ook vertegenwoordigd zijn in Leven & Werk van Karl Hammer: Sint-Antonius van Padua, Patroon van de Verloren Voorwerpen, met de lelie als attribuut; en Sint-Antonius de Egyptenaar - ook wel de Heremiet genoemd -, herkenbaar aan attributen als het Tau Kruis of Antoniuskruis, de bel of het varkentje. (Met dank aan Ton Majoor - de beide Antoniussen worden nogal eens met elkaar verward). Een Antoniuskapel, al dan niet gewijd aan de Patroon van de Verloren Voorwerpen, speelt een vooraanstaande rol in het Mysterie van Mittenwald. En de Heilige Antonius van het Tau Kruis is niet weg te denken uit Satans Lied en uit de Mysteries van het Lam Gods.

Sint-Antonius de Heremiet (van het Tau Kruis)

Het tweede boek van Karl Hammer, De tranen van de wolf / Gezocht: codebrekers handelt aan de oppervlakte over de zoektocht naar een nazischat, op basis van een gecodeerde muziekpartituur, in het Beierse Mittenwald. Onder de oppervlakte is het echter om een queeste naar een nazi heiligdom te doen - de Irminsul, Yggdrasil, Levensboom -, en de daarmee samenhangende occulte initiatie. Met Philip Coppens heb ik het meer dan eens over het Enigma Karl Hammer gehad. Philip heeft de zelfverklaarde Ebioniet nog geïnterviewd over Satans Lied; Hammer droeg bij die gelegenheid heel opzichtig het Tau kruis. Het hanteren van een dubbelzinnige symboliek is een handelsmerk van Hammer: de Tau kan zowel voor de Egyptische Mysteriën staan, als voor Sint-Antonius de Egyptenaar, en is het teken van de Franciscanen maar wordt ook geassocieerd met de paganistische Irminsul én met de Hamer van Thor, die beide tot de verbeelding van de nazi's spraken.


Zelf heb ik altijd het gevoel gehad dat een aantal onderzoekers met betrekking tot de nazi schat van Mittenwald materiaal 'opgelepeld' kregen, op de manier zoals Tom R. te werk zou zijn gegaan met De Sède, Lincoln & Co. Dit gebeurde onder meer via merkwaardige lemma's of wijzigingen aan lemma's op Wikipedia, door vreemde discussies op bijvoorbeeld het Graham Hancock forum, of door het anonieme bezorgen van links die naar een Antoniuskapel zouden leiden. Het is uiteraard niet meer dan een indruk, maar de parallellen zijn nu eenmaal feiten. Zoals het ook een feit is dat Philip Coppens vier jaar na het interview van Hammer een ontdekking deed, waarvan hij noch ik toen konden vermoeden dat ze opnieuw een niet te miskennen parallel Rennes-le-Château/Mittenwald bevatte. In De Hamer van Thor en op www.rauna.eu wordt reeds gemeld dat Ysa Pastora door het decoderen van de muziekpartituur naar de Irminsul van Mittenwald werd geleid, ook bekend als de Yggdrasil of de Levensboom. In een ebook dat Philip Coppens kort voor zijn dood publiceerde, wordt aangetoond dat Bérenger Saunière de verbouwingen aan de kerk van Rennes-le-Château, de aanleg van de tuin en de Tour Magdala op het grondplan van de Levensboom entte, zoals we die kennen uit de kabbala. 




Kort na mijn terugkeer uit Rennes-le-Château kreeg ik een berichtje van de mama van Filip (die bijna uitsluitend in het Engels publiceerde als Philip Coppens). Het grootste deel van zijn nalatenschap was in de USA gebleven, bij zijn echtgenote, de schrijfster Kathleen McGowan. Philip woonde al sinds eind jaren negentig in Londen, daarna in Edinburgh, en de laatste - zeer gelukkige - jaren van zijn leven in Los Angeles. Maar hij had in zijn ouderlijk huis ook nog een bureau, en boeken, en archieven - waarvan het grootste deel in het Nederlands. Na ruggenspraak met Kathleen, vroeg de mama van Philip zich af of ik misschien geïnteresseerd was in die boeken, tijdschriften, mappen met notities, correspondentie. Het was een betekenisvolle coïncidentie zoals ik er zo veel heb meegemaakt, en nog meemaak. 'Natuurlijk wel!' zei ik dus.

