Posts tonen met het label Satans Lied. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Satans Lied. Alle posts tonen

27.7.15

Satans Lied bij Het Lam Gods in Rennes-le-Château



In juli 2015 was ik in Rennes-le-Château, het Zuidfranse dorpje dat door pastoor Bérenger Saunière wereldberoemd werd gemaakt. Ik bracht wat foto's mee en een stuk of wat bedenkingen. Over 'parallellismen' bijvoorbeeld.



Je kent het verhaal ongetwijfeld. Bérenger Saunière zou op het eind van de negentiende eeuw in zijn kerkje een schat ontdekt hebben van Visigoten, Katharen, Tempeliers... Of tenminste toch aanwijzingen die leidden naar een bergplaats. Al kan het ook een geheim geweest zijn met betrekking tot de Ark des Verbonds, de Graal, eventueel zelfs documenten met de stamboom of 'het Heilig Bloed' van de nakomelingen van Jezus Christus en Maria Magdalena.


Het verhaal werd door Baigent, Leigh & Lincoln in de vroege jaren 80 van de vorige eeuw het startpunt van een wereldwijde en controversiële non-fictie bestseller, Het Heilig Bloed en de Heilige Graal... Hun succes werd 20 jaar later door Dan Brown nog eens dunnetjes overgedaan met zijn historische thriller De Da Vinci Code.


Terribilis Est Locus Iste

Hoewel Bérenger Saunière wel degelijk iets heeft ontdekt en ongetwijfeld de mystieke en occulte kringen van zijn tijd frequenteerde, was hij ongetwijfeld ook een Meester van de Mystificatie en blijven zijn ultieme bedoelingen gehuld in mysterie. Zelf koester ik al een kwarteeuw de overtuiging dat hij deel uitmaakte van een netwerk, waarvan het hart zich niet in de Languedoc situeerde, maar een heel stuk noordelijker: in Brugge en Orval. Als Saunière, zoals beweerd wordt, te gast was in de occulte kringen van Parijs, dan kan hij niet anders dan daar kennis gemaakt hebben met de 'demonische' kapelaan van de Heilig Bloed Kapel van Brugge. Deze Louis Van Haecke werd door Joris-Karl Huysmans in zijn schandaalboek Là-Bas onsterfelijk gemaakt als de 'oppersatanist' chanoine Docre. Ik heb over deze mysterieuze geschiedenis van desinformatie en black propaganda geschreven in Het Bloed van het Lam en vooral ook, samen met de betreurde Philip Coppens, in De Paus van Satan. 



Het Heilig Bloed werd door de Tempeliers van het eerste uur en de graaf van Vlaanderen, Diederik van den Elzas, naar Brugge gebracht. Zijn zoon Filips zou aan Chrétien de Troyes de stof leveren voor het eerste, onafgewerkt gebleven Graalverhaal. Een slordige 250 jaar later verwerkte Jan Van Eyck deze geheimen gecodeerd in de polyptiek van het Lam Gods, en nog eens vijf eeuwen later raakten de adepten van het nazi occultisme ook ten zeerste gefascineerd door het 'ketterse' kunstwerk. Het zijn elementen die door zowel de mainstream als 'alternatieve' fringe historici over het hoofd zijn gekeken, omdat zij de geschiedenis van de Graal of de Tempeliers vanuit een zeer eenzijdig Frans of Engels standpunt schrijven. Maar wie beide verhalen objectief bekijkt, zal moeten toegeven dat het verhaal van Louis Van Haecke veel beter gedocumenteerd is dan dat van Saunière... en dat zij onmiskenbaar een boel parallellen hebben, die we bezwaarlijk louter aan het toeval kunnen toeschrijven. 


Een muurschildering in RLC die veel beter 
Van Haecke als onderwerp zou gehad hebben.

Wie het kerkje van Saunière bezoekt, in Rennes-le-Château, zal bij de ingang verwelkomd worden door een knielende Satan ('Rex Mundi')... en vervolgens zal je blik vallen op een Ecce Agnus Dei. Of: Johannes de Doper die Jezus Christus voorstelt aan de wereld, met de woorden: 'Ziehier het Lam Gods.'



