26.5.09

De Tempeliers en het Heilig Bloed van Brugge



Klaarblijkelijk vindt geen enkele kroniekschrijver uit die periode het de moeite waard melding te maken van de stichting van de Orde van Arme Ridders van Christus en de Tempel van Salomon, beter bekend als de Tempeliers. Dat is niet zo verwonderlijk, als men er rekening mee houdt dat de oprichting van de Orde mede geïnspireerd werd door de moord op driehonderd pelgrims en het gevangennemen van zestig anderen en dat de Orde slechts door negen - weliswaar erg vrome - ridders wordt gesticht.
Ongevraagd dienen Hugues de Payens en de Vlaming Godfried van Sint Omaars, de oprichters van de Tempelorde, zich in het Jaar Onzes Heren 1118 aan bij Boudewijn II, neef en opvolger van Boudewijn I, koning van Jeruzalem. Ze beweren in alle armoede, kuisheid en gehoorzaamheid de wegen naar Jeruzalem en de pelgrims te zullen beschermen tegen de mohammedaanse dreiging. Niemand neemt deze dapperen ernstig, behalve de koning dan, die hen meteen een volledige vleugel van zijn paleis ter beschikking stelt, gelegen boven op de funderingen van de oude Tempel van Salomon.
Zonder enige officiële functie of reële macht leggen de negen Tempeliers zich negen lange jaren toe op de grootse taak die zij zichzelf hebben toegewezen. Wat zij daar precies onder verstaan, weten alleen zij. Inmiddels zijn zij wel de enige bewoners van de Tempel, waarvan zij de ondergrondse ruimten ontmantelen. Zo zouden de negen edelen die al hun aardse bezittingen in de steek hadden gelaten, om op zoek te gaan naar het geheim, verborgen in het Allerheiligste van de ruïnes van Salomons Tempel, dit geheim ook gevonden hebben. Het werkelijke doel van de Tempeliers was immers een ongemeen belangrijk en sacraal mysterie in verband met het Allerheiligste, dat ze niet alleen moesten vinden, maar ook moesten overbrengen naar een plek waar het veilig zou zijn.
Na negen jaar keren Hugues de Payens en zijn gezellen terug naar het Westen. Bernard van Clairvaux, een vooraanstaand Frans monnik en prediker, organiseert een triomfantelijke verwelkoming, die herinnert aan het enthousiasme dat Robrecht de Fries ten deel was gevallen toen hij terugkeerde van zijn pelgrimage. Volgens sommige auteurs is het dan ook niemand minder dan Robrecht geweest die de negen ridders na zijn verkenningstocht op weg heeft gezet naar de Tempel van Salomon.
Niemand die er een idee van heeft waar de negen arme ridders al die eerbetuigingen aan te danken hebben. In 1128 schrijft de latere Sint Bernardus de statuten en de regel van de Tempel. Voortaan zullen de Tempeliers iedere dag de mis horen, terwijl ze eenvoudige witte mantels zouden dragen zonder bontkraag en géén modieuze schoenen met een gekrulde punt. Slapen moeten ze in hemd en onderbroek, op één matras, onder één laken en één deken. Eten moeten ze in stilte, uit één nap voor twee man. Drie keer per week mag er vlees op tafel komen. Opstaan doen ze bij zonsopgang, na hard labeur is er een uur extra slaap voorzien... als ze in bed tenminste dertien onzevaders prevelen. 's Vrijdags is het tijd voor penitentie. Jagen is verboden. Behalve op leeuwen dan. En ze mogen alleen hun moeder, zuster of tante kussen.
Nauwelijks enkele weken nadat Bernard van Clairvaux de statuten en de regel van de Tempel heeft geschreven, trekken drie Tempeliers van het eerste uur naar de Kasselberg, waar Robrecht de Fries ooit de hand legde op het graafschap Vlaanderen. Goden horen immers thuis in de hemel, dat is altijd zo geweest... Voor Abraham en voor Mozes, voor de profeten en ook voor Jezus Christus zelf was een heuveltop de beste plek om met God te spreken. Onder koning David kreeg de berg Sion in Jeruzalem een gewijde rol toebedeeld; de berg werd door Salomon werd bekroond met een fabelachtige Tempel. Hugues de Payens, Godfried van Sint Omaars en Payen de Montdidier kiezen de hoogste berg uit die er in Vlaanderen te vinden is. Het geeft hun beklimming een sacraal, symbolisch karakter.
Maar uiteraard valt er van de Tempeliers, die aartsketters, geen spoor te bekennen in de Processie van het Heilig Bloed. Nochtans zou dit Heilig Bloed nooit naar Brugge gekomen zijn, als zij niet naar Jeruzalem waren geweest.
Ook in het gevolg van Diederik van den Elzas zijn geen Tempeliers te bespeuren. In de stoet wordt de graaf van Vlaanderen voorafgegaan door herauten, vendelzwaaiers, muzikanten en de 'gewone' Bruggelingen die de mond vol hebben over de relikwie waarmee hij vandaag zijn Blijde Intrede doet in Brugge, en die niet meer of niet minder is dan het symbool van het Nieuwe Jeruzalem...

