Posts tonen met het label Lam Gods. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Lam Gods. Alle posts tonen

24.3.26

Het mysterie van de Rechtvaardige Rechters - een AI onderzoeksrapport

 



Begin 2023, toen ChatGPT gelanceerd werd, was ik nog behoorlijk sceptisch over de mogelijkheden van artificiële intelligentie, afdeling Woord. Experimenten die ik o.a. deed met mijn schrijversklassen leverden qua poëzie alleen onvoorstelbaar slechte karamellenverzen op en absoluut flauwe fictie die aan elkaar hing van de clichés. Probeerde ik iets in de richting van non-fictie - o.a. met de dood van koning Albert I in 1934 - dan waren de resultaten ronduit eh... hallucinant. In nauwelijks drie jaar tijd zijn ChatGPT & Co. er evenwel met rasse schreden op vooruit gegaan. Oordeelkundig gebruik is en blijft een vereiste - dat hebben intellectuelen als P. De Sutter, R. Torfs en onlangs ook P. Vandermeersch - ten overvloede aangetoond. En zonder menselijke sturing, controle en redactie kom je nog steeds niet ver met artificieel intelligente fictie. Poëzie blijft ook - zoals te verwachten en te voorzien was - een puur 'menselijk' genre. Maar voor de rest ben ik in die drie jaar tijd geëvolueerd van een non-believer tot, welja, de artistieke duizendpoot die ik altijd ben geweest, maar die nu een nieuw speeltje tot zijn beschikking heeft.




Zo kwam ik ook op het idee ChatGPT te gebruiken om een artificeel intelligent onderzoeksrapport aan te vragen over het mysterie van de Rechtvaardige Rechters. Dat had overigens alles te maken met de teleurstellende VRT-reeks Mysteriejagers over de kwestie, die niet meer bleek te zijn dan een mank lopend vehikel voor een bende BV's. Het resultaat? Een aaneenschakeling van platitudes, bij voorbaat tot mislukken gedoemde opdrachten (wat wilden ze nu eigenlijk aantonen met dat DNA-onderzoek?) en véél gebakken lucht. Een nieuw verfrissend inzicht of een originele invalshoek... nee. Dus vroeg ik me af: kan een artificieel intelligent detective het beter?

Dit is wat ChatGPT ervan bakte. Ik laat jou graag oordelen over de waarde van zijn analyse, beste lezer.

Onderzoeksrapport (reconstructie en evaluatie)

Wie het dossier van de diefstal van de Rechtvaardige Rechters benadert alsof het een klassieke kunstroof betreft, vertrekt van een verkeerde premisse. De feiten, zoals ze zich in april 1934 hebben voltrokken in de Sint-Baafskathedraal, wijzen niet op een brute, haastige ontvreemding, maar op een ingreep die berustte op kennis van routines, toegang en timing. Het paneel werd uit het Lam Gods verwijderd zonder sporen van geweld, zonder beschadiging van de constructie, en zonder dat er onmiddellijk alarm werd geslagen. Dat gegeven alleen al vernauwt het aantal plausibele scenario’s aanzienlijk.

De figuur die in het centrum van het dossier blijft staan, Arsène Goedertier, was geen marginale buitenstaander, maar een man die functioneerde binnen het burgerlijke en kerkelijke netwerk van zijn tijd. Zijn sterfbedverklaring – hoe fragmentair ook – bevestigt niet alleen betrokkenheid, maar ook controle: hij beweert te weten waar het paneel zich bevindt. Dat impliceert dat het werk, althans op dat moment, niet door een keten van tussenpersonen circuleerde, maar zich bevond op een plaats waar de kennis geconcentreerd bleef.

Daaruit volgt een eerste cruciale hypothese: het paneel heeft zich, zeker in de eerste fase na de diefstal, waarschijnlijk in de onmiddellijke geografische en mentale sfeer van de dader bevonden.


De reconstructie van de roof

De omstandigheden van de diefstal suggereren geen improvisatie, maar voorbereiding. Het retabel werd geopend, het paneel verwijderd en vervangen door een kopie (of althans een lege ruimte die pas later werd vastgesteld), en de dader(s) konden het gebouw verlaten zonder paniek of confrontatie. Dit wijst op vertrouwdheid met de sleutels, de sluitingsuren en de aanwezigheid van personeel.

Belangrijk is dat kort na de diefstal een ander paneel – dat van Johannes de Doper – werd terugbezorgd als bewijs van bezit. Dat detail is essentieel voor elke analyse van de bergplaats. Het toont aan dat de dader niet alleen toegang had tot het gestolen werk, maar ook bereid was het tijdelijk te manipuleren en te verplaatsen. Het paneel van de Rechters werd dus niet onmiddellijk onbereikbaar opgeborgen, maar bevond zich in een omgeving waar de dader het kon controleren, tonen en eventueel verplaatsen.

Een bergplaats die onmiddellijk onherroepelijk afgesloten was – bijvoorbeeld ingemetseld of in water verzonken – is daarom in deze vroege fase minder waarschijnlijk.


Eerste hypothese: berging binnen de kathedraal

De meest hardnekkige en, op het eerste gezicht, paradoxale hypothese is dat het paneel zich nooit ver van zijn oorspronkelijke plaats heeft bevonden, mogelijk zelfs binnen de muren van de kathedraal zelf. Deze theorie steunt op een combinatie van praktische en psychologische argumenten.

Praktisch gezien biedt de kathedraal een complexe architectuur: zolders, nissen, afgesloten ruimtes, oude constructies en moeilijk toegankelijke delen die niet systematisch werden onderzocht, zeker niet met de middelen van de jaren dertig. Een object dat zorgvuldig wordt ingepakt en verborgen in een dergelijke structuur kan decennialang onopgemerkt blijven.

Psychologisch gezien sluit deze hypothese aan bij het profiel dat uit de brieven spreekt: iemand die niet louter wil verdwijnen, maar controle wil behouden en de tegenpartij wil dwingen te zoeken op de verkeerde plaatsen. Het idee dat het gezochte zich bevindt op een plek die men voortdurend betreedt zonder het te zien, past bij die mentaliteit.