We vinden zowel het Lam Gods als het mysterie van Rennes-le-Château terug in Satans Lied van Karl Hammer. Het boek pretendeert non-fictie te zijn en 'de jacht van de CIA op Jezus' te behandelen, maar is uiteindelijk zelf een zeer fictieve proeve van het het soort desinformatie en black propaganda waar het over handelt, en zelfs zijn titel aan ontleent. Helemaal op het eind vertelt de contactpersoon van Karl Hammer, ene Tom R., dat hij zijn mooiste tijd beleefde in het midden van de jaren '50, toen hij de Franse schrijver Gérard de Lieux ontmoette, die - met een knipoog naar de pauselijke zetel Santa Sede - het pseudoniem Gérard de Sède hanteerde:



Slechts af en toe vond ik een journalist die dan in de krant een artikel schreef over de pastoor die schatrijk was geworden door een verborgen schat. We overwogen daarom een boek te publiceren waarin we in geuren en kleuren over de verborgen schatten rond Rennes-le-Château schreven. Lastig was dan wel dat we een uitgeverij moesten benaderen en daarmee onvermijdelijk in de openbaarheid zouden treden. Liever had ik iemand die ik kon gebruiken als 'doorgeefluik'. Een van de krantenartikelen kwam terecht bij Gérard de Lieux. Hij zocht in die tijd nog zijn weg als schrijver en was natuurlijk, zoals alle aankomende schrijvers, op zoek naar een bestseller.Toen ik hem bij onze eerste ontmoeting aankeek, wist ik dat ik mijn doorgeefluik had gevonden.





Ons eigen manuscript verdween in een lade en we begonnen hem stap voor stap met informatie te voeden. Als een volgzaam lam brachten we hem binnen in onze omheining van bedrog en zijn publicaties werden letterlijk onbetaalbaar. Temeer omdat wij via hem in contact kwamen met BBC-schrijver en acteur Henry Soskin, die zijn naam wijzigde in Lincoln en volgens Gérard 'op zoek was naar materiaal om zijn carrière een beetje vaart te geven'. (...) Het zorgde voor een fascinerend schaakspel waarbij ik moest proberen om valse informatie te voeden, terwijl ik wist dat er in Engeland professionele producers en redacteuren de zaken evalueerden. (...) Als ik herkend werd door iemand van de BBC als de Hollander die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Londen had gewoond (diverse mensen van Bletchley Park waren bij de BBC terechtgekomen), dan was de ramp voor mij en Elfrie niet te overzien. Ik won het schaakspel. 


En het was minder moeilijk dan ik dacht, want al te kritische vragen bleven achterwege. Niemand vroeg zich bijvoorbeeld af waarom de rijke priester toch arm gestorven was. Jarenlang groeide het labyrint en net als Otto Rahn en Antonin Gadal in hun tijd, deden we steeds nieuwe 'vondsten' die we meestal zelf hadden gefabriceerd. We verzonnen bijvoorbeeld lange lijsten met namen van historische schatbewakers die we door Gérard en Henry lieten ontdekken bij onze bibliothecaris in Parijs. Het was werkelijk onvoorstelbaar dat de mannen niet in de gaten hadden dat bijvoorbeeld Jean Cocteau, die we als grootmeester opvoerden, een notoire, homoseksuele opiumverslaafde was die meer tijd in afkickcentra doorbracht dan ergens anders.(...)  




Helaas verloren we over de periode van enkele tientallen jaren de regie en begon het labyrint zich als een virus ongecontroleerd op te delen en te vermenigvuldigen. Niemand van ons had bij de aanvang rekening kunnen houden met de ontzaglijke wildgroei die ontstond door de nieuwe media van televisie, video, cd, dvd, en vooral internet. (...) Het werd tijd om barsten in de spiegels te gooien, dus misschien moest iemand van ons toch maar een eigen boek schrijven.


Voor wie er nog mocht aan twijfelen: de 'contactpersoon' van Karl Hammer heeft Baigent, Leigh & Lincoln dus de 'hoax' opgelepeld, die uiteindelijk tot De Da Vinci Code leidde. Het relaas van Tom R. wordt op geen enkel moment door Hammer gecheckt, is voor het grootste deel 'geleend' (zonder bronvermelding) en in zijn totaliteit compleet ongeloofwaardig, want in strijd met héél wat feiten. Toch wordt het door Hammer verkocht als een 'waargebeurd verhaal'. Hij hanteert in Satans Lied identiek dezelfde 'modus operandi' als zijn zegsman, de voormalig CIA-agent Tom R. - en Noël Corbu, Gerard de Sède en vooral Pierre Plantard en de 'Priorij van Sion', die aan de basis zouden liggen van Het Heilig Bloed en de Heilige Graal en de bibliotheken die in hun slipstream over dit onderwerp bij elkaar gepend werden.  