Meer lezen? Klik dan op de titel, voor een volledige fotoreportage van de Heilig Bloed Processie editie 2009... met een uittreksel uit "Het Bloed van het Lam".

25.5.09

Klik hier en ontdek het werk van Maryange Tibot... A la decouverte de la Belgique Secrète!


crédits : Abbaye de Westminster


Quelle étrange iconographie que celle-ci. Une vierge barbue généralement présentée en crucifixion comme Jésus.

Fêtée partout en Europe et pourtant disparue des mémoires depuis de nombreuses années, il était temps qu’elle reprenne l’importance qu’elle mérite et le rôle qu’elle a joué en symbolisme durant plusieurs siècles.

Elle eut un culte déterminant dans la région du nord-Pas de Calais et en Belgique et il est légitime de lui rendre sa place dans l’histoire de notre région. Elle est un Tout réunissant grand nombre de convictions idéologiques, de symboles et de légendes. A telle enseigne que l’on préfère penser qu’elle est plutôt représentative d’une erreur d’interprétation.

Je vous souhaite une saine lecture dans les méandres de l’histoire religieuse qui, vous en conviendrez, ici vous amène loin de l’imagerie à laquelle on est habitué.


Livre à paraître en septembre 2009

pour toute pré commande, vous adresser à France Secret.

c/o Odile Martinez

Rue des Déportés 9

B - 7940 Brugelette

00.33.6.65.85.22.86

info@france-secret.com

www.france-secret.com



A la decouverte de la Belgique Secrète - Maryange Tibot:

... traite essentiellement d’une découverte, comme son nom l’indique, d’un pays qui m’est très cher, mon pays d’adoption, la Belgique. J’ai voulu démontrer qu’ici non plus, nous n’étions pas exempts de richesses patrimoniales secrètes en ce qu’elles sont en train de disparaître. S’y mèlent l’alchimie, le symbolisme, le mystère. Tout pour faire une visite différente de ce pays merveilleux. Je tiens également à remercier Pierre Guelff pour m’avoir, gracieusement, donné deux articles passionnants sur Bruxelles et les trésors de Belgique. Pierre Guelff n’a pas à démontrer ses capacités et son intérêt pour ces domaines étranges que sont l’alchimie et le mystère.

Pour commander cet ouvrage, il faut se rendre sur le site de France Secret ou encore télécharger le catalogue afin de trouver un bon de commande et d’acquitter le prix de 15 euros. Il est encore possible de se rendre sur le site d’Amazon où mes ouvrages sont en vente également.


17.5.09

Stichting Frieda, Topcrew, Ebion... en Karl Hammer-Kaatee

Karl Hammer-Kaatee laat regelmatig vermelden dat de opbrengsten van zijn boek Satans Lied (zie een vorige post) naar een goed doel gaan, namelijk de Stichting Frieda. Dit lijkt bijzonder lovenswaardig. Het zou evenwel nog lovenswaardiger zijn, mocht Karl Hammer-Kaatee de opbrengsten van zijn werk schenken aan een goed doel waarbij hij niet in een of andere functie betrokken is. En het zou pas écht lovenswaardig zijn als hij ook niet overal ging rondtoeteren dat al zijn inkomsten uit Satans Lied naar een goed doel gaan. ("Het boek is niet geschreven om mijn zakken te vullen. Ik krijg persoonlijk geen cent van de opbrengst. Alles gaat naar een goed doel. (...) Wat zou mijn spiritualiteit waard zijn als mijn integriteit te koop is?" - Uit een interview met Frontier, januari/februari 2008.)