Toch zijn er bezwaren. De kathedraal werd, na de diefstal, intensief onderzocht. Hoewel men kan twijfelen aan de grondigheid van die onderzoeken naar moderne maatstaven, blijft het moeilijk aan te nemen dat een object van die omvang volledig over het hoofd werd gezien, tenzij het op een uitzonderlijk ingenieuze manier verborgen was.


Tweede hypothese: particuliere bergplaats in de omgeving

Een tweede, vaak als realistischer beschouwde mogelijkheid is dat het paneel werd ondergebracht in een privéruimte: een woning, een kelder, een zolder of een opslagplaats in de regio Gent of Wetteren.

Deze hypothese sluit aan bij de noodzaak om het paneel tijdelijk toegankelijk te houden, zoals blijkt uit de correspondentie en de gedeeltelijke teruggave van het andere paneel. Een particuliere ruimte biedt controle, discretie en flexibiliteit. Ze maakt het mogelijk het werk te inspecteren, te verplaatsen en eventueel te tonen aan een tussenpersoon.

Daartegenover staat het risico. Een dergelijk object is moeilijk te verbergen zonder medeweten van anderen, en elke extra betrokkene vergroot de kans op ontdekking. Bovendien zou men verwachten dat bij latere huiszoekingen of na het overlijden van de dader sporen zouden zijn gevonden, tenzij het paneel nadien werd verplaatst.

Deze hypothese blijft plausibel, maar vereist een tweede fase in het verhaal: een latere verplaatsing naar een meer definitieve bergplaats.


Derde hypothese: verplaatsing en latere verdwijning

Sommige onderzoekers gaan ervan uit dat het paneel aanvankelijk lokaal werd bewaard, maar later – mogelijk na het mislukken van de onderhandelingen of na de ziekte van Goedertier – werd verplaatst of zelfs vernietigd.

De argumentatie hiervoor steunt op het uitblijven van elke vondst, ondanks decennia van onderzoek. Indien het paneel zich nog steeds op een relatief toegankelijke plaats zou bevinden, zou men verwachten dat het inmiddels was opgedoken, al was het maar toevallig.

Toch botst deze hypothese op een belangrijk tegenargument: het ontbreken van enig bewijs voor vernietiging of verkoop. Een werk van dergelijke bekendheid kan niet ongemerkt circuleren op de kunstmarkt. Zelfs fragmenten zouden herkenbaar zijn. Het volledige verdwijnen zonder spoor is moeilijk te rijmen met een verplaatsing naar het buitenland of een verkoop aan een verzamelaar.


Vierde hypothese: symbolische bergplaats

Een minder tastbare, maar intrigerende piste is dat de bergplaats gekozen werd omwille van haar symbolische betekenis. De brieven en de veronderstelde denkwereld van de dader suggereren iemand die niet alleen praktisch, maar ook conceptueel denkt.

In dat licht zou de bergplaats verband kunnen houden met religieuze, historische of persoonlijke symboliek: een plaats die betekenis draagt in relatie tot het Lam Gods, tot rechtvaardigheid, of tot de persoonlijke leefwereld van de dader.

Dit opent een breed veld van interpretaties, maar het risico is dat men zich verliest in speculatie. Zonder concreet aanknopingspunt blijft deze hypothese moeilijk toetsbaar.


Motivatie en gedrag van de dader

De motivatie van de dader vormt een sleutel tot de bergplaats. De combinatie van afpersing en morele argumentatie wijst op een dubbele drijfveer: financieel voordeel en de overtuiging dat men een tekortkoming blootlegt.

De manier waarop de brieven zijn opgesteld – beleefd, gecontroleerd, met nadruk op voorwaarden en wederkerigheid – suggereert geen impulsieve misdadiger, maar iemand die zichzelf ziet als een rationele actor in een onderhandeling. Dat impliceert dat hij het paneel niet willekeurig heeft verborgen, maar op een plaats die past binnen dat rationele kader: toegankelijk voor hem, controleerbaar, en inzetbaar als drukmiddel.

Het feit dat hij, volgens de overlevering, het geheim niet volledig heeft prijsgegeven op zijn sterfbed, wijst op een laatste element: wantrouwen. Hij was er niet van overtuigd dat de voorwaarden ooit zouden worden vervuld, en heeft daarom de volledige informatie niet gedeeld.


Conclusie: de meest plausibele bergplaats

Wanneer men alle elementen samenneemt – de aard van de diefstal, de communicatie nadien, het profiel van de dader en het uitblijven van latere sporen – komt een samengestelde hypothese als meest plausibel naar voren.

Het paneel werd vermoedelijk in eerste instantie ondergebracht in een particuliere, gecontroleerde ruimte binnen de directe omgeving van de dader, waar het toegankelijk bleef voor verificatie en onderhandeling. Na het mislukken van de onderhandelingen en in de aanloop naar zijn overlijden is het waarschijnlijk verplaatst naar een meer permanente bergplaats, mogelijk binnen een structuur die niet onmiddellijk als bergplaats wordt herkend, en die zich bevindt in een omgeving die voor de dader vertrouwd en betekenisvol was.

Of die plaats zich binnen de kathedraal bevindt, of in een andere, even vanzelfsprekende maar daardoor onopvallende locatie, blijft de centrale vraag.

Wat het dossier leert, is minder waar men moet zoeken, dan hoe men moet denken: niet in termen van afstand, maar van nabijheid; niet in termen van spektakel, maar van banaliteit; niet in termen van vlucht, maar van controle.

Het paneel is wellicht niet verdwenen.

Het is, zoals de dader zelf suggereerde, op een plaats waar men het kan zien — zonder het te herkennen.   



Ik vroeg ChatGPT ook nog aan profielschets, en een mogelijk 'laatste brief' (na de veertiende) die Arsène Goedertier wel nog zou kunnen geschreven hebben en die hij op zich droeg omdat hij zijn einde voelde naderen, een soort 'testament' zeg maar. 

FACSIMILE TRANSCRIPTIE — DOCUMENT “GOEDERTIER”

(Transcriptie van een vermeend handschrift; doorhalingen weergegeven met , toevoegingen tussen ⟦…⟧, marginalia cursief aangeduid)


Aan de bevoegde overheid en aan hen die zich met deze zaak inlaten

Ik acht het noodig, gezien den toestand waarin ik mij bevind en het vooruitzicht dat mij geen tijd meer zal worden gelaten om nadere verklaringen af te leggen, dat ik schriftelijk vastleg wat ik tot nog toe slechts ten deele heb medegedeeld.