Zicht op de tuin

Eén van de allereerste typoscripten en correspondenties die ik bekeek, had te maken met een andere oude bekende: Jos Bertaulet. En met zijn boek De verloren koning en de bronnen van de graallegende (1991), die ook een rol speelt in Satans Lied. Bertaulet is - samen met Klaas Van Urk - een van de weinige onderzoekers die op basis van een decodering iets zeer concreets hebben gevonden. In zijn geval betrof het een kelder in Notre Dame de Marceille, 'een geheim oord in de geschiedenis van Frankrijk'. Het leidde alvast tot dit, laten we zeggen, nogal 'impressionistisch' artikel. Maar het ziet er naar uit dat er nog heel wat stukken zullen volgen, die veel concreter zullen zijn.

23.6.15

Wablieft blaast 30 kaarsjes uit en doet een oproep



Bij Wablieft, 'het centrum voor duidelijke taal', publiceerde ik enkele jaren geleden het boekje De Roof van de Rechters. Ziehier een duidelijke boodschap bij 30 jaar Wablieft:



"Wablieft blaast 30 kaarsjes uit. Reden genoeg om te vieren. Maar onze doelgroep heeft het steeds moeilijker om onze kranten en boeken te betalen. En we zijn meer dan ooit broodnodig. Meer dan 1 op 7 kan niet voldoende lezen om volwaardig aan onze samenleving deel te nemen. Toegankelijke info is een recht. En onze boeken bezorgen laaggeletterden leesplezier, een voorwaarde om goed te leren lezen en grenzen te verleggen.
We gaan in zee met een creatieve ploeg die voor een klein bedrag een mooi product maakt. Met een filmpje willen we Vlaanderen wakker schudden en onze doelgroep wegwijs maken in ons aanbod. Onze lezers komen aan het woord en vertellen wat laaggeletterdheid voor hen betekent. Evengoed zien we hoe een eigen krant in je brievenbus de eigenwaarde kan verhogen en voor sommigen echt het verschil maakt. Auteurs van onze boeken en voormalige winnaars van de Wablieft-prijs tonen hun betrokkenheid en zorgen voor voldoende aandacht.
Dit filmpje kan online door al onze partners gedeeld worden. Door onze recente samenwerking aan Heerlijk Helder Hautekiet van Radio 1 proberen we ook klassieke media te bereiken. Dit project is slechts een deel van onze sensibiliseringsacties dit jaar, maar wel een belangrijk deel. En eentje dat meer vereist dan onze kennis en enthousiasme."

19.6.15

Een goeie chat met Huub Kampen

Screenshot Ignace Lepage www.codebrekers.be
"Zeg het met een bloem!"

Gisteravond een goede chat gehad met codebreker en schattenjager Huub Kampen, naar aanleiding van mijn bericht Een hack gezet? Open brief aan Mark Harlem aka Karl Hammer. Huub had zich op Facebook de naam Mark Harlem aangemeten, een van de pseudoniemen waaronder Karl Hammer actief is geweest. Toen ik hem er attent op maakte dat dit eigenlijk strafbaar is, tenzij hij over toestemming van de Grote Baas beschikte, zei hij 'de volledige toestemming van de Grote Baas' te hebben. Er waren in dat geval twee mogelijkheden: ofwel maakte Huub een (eigenlijk illegale) grap, ofwel sprak ie gewoon de waarheid en werkte hij samen met Karl Hammer.

De tweede optie leek bevestigd te worden door een aantal Toevalligheden van het soort dat we voortdurend tegenkomen in het verhaal van Karl Hammer: dezelfde initialen (HK-KH), de stad Delft, de mogelijkheid om door Hammers verandering van geboortejaar (van 1959 naar 1969) en met het numerologische geboortegetal 8 de onder neonazi's welbekende Hitlergroet (Heil Hitler - HH - 88) te brengen. Maar natuurlijk... Toeval bestaat, zoals ik ook in het artikel opmerkte. Ik geloof zelfs in synchroniciteiten en betekenisvolle coïncidenties, lees er Waarom ik een magisch-realist ben maar op na (en kijk hieronder even naar het bedrag exclusief BTW dat ik betaalde voor drie boekjes over runen).

Maar... ergens moet het Toeval toch ophouden. De vraag is alleen: waar?