"Karl is werkzaam voor Stichting Frieda www.frieda.nl waar hij zich inzet voor diverse goodwillprojecten," lees ik op http://www.uitgeverijelmar.nl/auteur.asp?auteurnr=940 (de site van zijn uitgeverij). Nu is een Nederlandse Stichting vergelijkbaar met een Belgische Vereniging Zonder Winstoogmerk. Nogal wat artiesten zijn "in dienst" van hun eigen vzw en worden door die vzw ook een maandloon uitgekeerd. Dit is volstrekt bona fide en een courante praktijk, maar het zegt helemaal niets over de altruïstische motieven van de schrijver, integendeel. Nogal wat artiesten gebruiken dit soort constructies immers ook om belastingen te ontwijken. Let wel: ik schrijf niet "ontduiken", maar "ontwijken" - wat alweer perfect legaal is.

De website van Stichting Frieda, Dienstverlening in Rust & Ruimte (http://www.frieda.nl) is momenteel offline. De copyright vermelding spreekt van 1998, hernieuwd in 2007... Blijkbaar is de website dus al twee jaar niet bijgewerkt. Of er nog veel diensten worden verleend "in Rust & Ruimte" is dus zeer de vraag.

Op het forum van Terug Naar De Bron (http://www.terugnaardebron.com) werd een klein onderzoekje ingesteld naar een van de vele mediabedrijven waar Hammer-Kaatee bij betrokken is (geweest?). Topcrew (http://www.topcrew.nl) was ook ingeschreven op het filmfestival van Cannes, Hammer-Kaatee verbleef daar toen in het peperdure viersterrenhotel Sofitel Mediterranee. Hij wordt ook als filmfinancier vermeld, samen met giganten als ABN Amro en Pierson. Opmerking van de poster: "Dit alles smeekt natuurlijk om de vraag waar iemand die zogenaamd met een obscure stichting in een achterstandwijk van Breda zit, het geld vandaan haalt om naar het duurste en grootste filmfestival ter wereld te gaan en hoe hij terechtkomt tussen namen van financiële giganten..."

Ik zou hierbij ook een sarcastische opmerking kunnen maken over de rust & ruimte die verstrekt worden in een viersterrenhotel in Cannes, maar dat doe ik uiteraard niet. Liever citeer ik nog een stukje uit het Frontier interview, over de rijkdom van de Kerk: "Het probleem van Tom, en van mij, zat hem er in dat er erg veel geld werd uitgegeven aan pracht en praal. Ik heb daarover het laatste jaar diverse gesprekken gehad met belangrijke geestelijken. Niet alleen katholieken, ook uit andere religies."

Topcrew is nauw gelieerd met United Broadcast Facilities en uitgeverij Elmar. Een puur commerciële onderneming, en blijkbaar ook een Stichting: "Stichting Topcrew KvK nr. 41225401" (zie www.topcrew.nl).

Uit het reeds geciteerde Frontier interview:
En nu? Leef je nu een leven in stijl met Franciscus van Assisi?
Nee, ik leef in de stijl van Ebionieten (Ebionieten leven volgens de leringen van Jezus; in principe was Jezus de eerste Ebioniet.)


Een ander mediabedrijf van Hammer-Kaatee is http://www.ebion.eu . Volgens de reeds geciteerde website van Uitgeverij Elmar heeft hij daar "zijn activiteiten op het gebied van kunst, fotografie en documentaires" ondergebracht.

Copy/paste van de website:

"Ebion is a well-connected and reliable authors' agency that brings the work of writers and content creators to the attention of publishers and film/TV producers. We handle story material for books, documentaries and films, and offer a secure database to store ideas and concepts (formats) for television programmes. Currently, we handle primarily English and Dutch/Belgian authors but this is due to extend in 2008 to more EU countries, including Germany, France, Italy and Spain. Ebion has been founded by journalist, writer and director Karl Hammer as an extension to his work in the media industry, which spans over 20 years."