Sint-Antonius van de Verloren Voorwerpen

Des te merkwaardiger is het, dat de twee heilige Antoniussen die we terugvinden in het kerkje van Rennes-le-Château, ook vertegenwoordigd zijn in Leven & Werk van Karl Hammer: Sint-Antonius van Padua, Patroon van de Verloren Voorwerpen, met de lelie als attribuut; en Sint-Antonius de Egyptenaar - ook wel de Heremiet genoemd -, herkenbaar aan attributen als het Tau Kruis of Antoniuskruis, de bel of het varkentje. (Met dank aan Ton Majoor - de beide Antoniussen worden nogal eens met elkaar verward). Een Antoniuskapel, al dan niet gewijd aan de Patroon van de Verloren Voorwerpen, speelt een vooraanstaande rol in het Mysterie van Mittenwald. En de Heilige Antonius van het Tau Kruis is niet weg te denken uit Satans Lied en uit de Mysteries van het Lam Gods.

Sint-Antonius de Heremiet (van het Tau Kruis)

Het tweede boek van Karl Hammer, De tranen van de wolf / Gezocht: codebrekers handelt aan de oppervlakte over de zoektocht naar een nazischat, op basis van een gecodeerde muziekpartituur, in het Beierse Mittenwald. Onder de oppervlakte is het echter om een queeste naar een nazi heiligdom te doen - de Irminsul, Yggdrasil, Levensboom -, en de daarmee samenhangende occulte initiatie. Met Philip Coppens heb ik het meer dan eens over het Enigma Karl Hammer gehad. Philip heeft de zelfverklaarde Ebioniet nog geïnterviewd over Satans Lied; Hammer droeg bij die gelegenheid heel opzichtig het Tau kruis. Het hanteren van een dubbelzinnige symboliek is een handelsmerk van Hammer: de Tau kan zowel voor de Egyptische Mysteriën staan, als voor Sint-Antonius de Egyptenaar, en is het teken van de Franciscanen maar wordt ook geassocieerd met de paganistische Irminsul én met de Hamer van Thor, die beide tot de verbeelding van de nazi's spraken.


Zelf heb ik altijd het gevoel gehad dat een aantal onderzoekers met betrekking tot de nazi schat van Mittenwald materiaal 'opgelepeld' kregen, op de manier zoals Tom R. te werk zou zijn gegaan met De Sède, Lincoln & Co. Dit gebeurde onder meer via merkwaardige lemma's of wijzigingen aan lemma's op Wikipedia, door vreemde discussies op bijvoorbeeld het Graham Hancock forum, of door het anonieme bezorgen van links die naar een Antoniuskapel zouden leiden. Het is uiteraard niet meer dan een indruk, maar de parallellen zijn nu eenmaal feiten. Zoals het ook een feit is dat Philip Coppens vier jaar na het interview van Hammer een ontdekking deed, waarvan hij noch ik toen konden vermoeden dat ze opnieuw een niet te miskennen parallel Rennes-le-Château/Mittenwald bevatte. In De Hamer van Thor en op www.rauna.eu wordt reeds gemeld dat Ysa Pastora door het decoderen van de muziekpartituur naar de Irminsul van Mittenwald werd geleid, ook bekend als de Yggdrasil of de Levensboom. In een ebook dat Philip Coppens kort voor zijn dood publiceerde, wordt aangetoond dat Bérenger Saunière de verbouwingen aan de kerk van Rennes-le-Château, de aanleg van de tuin en de Tour Magdala op het grondplan van de Levensboom entte, zoals we die kennen uit de kabbala. 




Na mijn terugkeer uit Rennes-le-Château bleek er een berichtje van de mama van Filip (die bijna uitsluitend in het Engels publiceerde als Philip Coppens) op mijn antwoordapparaat te staan. Het grootste deel van zijn nalatenschap was in de USA gebleven, bij zijn echtgenote, de schrijfster Kathleen McGowan. Philip woonde al sinds eind jaren negentig in Londen, daarna in Edinburgh, en de laatste - zeer gelukkige - jaren van zijn leven in Los Angeles. Maar hij had in zijn ouderlijk huis ook nog een bureau, en boeken, en archieven - waarvan het grootste deel in het Nederlands. Na ruggenspraak met Kathleen, vroeg de mama van Philip zich af of ik misschien geïnteresseerd was in die boeken, tijdschriften, mappen met notities, correspondentie. Het was een betekenisvolle coïncidentie zoals ik er zo veel heb meegemaakt, en nog meemaak. 'Natuurlijk wel!' zei ik dus.