Want er was nog het eerstehandsmateriaal waarover Huub beschikte, en dat nu eens wel, dan weer niet verwees naar Antoniuskapel en Tonihof. En ook de hack die mij in het tweede semester van 2014 werd gezet, tot vijf maal toe, speelde in mijn achterhoofd. Uiteindelijk werden de herhaaldelijke hackings gesigneerd door de 'graal', die je - enigszins eufemistisch - een onderwerp van discussie zou kunnen noemen tussen mij en Karl Hammer. In  2009 maakte ik immers publiek dat Satans Lied samengesteld was uit ideeën die zonder bronvermelding waren ontleend aan mijn boeken, en aan die van tal van andere schrijvers, onder wie Jos Bertaulet en Peter Voorn (eveneens gehacked - en de lijst is niet volledig). Er was, ten slotte, de voortdurend terugkerende verwijzing, door Karl Hammer, naar de teams van naamloze experten in allerlei domeinen met wie hij nauw samenwerkte. En Huub had het ook wel eens over zijn team.

Maar oké, een goeie chat kan wonderen doen. Huub wist mij ervan te overtuigen dat het gebruik van het pseudoniem Mark Harlem een staaltje van de reeds van hem gekende 'hubor' was; hij is nu eenmaal een Aprilvis (want geboren op 1 april, jawel). Op het internet had hij zelf het verband gelegd tussen Hammer=Hamer=Martel, nog voor De Morgen erop wees dat Karel Martel het nieuwe icoon van extreemrechts is. En ook dat is best mogelijk. Huub Kampen werkte, kortom, niet samen en had ook geen contact (om toestemming te vragen) met Karl Hammer. En ik geloof hem.

De overeenkomsten berusten op Toeval; en het was Karl Hammer die zijn geboortejaar veranderde, niet Huub. Als Huub al eens over erg eerstehands lijkend materiaal blijkt te beschikken, dan komt dat omdat hij inderdaad samenwerkt met een team (zoals Ysa Pastora eigenlijk een collectief is) dat ook zijn weg op het web weet te vinden. Tenminste, zo heb ik het toch begrepen. Dat er daarbij interessante ontdekkingen worden gedaan, ligt voor de hand. Huub heeft mij een van zijn bronnen getoond, en opnieuw: ik geloof hem. Zoals ik hem ook geloof als hij zegt dat zijn team zich niet bezig houdt met hacken, dat nooit gedaan heeft en nooit zal doen.

Daarmee lijkt deze kwestie mij uitgeklaard; ik zal dan ook nog een verkorte versie van dit stuk bovenaan de post Een hack gezet? plaatsen. Wat mij betreft, kan dit blad worden omgedraaid.




In de rand van onze chat werd ook gesproken over het begrip 'laster'. Dat komt neer op 'het kwaadwillige verwijten van een persoon', zodat 'de eer aangetast wordt' en de persoon 'wordt blootgesteld aan publieke verachting', en zonder dat men bij dit alles bewijzen levert. Ook valt in deze zaak nogal eens de term 'insinuatie' - zijnde 'een beschuldiging die men niet openlijk uitspreekt', een 'hatelijke opmerking', een 'zijdelingse verdachtmaking', een 'onterechte suggestie', een 'bedekte toespeling'.

Op www.rauna.eu doen wij niet aan laster: wij brengen verslag uit over feitelijke vaststellingen, die door iedereen kunnen geverifieerd worden, maar waarvoor de media - op een enkele uitzondering na - tot nu toe blind wens(t)en te blijven. Ik geef een paar voorbeelden:

Een grover staaltje geschiedvervalsing is amper denkbaar. Soms wordt dit gedaan omdat men gemakkelijk wil scoren en op het onderbuikgevoel van het publiek inspeelt. Op andere momenten wordt het gedaan om een verborgen agenda door te drukken of weer eens een miljoenenclaim ergens los te wrikken. 
Aan het woord is Karl Hammer, in Gezocht: Codebrekers, over een programma van de VPRO - maar hij geeft geen titel, geen datum van uitzending en een zeer vage omschrijving van de 'geschiedvervalsing' (in een programma op de VPRO zou gezegd zijn dat Duitsland de Eerste Wereldoorlog had uitgelokt omdat ze nu eenmaal die legers in de garage hadden staan). Omdat geen 'bewijs' geleverd wordt (en de VPRO zich dus ook niet kan verdedigen) is dit in feite een lasterlijke aantijging, die verzwaard wordt door niet minder dan 4 insinuaties (gemakkelijk scoren + inspelen op onderbuikgevoel + verborgen agenda + miljoenenclaim). Dit soort uitspraken doen wij nooit, never, jamais. Het is, integendeel, een techniek die Karl Hammer wel eens meer hanteert; vandaar dat wij zijn uitspraak van hierboven ook als motto hebben gekozen voor De Hamer van Thor. (En ook omdat wij kunnen bewijzen dat Gezocht: Codebrekers aan geschiedvervalsing doet, en Hammer daar zelf 4 mogelijke motieven voor geeft.)