"Ebion media is part of media organisation Topcrew, founded by journalist, writer and director Karl Hammer Kaatee. Karl is a highly experienced media professional. During his 20 years in the media business, he has worked for Dutch public broadcaster AVRO, Joop van den Ende productions/Endemol, RTL, Pearson International and the Kirch-Gruppe, among others. He began his career as a production assistant and rose to become a multi-faceted media talent and author. Recently published works are Satan's song and The tears of the wolf. Karl's experience and expertise therefore enables him to be fully in tune with the needs of producers while also understanding the painstaking journey that newcomers to the world of publishing and production companies often have to undertake to establish themselves."

Ebion is met andere woorden een puur commercieel mediabedrijf, nauw verbonden met Topcrew, dat als agentschap sensationele ideeën "verzamelt", promoot en eventueel ook produceert. Het heeft een "veilige database" waar ook jouw concepten, formats en verhaalideeën voor tv-programma's kunnen opgeslagen worden. Combineer dit met de vaststelling dat meer dan 3/4 van het verhaalmateriaal uit Satans Lied bewijsbaar tweedehands is - het komt nu eenmaal in àndere boeken voor, die eerder verschenen - dan krijg ik daar alvast een zeer vieze smaak van in de mond. Voor de rest moet iedereen maar voor zichzelf uitmaken waarom een dergelijk bedrijf vernoemd werd naar een spirituele secte, die van de Ebionieten (google ze maar even, of probeer het met het Engelse "Ebionites") waarover Hammer-Kaatee het ook in zijn boek heeft en waarmee hij banden zou hebben. Ik kan er in ieder geval geen goeie reden voor bedenken, tenzij een zeer cynische.

Bij wijze van uitsmijter volgt hieronder een copy/paste van de pagina waar een beloning van 25.000 euro wordt uitgeloofd voor wie een code kan breken die naar een nazi-schat zou leiden (http://www.detranenvandewolf.nl/beloning.html) - en dit naar aanleiding van het boek "De Tranen van de Wolf" van Karl Hammer-Kaatee. Ik heb niks tegen een goed schatverhaal, integendeel. En ik heb ook niks tegen een goeie mediastunt. Ik heb alleen iets tegen doorzichtige barnum-promotieacties, tegen schreeuwerige hypes, tegen sensationele toestanden die niks met literatuur te maken hebben en er alleen moeten toe dienen een boek verkocht te krijgen. Bovendien vind ik het, zelf al 20 jaar in de "mediabusiness" actief, "out of character" dat je je enerzijds profileert als "spiritueel auteur" en er anderzijds niet voor terugschrikt plat-commerciële technieken te hanteren. Hammer-Kaatee weet drommels goed hoe hij een mediacampagne moet opzetten, zie ook zijn aanwezigheid op binnen- en buitenlandse fora. Hoeveel pseudoniemen heeft hij daarbij gebruikt? Hoeveel "medewerkers" ingezet? Hoeveel mediabedrijven? Hoeveel "webredacties"?

Karl Hammer-Kaatee in Frontier:
Ik sta bijvoorbeeld ongetwijfeld niet alleen in mijn idee om een spiritueel retraiteoord te willen vestigen.

En hier is de beloofde copy/paste:
Terwijl de Russen in april 1945 bloedig hun weg vochten door Berlijn, brachten de nazi's snel een lading goud en de persoonlijke diamanten van Hitler naar een geheime locatie. Het was de bedoeling om hiermee de terreurgroep Werwolf te financieren. Tijdens de laatste uren van de strijd gaf Hitlers secretaris Martin Bormann een gecodeerd document met runentekens aan een aalmoezenier om het naar partijboekhouder Schwarz in München te brengen. Op het document zou de locatie staan beschreven van het goud en de diamanten. Schwarz was echter al door de geallieerden gearresteerd en Bormann overleefde de Russische aanval niet.

Authentiek document.
Ruim zestig jaar later kwam het document bij toeval in handen van onderzoeksjournalist Karl Hammer Kaatee. Het had zich al die tijd onopgemerkt in de nalatenschap van de aalmoezenier bevonden. Hammer Kaatee is er van overtuigd dat het authentiek is. "Ik heb er alle begrip voor dat sommige mensen twijfels hebben, maar mijn onderzoek toonde aan dat het papier, de typografie en de doorslag van de letters zonder meer geloofwaardig zijn. Bovendien komen de runentekens overeen met de stijl die Bormann zou gebruiken". Voor Hammer Kaatee restte alleen nog de vraag hoe de code in elkaar zat en of de buit nog terug te vinden zou zijn.