Zicht op de tuin

Eén van de allereerste typoscripten en correspondenties die ik bekeek, had te maken met een andere oude bekende: Jos Bertaulet. En met zijn boek De verloren koning en de bronnen van de graallegende (1991), die ook een rol speelt in Satans Lied. Bertaulet is - samen met Klaas Van Urk - een van de weinige onderzoekers die op basis van een decodering iets zeer concreets hebben gevonden. In zijn geval betrof het een kelder in Notre Dame de Marceille, 'een geheim oord in de geschiedenis van Frankrijk'. Het leidde alvast tot dit, laten we zeggen, nogal 'impressionistisch' artikel. Maar het ziet er naar uit dat er nog heel wat stukken zullen volgen, die veel concreter zullen zijn.

10.6.10

Paulus Paulus & de Mysteries van het Lam Gods



Op 8 april ontving ik een tegelijk sympathiek en intrigerend mailtje uit Nederland, van de heer Paulus Paulus:
Na mij grondig verdiept heb in de zaak rond de Rechtvaardige Rechters blijft er voor mij een raadselachtige figuur over die mij in het hele gebeuren om bepaalde redenen intrigeert: William Luck. In uw analyse zien wij deze man transformeren van een modale BRT medewerker tot een speurder met Sherlock Holmesachtige kwaliteiten. De wijze waarop hij de zaak aanpakt getuigt van een ver boven het gemiddelde liggende intelligentie. Waarom meet deze man zich een schuilnaam aan?. Hoe kwam hij opeens in uw onderzoek terecht? Is het mogelijk om anno 2010 de werkelijke naam van William Luck te onthullen of moet dit voor eeuwig geheim blijven?

Als u mij hier een antwoord op wilt geven zal ik ten zeerste erkentelijk zijn.

Ik antwoordde hierop dat het onderzoek waar de heer Paulus naar verwees en mijn contacten met William Luck al van twintig jaar geleden dateerden, en dat wij elkaar sindsdien ook niet meer gesproken hadden (zie ook De Mythe van de Rechtvaardige Rechters). Omdat William Luck het destijds verkoos te opereren onder een pseudoniem, voelde ik er ook weinig voor zijn ware naam te onthullen. En alles wat hij me in 1990 kon vertellen, had hij in de jaren 60 reeds in de krant gepubliceerd.

Mijn correspondent antwoordde dat hij mijn trouw aan een ooit gedane belofte respecteerde (in verband met het pseudoniem), maar dat het een reden had waarom hij de identiteit van William Luck graag wilde weten:

Deze William Luck doet mij in sterke mate denken aan de Tom R. uit het in 2006 verschenen boek "Het satanslied" van Karl Hammer-Kaatee. Opvallend is de overeenkomst. Zowel in uw geval als in het geval van Hammer-Kaatee verschijnt er een zeer scherpzinnige geest die het leven binnendringt van een radio/televisiemedewerker. In beide gevallen gaat het om de inbreng van een heldere analyse in de zeer duistere zaak van het lam Gods. De wijze van analyseren toont een grote mate van verwantschap. Zou het niet mogelijk zijn dat de voor de CIA dood verklaarde Tom R. na opheldering van het Rennes le Chateau-raadsel in 1949, in 1960 weer opduikt als "Het licht van Dendermonde"?.

Vervolgens verschijnt hij opnieuw in 1990 om in uw werk een sturende functie te vervullen. Zijn William Luck en Tom R. een en dezelfde figuur? Is de geest van Arsene Goedertier in dit dubbelwezen teruggekeerd?

Wanneer ik het hele Lam Godsdrama overzie dan bekruipt mij het gevoel dat er om dit drieluik zeer bewust een ondoordringbaar web van Wahrheit und Dichtung gesponnen is, en wel op de zelfde wijze als volgens Hammer-Kaatee door de ebionieten in de zaak Rennes le Chateau is gedaan. Het wachten lijkt in dit geval ook op een onbevangen en honderd procent zuivere geest die dit alles eens zal oplossen, een soort Frodo Balings uit Tolkiens "In de ban van de Ring". Ik zal dit alles nog eens laten bezinken. Misschien dat ik er een nadere beschouwing aan waag. Die zal ik u dan zeker doen toekomen.