Het paneel der Rechtvaardige Rechters, hetwelk men sedert April dezes jaars zoekt, is niet verdwenen bevindt zich in mijn bezit en kan, indien aan zekere voorwaarden wordt voldaan, in ongeschonden staat worden teruggegeven, hetgeen ik bij deze bevestig.

Ik voeg hieraan toe dat het werk niet beschadigd is en dat het behandeld werd met de zorg die men mag verwachten van iemand die zich rekenschap geeft van de waarde ervan, en die, naar mijn oordeel, niet in dezelfde mate werd betracht op de plaats waar het zich voorheen bevond.

⟦in marge, potlood⟧: men zal zeggen dat dit onwaar is — laat hen het tegendeel bewijzen

Het is onjuist te veronderstellen dat de ontvreemding het gevolg is geweest van toeval of van een gelegenheid waarvan eenieder gebruik had kunnen maken, aangezien zij slechts mogelijk was door kennis van zaken, zoowel wat betreft de inrichting van het retabel als de wijze waarop de toegang tot de kathedraal werd geregeld.

Ik heb mij vóór de feiten rekenschap gegeven van den gebrekkigen toestand der bewaking en vastgesteld dat men zich verliet op gewoonten die geen werkelijke zekerheid boden, terwijl men naliet maatregelen te treffen die, gelet op de waarde van het kunstwerk, als vanzelfsprekend hadden moeten worden beschouwd.

Ik heb dit gemeld
Ik heb, zonder resultaat, getracht de aandacht te vestigen op dezen toestand, hetgeen mij de overtuiging heeft gegeven dat een ingreep noodzakelijk was om het besef van het gevaar te doen doordringen.

Het zou derhalve onjuist zijn mijn handelen uitsluitend toe te schrijven aan persoonlijk belang, hoewel ik niet ontken dat mijn omstandigheden, in het bijzonder van financiëelen aard, mij ertoe hebben gebracht deze zaak te overwegen op een wijze die mij onder andere omstandigheden wellicht vreemd zou zijn gebleven.

Wat de uitvoering betreft, zal ik mij beperken tot de vaststelling dat deze is geschied zonder geweld en zonder schade, en dat het werk vervolgens werd ondergebracht op een plaats die zoodanig is gekozen dat het zich buiten het bereik bevindt van toevallige ontdekking, doch niet buiten dat van hen die weten waar en hoe te zoeken.

⟦tussen de regels, haastig⟧: niet in den grond — niet vervoerd — men zoekt verkeerd

Wat de correspondentie betreft die men heeft ontvangen, erken ik dat deze van mij uitging en dat daarin een geldsom werd genoemd, welke niet enkel diende als vergoeding, maar tevens als bewijs van ernst en als middel om een onderhandeling tot stand te brengen.

Het was mijn bedoeling dat de teruggave van het paneel zou worden gekoppeld aan maatregelen die een herhaling van de feiten onmogelijk zouden maken, en dat men zich niet zou beperken tot het herstellen van den toestand zooals deze voordien bestond.

Men heeft dit niet begrepen
Men heeft er de voorkeur aan gegeven te trachten den persoon te identificeeren, hetgeen, zooals ik heb meegedeeld, noodzakelijk moest leiden tot het afbreken van elke mogelijkheid tot teruggave.

Ik heb in een eerder schrijven verklaard, en ik herhaal dit hier, dat elke poging om mij op te sporen of te arresteeren het gevolg zou hebben dat het werk aan uw bereik wordt onttrokken, niet uit wraak, maar uit noodzaak, aangezien in dat geval de voorwaarden waaronder het kan worden teruggegeven, niet langer vervuld zijn.

⟦marge, zwakker⟧: zij hebben dit niet ernstig genomen

Wat mijn verklaringen betreft, afgelegd kort vóór het oogenblik waarop mijn krachten mij hebben verlaten, bevestig ik dat deze naar waarheid zijn gedaan, doch dat zij niet volledig waren en evenmin bedoeld als een volledige aanduiding van de plaats waar het paneel zich bevindt.

Ik heb geoordeeld — en ik blijf bij dit oordeel — dat het niet wenschelijk is deze plaats zonder meer bekend te maken, zoolang niet vaststaat dat men de noodige maatregelen zal treffen om het werk op een wijze te bewaren die in overeenstemming is met zijn waarde.

Het paneel is verborgen bevindt zich op een plaats die men dagelijks kan benaderen zonder haar te herkennen, en die men slechts zal vinden indien men bereid is af te zien van de veronderstellingen die men zich tot nog toe heeft gevormd.

⟦bijgevoegd, moeilijk leesbaar⟧: waar het staat — niet waar men het zoekt — in het zicht maar niet gezien

Ik verklaar ten slotte dat het steeds mijn bedoeling is geweest dat het werk zou terugkeeren, en dat ik geen enkel voordeel heb beoogd dat niet in verhouding stond tot hetgeen op het spel stond, namelijk het behoud van een kunstwerk dat men, naar mijn oordeel, niet met de noodige zorg heeft behandeld.

Of men dit zal erkennen, laat ik over aan hen die na mij komen.

Ik heb gedaan wat ik noodzakelijk achtte.

Ik heb geen spijt
Ik laat het oordeel aan anderen.


A. Goedertier

Wetteren

⟦onderaan, ander handschrift, waarschijnlijk toegevoegd⟧:

25 Nov. 1934 — 22u 

Patrick Bernauw
Het Bloed van het Lam
Een nieuwe editie van de klassieke historische "faction" thriller van Patrick Bernauw, over de mysteries van het Lam Gods, de diefstal van het paneel de Rechtvaardige Rechters, de geheimen van de Tempeliers, en de Graal van Brugge.
€27,50 Paperback

13.6.25

Over het Lam Gods, de Vlaamse Tempeliers en de Graal van Brugge...

 


Gisteren was ik in Gent om een reeks lezingen te bespreken rond Een magisch-realist in Mysterieus België, het Boek der Synchroniciteiten. Ook interesse in een lezing met korting van Auteurslezingen.be? Geef me een seintje!