Naar de huidige waarde van het goud en de diamanten kan men volgens Hammer Kaatee slechts gissen. Dat het om een gigantisch bedrag moet gaan staat voor hem vast. "Hitler had de mooiste en beste diamanten in zijn bezit. Volgens mijn informatie stonden die bij zijn intimi bekend als 'de tranen van de wolf' en zijn op zich al een vermogen waard."

Niod Gerard Aalders.
Dat de buit nog altijd ergens op ontdekking ligt te wachten is zeer waarschijnlijk volgens historicus Gerard Aalders van het NIOD die door Hammer Kaatee werd benaderd. Samen concludeerden zij dat er immers nog altijd schatten van de nazi's worden gevonden, zoals de grote kunstbuit die in 2006 in Zwitserland werd opgespoord waar ze door de nazi's was verstopt.

Beloning.
Een jaar lang beet Hammer Kaatee zich vast in de code en hoewel hij het grootste deel wist te ontcijferen, lukte het hem niet om de bergplaats te vinden. Speurend in Duitsland raakte hij er van overtuigd dat hij iets over het hoofd zag. Vanwege contractuele verplichtingen voor een nieuw boekproject dat in februari van start gaat ontbreekt hem de tijd om zijn zoektocht voort te zetten. Daarom looft hij nu een beloning uit om het laatste deel van het raadsel op te lossen. Om de speurders op weg te helpen heeft hij uitgeverij Elmar bereid gevonden om zijn dossier in boekvorm te publiceren. "In 2006 wist een groep amateurs op initiatief van de violist Stefan Krah een code uit de Tweede Wereldoorlog te breken waar zelfs de beste cryptografen niet in slaagden. Ik hoop dat het zelfde ook mogelijk is met deze code", aldus Hammer Kaatee.

Premievoorwaarden
Aan de uitkering van de beloning worden voorwaarden gesteld waar in hun geheel aan moet worden voldaan.

# Er wordt alleen uitgekeerd wanneer het goud en de diamanten daadwerkelijk en tastbaar getoond worden. Karl Hammer Kaatee zal op geen enkel moment genoodzaakt zijn om zelf handelingen te verrichten of reizen te ondernemen tot het bezichtigen van het goud of de diamanten.
# De echtheid van het goud en de diamanten dient door een onafhankelijke expert te worden bevestigd.
# Karl Hammer Kaatee wil op geen enkele wijze betrokken zijn bij mogelijke (internationaal) criminele of moreel laakbare handelingen. Het verkrijgen van het goud en de diamanten dient derhalve hiermee in overeenstemming te zijn.
# De uitleg van de gehele code van de 'pastoorbrief' uit het boek "de tranen van de wolf" moet rationeel en begrijpbaar zijn, zodat deze uitleg onderbouwt wat de feitelijke bergplaats van het goud en de diamanten is geweest en waar dus het goud en de diamanten nu zijn gevonden.
# Karl Hammer Kaatee legt geen enkele claim op het gevonden goud of de diamanten.
# De vinder(s) van het goud en de diamanten gaan er evenwel mee akkoord dat hun verhaal over het ontcijferen van de code en het verkrijgen van het goud en de diamanten exclusief aan Karl Hammer Kaatee wordt meegedeeld en dat hij het exclusieve recht heeft om op basis van dit verhaal een vervolg te publiceren op zijn boek "de tranen van de wolf".

Vindt u dit wat al te zeer een knip-en-plak artikel? Mmm... Is het ook. Helemaal in de stijl van Karl Hammer-Kaatee met andere woorden. Zij het wel met bronvermelding.

12.5.09

Peter Voorn, het cryptogram van het Schaap van God & Satans Lied

ebook (PDF):

Naar aanleiding van mijn boek "Het Bloed van het Lam" werd ik een tijdje geleden gecontacteerd door de Nederlandse Lam Gods deskundige Peter Voorn. Tot dusver werd er in het gekrakeel rond de mysteries van het Lam Gods al te weinig aandacht geschonken aan zijn onderzoek van Peter Voorn, een euvel dat ik met dit artikel enigszins zal proberen goed te maken.