Ik antwoordde dat het ongetwijfeld een interessante observatie was die de heer Paulus hier deed: "Met betrekking tot William Luck kan ik u wel vertellen dat hij eind jaren tachtig, begin jaren negentig al een hele tijd een werknemer was van wat toen nog de BRT heette (de openbare omroep) en onder meer daarom onmogelijk Tom R. geweest kan zijn."
Het overkomt me wel meer dat ik gecontacteerd word door onderzoekers die het licht menen gezien te hebben, met betrekking tot de Mysteries van het Lam Gods. Maar de rustige en beschaafde toon en stijl van deze heer, die onmiskenbaar een erudiet man moest zijn, namen mij voor hem in. Ik was dan ook blij verrast toen ik op 7 juni opnieuw een mailtje van de heer Paulus mocht ontvangen, met een brief in bijlage, getiteld vergezeld van een brief, getiteld  "Bernauw X" en met de melding: "In de bijlage treft u een korte brief met betrekking tot de identiteit van William Luck. Hopelijk zet het u aan tot een gepaste reactie."
Met de toestemming van de heer Paulus druk ik de brief hierbij af:

Geachte heer Bernauw,

In een e-mail van 9 april j.l. wees ik u op de mijns inziens frappante overeenkomst tussen William Luck zoals die verschijnt in uw boek “De mythe van de rechtvaardige rechters” en Tom R. zoals die verschijnt in het boek “Het Satanslied” van Karl Hammer-Kaatee.

Op mijn vraag of William Luck en Tom R. wellicht één en dezelfde persoon waren, antwoordde u dat dit gezien William Lucks functie bij de BRT in de jaren negentig onmogelijk was. Dit zal inderdaad kloppen omdat Tom R. in die tijd al circa vijfenzeventig jaar oud geweest moet zijn en een actief dienstverband bij een omroep op die leeftijd niet erg waarschijnlijk meer is.

Inmiddels heb ik de pseudonieme identiteit van William Luck kunnen achterhalen. Deze pseudonieme identiteit levert ons de sleutel om het hele Lam Gods Mysterie op te lossen. De feiten die ik hierin ontdekte sloten exact aan op feiten die ik al eerder ontdekte. Het mysterie is dus onthuld. Ik wil hier echter niet eerder iets over kwijt dan na uw reactie op de volgende kanttekening vernomen te hebben:

William Luck en Tom R. dienden zich beiden aan bij twee omroepmedewerkers/publicisten uit respectievelijk België en Nederland. Zij wensten beiden hun ware identiteit niet prijs te geven. Hun stijl van analyseren is vrijwel identiek. Het doet sterk denken aan de stijl van Sherlock Holmes. Deze oppergod verschijnt pas ten tonele wanneer de lagere goden hopeloos zijn vastgelopen. Met een laconieke maar uiterst trefzekere verwijzing naar een aantal subtiele details die de gewone agenten volstrekt over het hoofd hebben gezien, onderstreept Holmes zijn onbetwistbare superioriteit als speurder.

Het stond voor mij direct vast dat William Luck en Tom R. geest/bloedverwanten zijn die ongetwijfeld rechtstreeks contact met elkaar hadden omdat zij dezelfde zaak dienden. Het was hun beider opdracht om zoveel hele en halve waarheden rond de diefstal van het paneel de Rechtvaardige Rechters te verspreiden, dat geen sterveling ooit nog de ware toedracht rond deze ontvreemding kon achterhalen. In deze opdracht zijn ze wonderwel geslaagd. Ik vermoed dat er tussen Tom R. en William Luck een oom/neefrelatie bestaat.

Het speurwerk van William Luck richt zich direct op de zaak. Het speurwerk van Tom R. gaat echter nog veel verder. Het verbindt België, Duitsland, Frankrijk direct, en Israël, Engeland en de V.S. indirect met elkaar. Er hoeft geen enkele twijfel over te bestaan dat achter William Luck en Tom R. de kern van een machtige en wijdvertakte organisatie zit die het uiterst merkwaardige maar zeer diepgaande motief heeft om een historisch gegeven zowel te verduisteren als te verlichten. Deze organisatie heeft tot nu toe geen enkel middel geschuwd om dit “schizofrene” doel te realiseren.