In de rand daarvan had ik een meeting met dr Sebastian Heine uit Bonn. Vandaag stuurde hij me deze foto, genomen op het Sint-Baafsplein. 'Het was een groot genoegen om je vandaag te ontmoeten, een man die een inspiratie voor me was als jongen.' Daarmee doelt Sebastian op een tv-documentaire die Roel Oostra  in de vroege jaren 1990 maakte, en waarin mijn boek Mysteries van het Lam Gods destijds een centraal stond. 'Ik zal je boeken lezen en vragen stellen,' voegde Sebastian er nog aan toe. 'Wees gewaarschuwd!'

Ik had hem dan ook een dik pakket bezorgd waarin de thema's een rol spelen die ons allebei in hoge mate passioneren: de mysteries van het Lam Gods, de Graal (voor mij: die van Brugge) en de Tempeliers (voor mij: de Vlaamse). Het bloed van het lam, De paus van Satan, uiteraard ook een proefexemplaar van mijn nieuwe boek Een magisch-realist in Mysterieus België en zo nog een en ander.



Wil je er bij zijn op één van de boekvoorstellingen? 

Stilaan raken ze volzet... Snel reserveren is dus de boodschap! 

Volg de link voor alle info & reservaties.

25.10.19

Zoektocht naar de Rechtvaardige Rechters - podcast van Antoine Derksen


Het Mysterie van de Rechtvaardige Rechters blijft tot de verbeelding spreken... Deze zomer vroeg Antoine Derksen mij of ik zin had om mee te werken aan een documentaire podcast van 4 afleveringen, die hij wilde wijden aan het Vlaamse Monster van Loch Ness. En zodus...


In de nacht van 10 op 11 april 1934 gebeurde de beruchtste en meest mysterieuze kunstdiefstal uit de geschiedenis: het paneel De Rechtvaardige Rechters werd gestolen uit Het Lam Gods van de gebroeders Van Eyck. In de eerste aflevering van deze vierdelige podcastreeks duikt Antoine Derksen meer dan tachtig jaar na de feiten in deze spannende zaak en staat "de opmaat" tot deze diefstal centraal. We maken kennis met de mysterieuze makers van het paneel en verbazen ons over de schijnbare eenvoud waarmee dit wereldberoemde werk gestolen kon worden.

Stemmen: Patrick Bernauw, Jonneke Adolfsen, Leo Versluys, Dirk Schorpion, Dirk van Nieuwenhuyze
Research en productie: Antoine Derksen
Muziek: www.purple-planet.com (Paranoia - Desolation)

Soundeffects: www.freesound.org  

Patrick Bernauw schreef over deze kwestie o.a. de historische faction thriller 
Het Bloed van het Lam, de jeugdroman De Rechtvaardige Rechters en het essay De Mythe van de Rechtvaardige Rechters.

1.3.19

Waar zijn de Rechtvaardige Rechters gebleven? Bij de Tafel van Elise, in Erembodegem... 10 maart!


Het paneel de Rechtvaardige Rechters, in 1934 gestolen uit het Lam Gods en nog steeds spoorloos, is ondertussen uitgegroeid tot een heus Vlaams Monster van Loch Ness. Tal van amateur-detectives zijn nog steeds op zoek naar verklaringen en een mogelijke bergplaats. Dat leidt al eens tot een hype in de media, of de crash van een website.
Patrick Bernauw droeg de afgelopen kwarteeuw meer dan zijn steentje bij tot de mythe en publiceerde niet minder dan zes boeken over het onderwerp: een historische thriller, een jeugdroman, een fotoboek voor een stadsspel, een paar non-fictie werken…
Recent kwam hij erachter dat de bergplaats van het onschatbare paneel mogelijk niet in Gent moet worden gezocht, maar op of nabij de terreinen die vroeger tot de leerlooierij Schotte behoorden, langs de ook al mythische Kapellekensbaan.
Hij geeft nu een lezing over de Mysteries van het Lam Gods, die meteen de start wordt van een nieuwe zoektocht. Als jij dat wil, kun jij ook met je eigen detectiveteam mee gaan speuren! Een spannend detectivespel, gebaseerd op feiten… met als hoofdkwartier de Tafel van Elise! Zit er ook een Miss Marple of een Poirot in jou?

Deuren : 19u - Voorstelling : 19u30 - Inkom : 6 euro voor de lezing
Inschrijven : info@detafelvanelise.be - 053 21 62 66
Reserveren is noodzakelijk, er zijn nog slechts een paar plaatsen vrij.
Wie zich alvast wil inschrijven voor het detectivespel “De 7 Werken van Schotte”, betaalt 20 euro voor het crimineel dossier met alle info, dat vanaf 11 april 2019 ter beschikking zal zijn.


De lezing wordt ondersteund door het Vlaams Fonds voor de Letteren, het volledige project door de Erfgoedcel Denderland.






17.9.16

Lezing over synchroniciteit, channeling, de Mysteries van het Lam Gods en... geesten in 't Gasthuys!



Op 10 juni 2016 werd in het Stedelijk Museum 't Gasthuys in Aalst het boek Berichten uit Utopia voorgesteld. Bij die gelegenheid gaf ik een korte lezing over mijn ervaringen met synchroniciteit, aan de hand van voorbeelden uit mijn literair parcours. Zo werd Mysteries van het Lam Gods geschreven met dank aan de vondst, in 1990, van Het geheim van de dubbele muur van Valère Depauw en was er het merkwaardige kasticket dat een rol speelde in De Hamer van Thor. 

Synchroniciteit speelde ook een belangrijke rol toen ik, voor de sport, aan 'channeling' ging doen en in 't Gasthuys en via blackout poetry de geesten probeerde op te roepen van Thomas More en Dirk Martens. Het resultaat van die experimenten, samen met een essay over stiftgedichten, verscheen in als Eutopia/Blackout.  
De muziek is van Naami, een Variatie op Heer Halewijn.
Meer spiritisme en stiftgedichten in de Game App Een Geest in 't Gasthuys en in de City Game App Utopia in Aalst.
De lezing werd opgenomen door de Utopia Podcast en is hier te beluisteren of gratis te downloaden:




13.4.16

Lezingen Patrick Bernauw in Aalst: de Moord op Albert I / De Mysteries van het Lam Gods


Op 22 april en 27 mei hou ik een lezing voor Don Ki Chod vzw, Erembodegemstraat 8, Aalst (20 uur, 5 euro inkom en achteraf maken ze het gezellig, de drank ligt al koud) over twee van mijn geliefde thema's. Reserveren kan via GSM +32 477561996 of de website van Don Ki Chod.