Peter Voorn kreeg in 1999 een beurs van het Nederlandse Prins Bernhard Fonds om een maand onderzoek te doen in Konstanz en Italië. In dezelfde periode publiceerde de Belgische journalist Eric Bracke twee artikels over zijn werk, die ook terug te vinden zijn bij de Persberichten van de SpeuRRsite:

Het verborgen thema in het vredige Lam Gods, De Morgen, 7 december 1998
Duistere logica in grondplan "Lam Gods", De Morgen, 8 december 1998

Op zondag 13 december 1998 was Peter Voorn te zien in een 15 minuten durend televisie interview, uitgezonden door de VRT, samen met de bekende Belgische kunsthistoricus Roger Marijnissen. De opnamen werden gemaakt voor in het kader van het programma De Zevende Dag. In 1999 publiceerde hij dan The Ghent Altarpiece and the Councel of Constance in het prestigieuze Jahrbuch der Oswald van Wolkenstein Gesellschaft en in 2000 maakte hij samen met de Gentse kunstenaar Luk Gobijn de Lam Gods documentaire De ladder, het konijntje en de bierviltjes. Deze anderhalf uur durende video-documentaire maakte deel uit van de kunstinstallatie Quartier Baraque Friture.

In 2002 publiceerde Eric Bracke opnieuw een artikel over het onderzoek van Peter Voorn, deze keer in De Standaard: Een stoutmoedige zoektocht naar het "Lam Gods", een ketters kaartenhuis. Van Peter Voorns onderzoek naar de verdwenen Rechters en de verborgen levensboom op het altaarstuk bestaat ook een drie uur durende filmopname, in juli 2002 gedraaid door twee Amsterdamse documentairemakers.

Het Schaap & de Appel: To Milo!Toen Peter Voorn mij een paar weken terug opbelde, viel hij al meteen met de deur in huis door te stellen dat het lam van het Lam Gods geen lam is, maar een eenjarig schaap. Hij ziet in het centrale paneel dat bekend is geworden als "De Aanbidding van het Lam" een weergave van gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden op het concilie van Konstanz (1414-1417) en hij schreef hierover een spraakmakend artikel in het Oswald van Wolkenstein Jaarboek nr. 11, 1999. De Gentse kunstenaar Luk Gobijn maakte hierover ook samen met Voorn een anderhalf uur durende documentaire film, die te zien was in het kader van de reizende tentoonstelling ”Quartier Baraque Friture”, zowel in Gent, Oostende, Dendermonde als in Antwerpen.

Het concilie van Konstanz kenmerkte zich door drie zaken:
1. Men wilde een einde maken aan het kerkelijk schisma. (Er waren op dat moment niet minder dan drie pausen!)
2. Een proces tussen Bourgondië en de Armagnacs vanwege de moord op Lodewijk van Orléans.
3. De gevangenname en veroordeling van de Boheemse hervormer Jan Hus.

Voorn gaat er vanuit dat er niet zomaar voor een schaap (symbool van de onschuld) werd gekozen. Op het concilie was een Griekse delegatie aanwezig en de Griekse taal werd uitvoerig bestudeerd. Nu is "het schaap" in het Grieks "To Milo"... of ook: "de appel". Het schaap op het beroemde Gentse Altaarstuk verwijst op die manier indirect naar de appel van Adam en Eva, een reden waarom onze oerouders volgens Voorn aan de zijkant van het Lam Gods afgebeeld zijn.

De Twistappel & de VenussterOp het concilie van Konstanz waren zo’n 1400 hoeren aanwezig die op de vele duizenden gasten afkwamen. De aanwezige humanisten mompelden dan ook dat het concilie werd geregeerd door de liefdesgodin Venus.

Wanneer men nu een appel doormidden snijdt, zo betoogt Voorn, vindt men de Venusster. De appel is dus de Griekse twistappel, die door de godin Eris tijdens een bruiloftsmaal tussen de bezoekers werd gegooid. De herderszoon Paris pakte de gouden appel op en las dat die “voor de mooiste” bedoeld was, d.w.z. voor de mooiste aanwezige godin. Paris moest kiezen tussen de godinnen Hera, Pallas Athena of Venus... en gaf de appel terecht aan de laatste (omdat iedere appel haar ster bevat als je hem doormidden snijdt). De ster Venus (Aphrodite) is in de Oudheid altijd een "twistappel" geweest; men was immers niet zeker of het om een Avond- of Morgenster ging. Toen Venus de appel ontving, kreeg Paris van haar als beloning de liefde van de mooiste vrouw op aarde, de schone Helena. Maar tegelijk brak wel de Trojaanse oorlog uit...