De beschuldigingen die wij uiten, zijn zwaar - maar dat zijn de feiten ook. In het artikel in De Morgen van 12-06-2015 vertelt Karl Hammer twee leugens. Zo stelt hij dat iemand anders op Wikipedia zijn geboortejaar veranderde: bewezen werd dat hij het op Wikipedia zelf deed onder de nickname 'Magister OFM'. En dat hij het ook op zijn eigen website en op andere gebruikerspagina's deed (zie screenshot 25-04-2015 hieronder en voorlopig ook nog te vinden op http://vk.com/id242948980). En wanneer Hammer op 12-06-2015 zegt dat Peter Schulz het dossier de rug toe keerde omdat hij de 'insinuaties en verwijten' beu was, staat dat in tegenspraak met wat hij in 2012 verklaarde: toen was Peter Schulz nog 'de vergeefse speurtocht' moe. Als wij dit 'leugens' noemen, doen niet wij aan laster, maar wel de kwaadwillige groene gifkikker die ons wegzet als een 'modder-gooi-en-afzeik-fabriek'. 





Als wij vaststellen dat Karl Hammer in de eerste reportage die EenVandaag aan zijn werk wijdde 4 historische blunders in 1 zin begaat (en daarbij zijn eigen verhaal ook nog eens tegenspreekt), dan kun je daaruit alleen concluderen dat Hammer - opnieuw - zichzelf ontmaskert als nepjournalist. En dan kun je niet anders dan heel zwaarwegende vragen stellen bij de beroepsernst van journalisten en redactie, die dit gewoon laten passeren en op antenne gooien. 
Als deze simpele vaststelling door een aantal andere wordt bevestigd en kadert in een zaak van aantoonbaar consumentenbedrog, dan is daar verslag van uitbrengen niet meer of minder dan een burgerplicht. Want over consumentenbedrog gesproken, hoe wil je de vaudeville anders noemen rond de beloningen die al dan niet door Karl Hammer, Peter Schulz en uitgeverij Elmar werden uitgeloofd en die variëren van 12.000 tot 25.000 euro, met daar tussenin nog eens 25.000 dollar ook - terwijl uitgeverij Elmar aan de ene vertelt dat de actie is afgelopen (maar er op de eigen site wel nog reclame voor maakt) en aan de andere dat de voorwaarden op de site van Hammer staan (waar ze niet staan)(en later ineens wel staan)(en de beloning 12.000 euro is)(terwijl het bij Elmar nog steeds 25.000 dollar is). Ondertussen is de Elmar-pagina verdwenen, maar we hebben de dag ervoor nog een screenshotje gemaakt. Als iemand ons om die reden een 'modder-gooi-en-afzeik-fabriek' noemt, kan ik bij die persoon alleen maar een 'verborgen agenda' ontwaren.
Met de medewerkers van het collectief Ysa Pastora hebben we een lijst opgesteld van 14 van deze feiten, waarover de media blijkbaar niet wens(t)en te berichten, zodat wij het als onze burgerplicht beschouwen dat dan maar zelf te doen. Daarbij hebben we alle mogelijke voorzorgen in acht genomen. We hebben de heer Hammer en zijn uitgeverij Elmar per aangetekend schrijven om een reactie gevraagd, en geen reactie gekregen. We hebben EenVandaag herhaaldelijk gemaild en om een gesprek gevraagd, en geen reactie gekregen. Pas toen de stilte oorverdovend begon te worden, zijn we tot publicatie overgegaan. Als dat de procedure van een 'modder-gooi-en-afzeik-fabriek' is, dan zegt dit meer over de kwaadwillige intenties van de persoon die deze uitspraken doet, dan over ons.






Overigens ben ik van mening dat EenVandaag, de VRT Nieuwsdienst en De Volkskrant hun verantwoordelijkheid moeten opnemen, en verslag uitbrengen over feiten in plaats van over de fictie van Indiana Brownie.


sitestat

Populaire berichten