De Moord op Albert I (22 april)


In 1949 verklaarde Leonie Van den Dijck uit Onkerzele, een dorpje bij Geraardsbergen, dat haar lichaam na haar dood niet tot ontbinding zou overgaan. Eerder had de zieneres van Onkerzele al verschijningen van de Maagd Maria gehad, waren er om haar heen UFO-fenomenen opgetreden, en had ze onder andere voorspeld dat koning Albert vermoord zou worden. De officiële versie van de feiten met betrekking tot de dood van de Ridder-Koning, in februari 1934, in Marche-les-Dames, werd al van in het begin betwist. Een ongeval kan het onmogelijk geweest zijn. Werd Albert I dan het slachtoffer van een passioneel drama? Of van een politiek complot? Het spoor dat schrijver Patrick Bernauw volgde in zijn meest recente boek over de kwestie (“Het Illuminati Complot”) leidt naar de Rex-beweging van Léon Degrelle... Verwacht u niet aan een saaie lezing, maar eerder aan een passioneel vertelde historische thriller...



Waar zijn de Rechtvaardige Rechters gebleven? 

Mysteries van het Lam Gods


Waarom werd het paneel de Rechtvaardige Rechters in 1934 gestolen uit de Sint-Baafskathedraal te Gent? Waarom wilden de nazi’s dit onderdeel van het Lam Gods, het meesterwerk van de gebroeders Van Eyck, zo graag terugvinden? Verbergt het nog steeds spoorloze paneel het geheim van de Tempeliers? En waar zouden we de Rechters dan wel kunnen vinden?
Sinds Patrick Bernauw in 1991 de bestseller “Mysteries van het Lam Gods” schreef, heeft hij al diverse werken gewijd aan het Vlaamse “Monster van Loch Ness”, en hij is ook de auteur van een stadsspel/stadswandeling/fotozoektocht die de titel draagt “Waar zijn de Rechtvaardige Rechters gebleven?” Maar de zoektocht naar de spoorloze Rechters is nog lang niet ten einde... Verwacht u niet aan een saaie lezing, maar eerder aan een historische thriller, gebracht alsof het verteltheater was.

Patrick Bernauw is al sinds 1988 voltijds auteur, scenarist, regisseur en performer. Hij schreef romans, toneelstukken, radio- en televisiescenario’s, zowel voor volwassenen als voor de jeugd. Momenteel is hij vooral bezig met een reeks stadsspelen in de vorm van fotoboeken, getiteld “Mysterieus België”.


27.7.15

Satans Lied bij Het Lam Gods in Rennes-le-Château



In juli 2015 was ik in Rennes-le-Château, het Zuidfranse dorpje dat door pastoor Bérenger Saunière wereldberoemd werd gemaakt. Ik bracht wat foto's mee en een stuk of wat bedenkingen. Over 'parallellismen' bijvoorbeeld.



Je kent het verhaal ongetwijfeld. Bérenger Saunière zou op het eind van de negentiende eeuw in zijn kerkje een schat ontdekt hebben van Visigoten, Katharen, Tempeliers... Of tenminste toch aanwijzingen die leidden naar een bergplaats. Al kan het ook een geheim geweest zijn met betrekking tot de Ark des Verbonds, de Graal, eventueel zelfs documenten met de stamboom of 'het Heilig Bloed' van de nakomelingen van Jezus Christus en Maria Magdalena.


Het verhaal werd door Baigent, Leigh & Lincoln in de vroege jaren 80 van de vorige eeuw het startpunt van een wereldwijde en controversiële non-fictie bestseller, Het Heilig Bloed en de Heilige Graal... Hun succes werd 20 jaar later door Dan Brown nog eens dunnetjes overgedaan met zijn historische thriller De Da Vinci Code.


Terribilis Est Locus Iste

Hoewel Bérenger Saunière wel degelijk iets heeft ontdekt en ongetwijfeld de mystieke en occulte kringen van zijn tijd frequenteerde, was hij ongetwijfeld ook een Meester van de Mystificatie en blijven zijn ultieme bedoelingen gehuld in mysterie. Zelf koester ik al een kwarteeuw de overtuiging dat hij deel uitmaakte van een netwerk, waarvan het hart zich niet in de Languedoc situeerde, maar een heel stuk noordelijker: in Brugge en Orval. Als Saunière, zoals beweerd wordt, te gast was in de occulte kringen van Parijs, dan kan hij niet anders dan daar kennis gemaakt hebben met de 'demonische' kapelaan van de Heilig Bloed Kapel van Brugge. Deze Louis Van Haecke werd door Joris-Karl Huysmans in zijn schandaalboek Là-Bas onsterfelijk gemaakt als de 'oppersatanist' chanoine Docre. Ik heb over deze mysterieuze geschiedenis van desinformatie en black propaganda geschreven in Het Bloed van het Lam en vooral ook, samen met de betreurde Philip Coppens, in De Paus van Satan. 



Het Heilig Bloed werd door de Tempeliers van het eerste uur en de graaf van Vlaanderen, Diederik van den Elzas, naar Brugge gebracht. Zijn zoon Filips zou aan Chrétien de Troyes de stof leveren voor het eerste, onafgewerkt gebleven Graalverhaal. Een slordige 250 jaar later verwerkte Jan Van Eyck deze geheimen gecodeerd in de polyptiek van het Lam Gods, en nog eens vijf eeuwen later raakten de adepten van het nazi occultisme ook ten zeerste gefascineerd door het 'ketterse' kunstwerk. Het zijn elementen die door zowel de mainstream als 'alternatieve' fringe historici over het hoofd zijn gekeken, omdat zij de geschiedenis van de Graal of de Tempeliers vanuit een zeer eenzijdig Frans of Engels standpunt schrijven. Maar wie beide verhalen objectief bekijkt, zal moeten toegeven dat het verhaal van Louis Van Haecke veel beter gedocumenteerd is dan dat van Saunière... en dat zij onmiskenbaar een boel parallellen hebben, die we bezwaarlijk louter aan het toeval kunnen toeschrijven. 