Het schaap op het middenpaneel, de twistappel, verwijst volgens Voorn in de eerste plaats naar het 15e eeuwse schisma, de verbranding van Hus en het uitbreken van de Hussietenoorlogen; in de tweede plaats naar het proces tussen Jan Zonder Vrees en de advocaten van de tegenpartij, de Armagnacs. Volgens de humanisten op het concilie had Bourgondië namelijk ook een twistappel tussen de partijen gegooid (de moord op Lodewijk van Orléans). Het verklaart volgens Voorn tevens de aanwezigheid van de Sibille-panelen aan de buitenzijde die tegelijk ook weer verwijzen naar de Trojaanse oorlog.

In de altaarkelk ziet Voorn niet in de eerste plaats een Graalbeker, maar de kelk die in relatie staat tot de onschuldig veroordeelde hervormer, de zogenaamde "ketter" Jan Hus (hij was het allegorische schaap in deze strijd). De "lekenkelk" was immers een hot item op het concilie van Konstanz. En Jan Hus werd in Konstanz op een brandstapel gezet, geplaatst op een weide die men de Paradijsweide noemde...

Kabbala, Gulden Vlies & de Tarot
In een drie uur durend filmverslag vertelde Peter Voorn in 2002 uitvoerig over de verborgen levensboom op het altaarstuk. Hoe deze levensboom van oorsprong ontsproot uit het verloren Helpaneel en vandaar doorliep via het (centrale) conciliepaneel naar het Christus Koningpaneel. Het Lam Gods is volgens Voorn dan ook innig verstrengeld met de kabbala en de 10 emanaties van de joodse sefirot of levensboom.

In de film brengt Voorn, door kruis- en sterverbanden getekend op bierviltjes, het schaap in verband met de getallen 10, 7, 13, 19, 21 en 50, om dan uit te komen bij het Gulden Vlies. Dit onderliggende grondplan, de joodse kabbala en de Davidster leiden Voorn uiteindelijk naar een interpretatie van het geopende Lam Gods als zijnde de oudste geschilderde voorstelling van de Tarot. Het is als het ware een rechtstaand kaartenhuis, waarbij het paneel van de Rechtvaardige Rechters de kaart van Justitia voorstelt, de Heremieten zowel in de tarot als op het Lam Gods terug te vinden zijn, de over de rand stappende Adam als de Nar geduid wordt, het muzikantenpaneel met raderen de tarotkaart van het Rad voorstelt, enzovoort. Peter Voorn is dan ook niet voor niets al jaren betrokken bij de IPCS, de International Playing Card Society, die ondermeer historisch onderzoek doet naar tarotkaarten.

Karl Hammer-Kaatee & Jeanne d'Arc

Een van de redenen waarom ik "Satans Lied" van Karl Hammer-Kaatee compleet ongeloofwaardig vond, lag hem in het gegeven dat de ideeën of pistes die in het boek werden toegeschreven aan ene "Tom R." voor zowat 75% afkomstig waren uit het onderzoek en/of het werk van - onder meer - Karel Mortier, Paul de Saint-Hilaire, Baigent, Leigh & Lincoln, Lynn Picknett, Clive Prince en ondergetekende... en dit alles zonder de minste bronvermelding. Het was dan ook mijn stelling dat de "non-fictie" van Karl Hammer-Kaatee grotendeels was overgeschreven uit andere boeken en slechts een paar "nieuwe" inzichten of wendingen bevatte: de link met de CIA, de Arma Christi, Jeanne d'Arc.