Een muurschildering in RLC die veel beter 
Van Haecke als onderwerp zou gehad hebben.

Wie het kerkje van Saunière bezoekt, in Rennes-le-Château, zal bij de ingang verwelkomd worden door een knielende Satan ('Rex Mundi')... en vervolgens zal je blik vallen op een Ecce Agnus Dei. Of: Johannes de Doper die Jezus Christus voorstelt aan de wereld, met de woorden: 'Ziehier het Lam Gods.'



We vinden zowel het Lam Gods als het mysterie van Rennes-le-Château terug in Satans Lied van Karl Hammer. Het boek pretendeert non-fictie te zijn en 'de jacht van de CIA op Jezus' te behandelen, maar is uiteindelijk zelf een zeer fictieve proeve van het het soort desinformatie en black propaganda waar het over handelt, en zelfs zijn titel aan ontleent. Helemaal op het eind vertelt de contactpersoon van Karl Hammer, ene Tom R., dat hij zijn mooiste tijd beleefde in het midden van de jaren '50, toen hij de Franse schrijver Gérard de Lieux ontmoette, die - met een knipoog naar de pauselijke zetel Santa Sede - het pseudoniem Gérard de Sède hanteerde:



Slechts af en toe vond ik een journalist die dan in de krant een artikel schreef over de pastoor die schatrijk was geworden door een verborgen schat. We overwogen daarom een boek te publiceren waarin we in geuren en kleuren over de verborgen schatten rond Rennes-le-Château schreven. Lastig was dan wel dat we een uitgeverij moesten benaderen en daarmee onvermijdelijk in de openbaarheid zouden treden. Liever had ik iemand die ik kon gebruiken als 'doorgeefluik'. Een van de krantenartikelen kwam terecht bij Gérard de Lieux. Hij zocht in die tijd nog zijn weg als schrijver en was natuurlijk, zoals alle aankomende schrijvers, op zoek naar een bestseller.Toen ik hem bij onze eerste ontmoeting aankeek, wist ik dat ik mijn doorgeefluik had gevonden.





Ons eigen manuscript verdween in een lade en we begonnen hem stap voor stap met informatie te voeden. Als een volgzaam lam brachten we hem binnen in onze omheining van bedrog en zijn publicaties werden letterlijk onbetaalbaar. Temeer omdat wij via hem in contact kwamen met BBC-schrijver en acteur Henry Soskin, die zijn naam wijzigde in Lincoln en volgens Gérard 'op zoek was naar materiaal om zijn carrière een beetje vaart te geven'. (...) Het zorgde voor een fascinerend schaakspel waarbij ik moest proberen om valse informatie te voeden, terwijl ik wist dat er in Engeland professionele producers en redacteuren de zaken evalueerden. (...) Als ik herkend werd door iemand van de BBC als de Hollander die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Londen had gewoond (diverse mensen van Bletchley Park waren bij de BBC terechtgekomen), dan was de ramp voor mij en Elfrie niet te overzien. Ik won het schaakspel. 


En het was minder moeilijk dan ik dacht, want al te kritische vragen bleven achterwege. Niemand vroeg zich bijvoorbeeld af waarom de rijke priester toch arm gestorven was. Jarenlang groeide het labyrint en net als Otto Rahn en Antonin Gadal in hun tijd, deden we steeds nieuwe 'vondsten' die we meestal zelf hadden gefabriceerd. We verzonnen bijvoorbeeld lange lijsten met namen van historische schatbewakers die we door Gérard en Henry lieten ontdekken bij onze bibliothecaris in Parijs. Het was werkelijk onvoorstelbaar dat de mannen niet in de gaten hadden dat bijvoorbeeld Jean Cocteau, die we als grootmeester opvoerden, een notoire, homoseksuele opiumverslaafde was die meer tijd in afkickcentra doorbracht dan ergens anders.(...)  




Helaas verloren we over de periode van enkele tientallen jaren de regie en begon het labyrint zich als een virus ongecontroleerd op te delen en te vermenigvuldigen. Niemand van ons had bij de aanvang rekening kunnen houden met de ontzaglijke wildgroei die ontstond door de nieuwe media van televisie, video, cd, dvd, en vooral internet. (...) Het werd tijd om barsten in de spiegels te gooien, dus misschien moest iemand van ons toch maar een eigen boek schrijven.


Voor wie er nog mocht aan twijfelen: de 'contactpersoon' van Karl Hammer heeft Baigent, Leigh & Lincoln dus de 'hoax' opgelepeld, die uiteindelijk tot De Da Vinci Code leidde. Het relaas van Tom R. wordt op geen enkel moment door Hammer gecheckt, is voor het grootste deel 'geleend' (zonder bronvermelding) en in zijn totaliteit compleet ongeloofwaardig, want in strijd met héél wat feiten. Toch wordt het door Hammer verkocht als een 'waargebeurd verhaal'. Hij hanteert in Satans Lied identiek dezelfde 'modus operandi' als zijn zegsman, de voormalig CIA-agent Tom R. - en Noël Corbu, Gerard de Sède en vooral Pierre Plantard en de 'Priorij van Sion', die aan de basis zouden liggen van Het Heilig Bloed en de Heilige Graal en de bibliotheken die in hun slipstream over dit onderwerp bij elkaar gepend werden.  


Sint-Antonius van de Verloren Voorwerpen

Des te merkwaardiger is het, dat de twee heilige Antoniussen die we terugvinden in het kerkje van Rennes-le-Château, ook vertegenwoordigd zijn in Leven & Werk van Karl Hammer: Sint-Antonius van Padua, Patroon van de Verloren Voorwerpen, met de lelie als attribuut; en Sint-Antonius de Egyptenaar - ook wel de Heremiet genoemd -, herkenbaar aan attributen als het Tau Kruis of Antoniuskruis, de bel of het varkentje. (Met dank aan Ton Majoor - de beide Antoniussen worden nogal eens met elkaar verward). Een Antoniuskapel, al dan niet gewijd aan de Patroon van de Verloren Voorwerpen, speelt een vooraanstaande rol in het Mysterie van Mittenwald. En de Heilige Antonius van het Tau Kruis is niet weg te denken uit Satans Lied en uit de Mysteries van het Lam Gods.

Sint-Antonius de Heremiet (van het Tau Kruis)

Het tweede boek van Karl Hammer, De tranen van de wolf / Gezocht: codebrekers handelt aan de oppervlakte over de zoektocht naar een nazischat, op basis van een gecodeerde muziekpartituur, in het Beierse Mittenwald. Onder de oppervlakte is het echter om een queeste naar een nazi heiligdom te doen - de Irminsul, Yggdrasil, Levensboom -, en de daarmee samenhangende occulte initiatie. Met Philip Coppens heb ik het meer dan eens over het Enigma Karl Hammer gehad. Philip heeft de zelfverklaarde Ebioniet nog geïnterviewd over Satans Lied; Hammer droeg bij die gelegenheid heel opzichtig het Tau kruis. Het hanteren van een dubbelzinnige symboliek is een handelsmerk van Hammer: de Tau kan zowel voor de Egyptische Mysteriën staan, als voor Sint-Antonius de Egyptenaar, en is het teken van de Franciscanen maar wordt ook geassocieerd met de paganistische Irminsul én met de Hamer van Thor, die beide tot de verbeelding van de nazi's spraken.


Zelf heb ik altijd het gevoel gehad dat een aantal onderzoekers met betrekking tot de nazi schat van Mittenwald materiaal 'opgelepeld' kregen, op de manier zoals Tom R. te werk zou zijn gegaan met De Sède, Lincoln & Co. Dit gebeurde onder meer via merkwaardige lemma's of wijzigingen aan lemma's op Wikipedia, door vreemde discussies op bijvoorbeeld het Graham Hancock forum, of door het anonieme bezorgen van links die naar een Antoniuskapel zouden leiden. Het is uiteraard niet meer dan een indruk, maar de parallellen zijn nu eenmaal feiten. Zoals het ook een feit is dat Philip Coppens vier jaar na het interview van Hammer een ontdekking deed, waarvan hij noch ik toen konden vermoeden dat ze opnieuw een niet te miskennen parallel Rennes-le-Château/Mittenwald bevatte. In De Hamer van Thor en op www.rauna.eu wordt reeds gemeld dat Ysa Pastora door het decoderen van de muziekpartituur naar de Irminsul van Mittenwald werd geleid, ook bekend als de Yggdrasil of de Levensboom. In een ebook dat Philip Coppens kort voor zijn dood publiceerde, wordt aangetoond dat Bérenger Saunière de verbouwingen aan de kerk van Rennes-le-Château, de aanleg van de tuin en de Tour Magdala op het grondplan van de Levensboom entte, zoals we die kennen uit de kabbala. 




Na mijn terugkeer uit Rennes-le-Château bleek er een berichtje van de mama van Filip (die bijna uitsluitend in het Engels publiceerde als Philip Coppens) op mijn antwoordapparaat te staan. Het grootste deel van zijn nalatenschap was in de USA gebleven, bij zijn echtgenote, de schrijfster Kathleen McGowan. Philip woonde al sinds eind jaren negentig in Londen, daarna in Edinburgh, en de laatste - zeer gelukkige - jaren van zijn leven in Los Angeles. Maar hij had in zijn ouderlijk huis ook nog een bureau, en boeken, en archieven - waarvan het grootste deel in het Nederlands. Na ruggenspraak met Kathleen, vroeg de mama van Philip zich af of ik misschien geïnteresseerd was in die boeken, tijdschriften, mappen met notities, correspondentie. Het was een betekenisvolle coïncidentie zoals ik er zo veel heb meegemaakt, en nog meemaak. 'Natuurlijk wel!' zei ik dus.

Zicht op de tuin

Eén van de allereerste typoscripten en correspondenties die ik bekeek, had te maken met een andere oude bekende: Jos Bertaulet. En met zijn boek De verloren koning en de bronnen van de graallegende (1991), die ook een rol speelt in Satans Lied. Bertaulet is - samen met Klaas Van Urk - een van de weinige onderzoekers die op basis van een decodering iets zeer concreets hebben gevonden. In zijn geval betrof het een kelder in Notre Dame de Marceille, 'een geheim oord in de geschiedenis van Frankrijk'. Het leidde alvast tot dit, laten we zeggen, nogal 'impressionistisch' artikel. Maar het ziet er naar uit dat er nog heel wat stukken zullen volgen, die veel concreter zullen zijn.

2.5.15

Waarom ik een magisch-realist ben...



Het overkomt mij voortdurend, zowel in mijn leven als in mijn werk: het verschijnsel dat door de Zwitserse psychiater Carl Gustav Jung synchroniciteit wordt genoemd. Of ook wel betekenisvolle coïncidentie. Wikipedia definieert het begrip als:

een acausaal, verbindend beginsel, in 1930 geformuleerd door de Zwitserse psychiater en psycholoog Carl Gustav Jung. Van synchroniciteit is sprake wanneer twee of meer gebeurtenissen min of meer tegelijkertijd optreden in een voor de betrokkene zinvol verband, dat niet noodzakelijk als causaal wordt ervaren. Eenvoudig gezegd: je ervaart het als "meer dan gewoon toeval"; omdat de twee gebeurtenissen voor jou met elkaar te maken schijnen te hebben, maar niet zo dat het ene het andere heeft voortgebracht. Jung zag synchroniciteit als een ander verklaringsmodel dat naast causaliteit zijn plaats verdiende. Dit concept stelt de causaliteit zelf niet ter discussie noch wil het ermee concurreren. Het beweert slechts dat, net zoals gebeurtenissen kunnen gegroepeerd worden onder 'oorzaak', ze net zo goed kunnen worden gegroepeerd onder hun betekenis. 