Jammer genoeg voor Hammer-Kaatee waren precies deze "nieuwe" inzichten ook de minst geloofwaardige. Voor het fysieke bestaan van Tom R. en de link met de CIA (zie ook de vette slogan op de cover) werd niet één materieel bewijs geleverd. Het verband tussen de Arma Christi en het Lam Gods werd gelegd op basis van weinig meer dan een element, gedeeltelijk ontleend - uiteraard alweer zonder bronvermelding - aan Paul de Saint-Hilaire. Een schier eindeloos aantal andere kunstwerken bevat véél méér verwijzingen naar de Arma Christi dan het Lam Gods, maar uiteraard wordt daar met geen woord over gerept. Het Lam Gods, RLC enz... nogmaals in verband brengen met de Graal of de Lans van Longinus zou zelfs voor Hammer-Kaatee wat al te gortig geweest zijn, dus moesten het maar de Arma Christi wezen.

En dan was er nog Jeanne d'Arc die zou figureren op het paneel van de Milites Christi. Wat zij daar precies kwam doen, en waarom dat zo moest zijn, en wat het verband was met de Milites Christi, de rest van het Lam Gods, de figuur van Jan Van Eyck, enzovoort... Karl Hammer-Kaatee - of tot het bewijs van het tegendeel geleverd is: zijn fictieve Tom R. - vertikte het de stelling een context mee te geven, te onderbouwen, verder te duiden, het journalistieke basisprincipe van check & double check toe te passen... en reduceerde de verhaallijn op die manier tot een compleet ongeloofwaardige uitsmijter van de vriendin van Tom R., Elfrie.

Wie een beetje vertrouwd is met het onderzoek of de ideeën van Peter Voorn snapt evenwel meteen wat hier aan de hand is. Karl Hammer-Kaatee heeft een Voornse klok horen luiden, maar weet niet waar de klepel hangt - omdat hij de context mist. Dit blijkt ook min of meer over de opmerkingen die hij zijn protagonist(en) laat maken over Jan en vooral Hubert Van Eyck, over de Hussieten en andere hypothesen die terug te vinden zijn in het onderzoek van Peter Voorn. Aan Erik Bracke verklaarde Voorn reeds in 2002 waarom, volgens hem, Jeanne d'Arc op het paneel met de strijders van Christus terecht was gekomen - een verklaring die niet in het artikel van Bracke terecht kwam, maar wel door twee Amsterdamse filmmakers werd vastgelegd, vier jaar voor Satans Lied verscheen. De Franse maagd past overigens ook uitstekend in het historisch raamwerk dat Voorn al schetste in het jaarboek uit 1999... informatie waarover Kaatee wellicht niet beschikte, of die hem ook niet bekend was, zodat de Maagd van Orléans enigszins plompverloren in zijn bij elkaar gejat boek wordt gedropt - altijd leuk voor het effect, zo'n deus ex machina, maar geloofwaardiger wordt het er niet meteen op.

Het CryptogramHet Lam Gods is overduidelijk een "cryptogramschilderij", concludeert Peter Voorn na zijn jarenlang onderzoek, waarin hij is overgegaan tot een minutieuze beschrijving van alle panelen, personen, planten, torens en hun achterliggende allegorische betekenisvelden. Na een aanvaring met een Groningse hoogleraar stopte hij in 2005 met zijn werkzaamheden, en hij noemt het dan ook "zeer pijnlijk voor de academische wereld" dat resultaten van zijn onderzoek, zonder enige bronvermelding, nu te lezen staan in boeken en op internetfora, naast "oppervlakkig onderzochte stellingen" en "gestolen bevindingen van wetenschappers".

Over cryptogrammen gesproken... Peter Voorn ziet die ook opduiken in de figuur Tom R. van Karl Hammer-Kaatee, en in de naam van de "auteur" zelf. Tom R(iddle) is inderdaad een anagram van "Mort" (Dood), zodat Karl Hammer Kaatee de waarheid spreekt als hij verklaart dat Tom R. dood is. En volgens Voorn behoorden de initialen H.K. toe aan de schilder Hans of Albrecht Krutli uit Konstanz die hij identificeert als de schilder Hubrecht (Hubert), wiens initialen meermaals op het Gentse Altaarstuk werden teruggevonden. "Katee vond het bij de publicatie van zijn boek gepast ook de naam van zijn pleegvader Hammer aan de zijne toe te voegen, zodat zijn initialen ineens ook als H-K een begrip werden," zegt Voorn. En hij vraagt zich daarbij in één adem af: "Toeval? Of hebben we gewoon met platte schatgravers te maken die met andermans veren pronken?"