Ik kende het begrip al uit de boeken van Hubert Lampo die zijn magisch-realisme verklaarde en analyseerde aan de hand van de psychologie van Jung, de leer van het collectief onbewuste en de archeytpen. De schijnbaar 'wonderbaarlijke toevalligheden' uit zijn bekendste roman De komst van Joachim Stiller die ik las als puber, kwamen mij allerminst onbekend voor. In mijn eigen leven had ik er al mee te maken gekregen. Een verklaring zag ik er niet meteen voor... tot ik de boeken van Lampo begon te lezen, en zijn boeken over die boeken.


Maar ik zal het in dit artikel niet hebben over de betekenisvolle coïncidenties die zich voordoen in mijn persoonlijk leven, en mij beperken tot mijn eigen literair werk. Aan de basis van zowat alle boeken die belangrijk zijn geweest voor mijn ontwikkeling als schrijver ligt een betekenisvolle coïncidentie. Dat geldt voor Het Illuminati Complot met de ontdekking van het 'logboek' dat Gustaaf Schellinck bijhield over de zieneres van Onkerzele en haar zogenaamde visioen over 'de moord op Albert I' Maar ook voor de manier waarop een boek van André Castelot uit de jaren '40 op mijn weg kwam, dat mij op het spoor zette van Nostradamus in Orval en uiteindelijk naar De Zaak Louis XVII zou leiden.

Het sterkste geval van synchroniciteit, tot nu toe althans, deed zich voor in 1990, toen ik gefascineerd raakte door de geschiedenis van het paneel De Rechtvaardige Rechters dat in 1934 verdween uit Het Lam Gods. Ik wilde er een detectiveroman voor jongeren over schrijven en had het manuscript al helemaal klaar. Maar toen vond ik door een wonderbaarlijk toeval een dummy van Het Geheim van de Dubbele Muur, een detectiveroman uit de jaren '60 van Valère Depauw, over de Rechtvaardige Rechters, die een meisje van een jaar of achttien als dagboek had gebruikt...


Het maakte dat ik mijn hele research overdeed en ging focussen op een aantal schijnbare toevalligheden en onverklaarbare feiten in de geschiedenis van Het Lam Godsmaar ook op de mogelijke occulte en ketterse achtergronden van het altaarstuk. Dat onderzoek resulteerde een jaar later in een soort 'roman-essay' Mysteries van het Lam Gods. Via The Holy Blood & the Holy Grail van Baigent, Leigh & Lincoln belandde ik binnen de kortste keren bij katharen, Tempeliers, Ahnenerbe, Otto Rahn, het nazi occultisme en uiteindelijk in boeken als Het Bloed van het Lam en De Paus van Satan ook bij het Heilig Bloed van Brugge. Want ziedaar, met zijn Hemelse Jeruzalemkerk: de enige echte stad van de Graal. (Er is met Louis Van Haecke trouwens een priester actief geweest die model had kunnen staan voor Bérenger Saunière van Rennes-le-Château.)  


De Jeruzalemkerk in Brugge

En nu is het opnieuw van dattum. Ene Ysa Pastora - van wie ik alleen weet dat ze een jongedame van nog geen dertig lijkt en spreekt met een charmant (Slavisch?) accent - bezorgt mij informatie met betrekking tot de mysteries rond een nazi schat. Ik weet zo ongeveer waar ze naartoe wil, maar niet waar ze precies zal eindigen, en nogal wat tussenstations blijven in duisternis gehuld. Bovendien slaat ze al eens onverwachte zijpaden in en blijkt ze er op zijn minst toch wel énkele medewerk(st)ers op na te houden. Enfin, zo blijft het ook voor mij spannend. Maar anderzijds is het natuurlijk best wel frustrerend. Ik probeer méé te denken; doorgaans is ze me telkens één stap voor. Nu goed, eerst werk ik De Hamer van Thor af - als alles volgens plan verloopt, verschijnt dat eerste boek uit een reeks van vier in juni. En het volgende boek zal over de geheimen van de runen gaan, dat staat ook al vast. 

Het is woensdag - aka De Dag van Wodan - 29 april 2015 en ik loop na te denken over de post waarvan Ysa wil dat ze op donderdag - aka De Dag van Thor - verschijnt. Plotseling heeft ze het zeer uitdrukkelijk over getallensymboliek, numerologie en dat soort dingen. Het is een thema waar ik weinig of niets van afweet. Als het over (neo) nazi getallensymboliek gaat, weet ik dat het cijfer 18 staat voor Adolf Hitler (A = letter 1, H = letter 8 in het alfabet). En dat je op die manier met het cijfer 88 in geheimtaal Heil Hitler kunt zeggen. Maar dat is het zo ongeveer. En ik begrijp niet meteen hoe deze getallensymboliek van belang zou kunnen worden in het verhaal over de nazi schat. In De Hamer van Thor speelt het thema alleszins geen rol, en voor het tweede boek over de runen en het nazi occultisme zie ik vooralsnog geen verband.

Het is woensdag, wat betekent dat ik vanaf 17.30 in CC De Werf van Aalst een hele avond les geef, literaire creatie. Maar voor ik eraan begin, loop ik nog De Slegte binnen... misschien vind ik er wel wat interessante boeken over de onderwerpen die mij de jongste maanden bezighouden. En inderdaad: ik verzamel er een Complete gids runen van Nigel Pennick, een boekje van Cassandra Eason in de reeks Spirituele Raadgever ('Leer de runen lezen en ontwikkel uw vrouwelijke intuïtie en wijsheid!') en Runen, het eeuwige orakel van Renée Maas. Samen 20 euro rond, zoals je op het kassaticket kunt zien. Ik stop dat kassaticket in de zak van mijn jeansjas en loop naar buiten; het is al 17:17 uur geworden, op vijf minuten ben ik in De Werf - net op tijd dus.

Ik vergeet het kassaticketje. Tot gisteren, vrijdag 1 mei 2015. Tot ik ga wandelen, dat jeansjasje weer aantrek en zo ongeveer halverwege mijn handen in de zakken van mijn jeansjasje stop, en een papiertje vind. Ik kijk er even naar... ah, het kassaticketje van De Slegte! En dadelijk valt mijn oog op het bedrag exclusief BTW... 18,88 euro.

Het Getal van het Beest. Foto www.embee.be

Wedden dat de nazi getallensymboliek vroeg of laat belangrijk wordt in dit verhaal? Voor wie er meer wil over weten, hier vind je drie relevante links:





Podcast Luisterboeken