In uw kritiek op het boek “Het Satanslied” van Hammer-Kaatee wijst u ondermeer op het pijnlijk ontbreken van adequaat bronnenmateriaal. Dit is zeer bewust gedaan. De lezer moet het raadsel niet in de materie, maar in de geest oplossen. Dit verwijst naar bronnenmateriaal dat de tastbare materie ontstijgt. De jeugdboeken die u zelf schrijft behoren tot dit immateriële bronnenmateriaal. Geen enkele exacte wetenschapper die zal dergelijk fantastisch bronnenmateriaal accepteren. Toch zal de onthulling van het mysterie hen dwingen dit bronnenmateriaal te accepteren en hen dwingen om al hun vastgeroeste denkbeelden over massa en energie en materie en geest te herzien.

Wanneer u in uw boek wel bronnen vermeldt en Hammer-Kaatee doet dit niet, dan maakt dit voor de lezers in feite niets uit. De enige bron die voor de lezers van beide boeken er werkelijk toe doet is de ware identiteit van de ongrijpbare tweeling die zich als William Luck en Tom R. aan hen presenteren.

Ik hoop dat dit bericht voldoende licht in het duister werpt dat u hierop zult reageren.

Met vriendelijke groet,

Paulus Paulus



Ik antwoordde dat ik met veel interesse de analyse van de heer Paulus had gelezen, met betrekking tot de identiteit van William Luck / Tom R: 'Wat u daar schrijft over het Sherlock Holmes Syndroom, snijdt wel hout. Zowel William Luck als Tom R. waren een soort van "Sherlock Holmes"-archetypen. Geestverwantschap is er ongetwijfeld, maar op basis hiervan ook besluiten dat er een bloedverwantschap zou zijn, of dat zowel Tom R. als William Luck eenzelfde finaal doel nastreven, tot eenzelfde organisatie behoren, enz... lijkt mij toch wel heel kort door de bocht. Ik heb in die twintig jaar waarin ik met de mysteries van het Lam Gods bezig ben - soms vrij intensief, soms meer vanop afstand - een boel figuren en personages ontmoet die tot hetzelfde archetype behoren, vanuit eenzelfde inspiratie denken en handelen, en eenzelfde geestverwantschap vertonen. Om in de sfeer te blijven: als William Luck leed aan het Sherlock Holmes Syndroom, dan is de sympathieke Mario De Roo een vleesgeworden Miss Marple.

Uw hypothese lijkt mij, met andere woorden, "de stof waarvan dromen" (en historische detectiveromans) gemaakt zijn. In die zin vind ik het ook een fascinerend en boeiend uitgangspunt. Maar ik twijfel er sterk aan of de Mysteries van het Lam Gods via dit werk- en denkmodel verklaard kunnen worden. Daarvoor is er mijns inziens toch wat meer "materieel" bewijsmateriaal nodig.

Niettemin, mocht u uw hypothese graag publiek maken, met woord- en wederwoord, dan stel ik mijn blog graag voor u open. U zegt het maar!'
Hierop reageerde de heer Paulus vrijwel meteen met een brief getiteld "Bernauw XA" waarin er plotseling een extra t verscheen in zijn woonplaats Gendringen:

Geachte heer Bernauw,

In de brief die ik u gisteren stuurde zei ik dat de ware identiteit van William Luck in dit pseudoniem ligt. Dit pseudoniem is de sleutel die ons toegang geeft tot de materiële bewijzen die u zo graag wilt zien. Ik verwachtte dan ook dat u uw pijlen hierop zou richten. U zoomde echter in op het “Sherlock Holmes Syndroom”. Dit is op zich niet erg want het geeft meteen aansluiting op een ander Sherlock Holmes aspect.

Sherlock Holmes ziet telkens weer details die andere speurders volledig over het hoofd zien. Het uitvergroten en combineren van deze details leidt in veel gevallen tot de oplossing van het misdrijf.

In hun immense haast om alles te verklaren hebben zowel alfa- als bètawetenschappen in de vorige eeuw een paar details over het hoofd gezien en/of deze niet goed geïnterpreteerd. Hierdoor is de religie in staat van ontbinding geraakt en heeft de exacte wetenschap met de deeltjesversneller in Genève een absoluut dieptepunt in haar denken bereikt. Dit faustische project zal dan ook spoedig een toren van Babel onder de grond blijken.

Wat ik ontdekte is dat het Lam Gods van de gebroeders van Eyck deze door alfa- en bètawetenschappen verwaarloosde details uitvergroot en combineert waardoor wij het “misdrijf” eindelijk kunnen oplossen. In het Lam Gods doordringen alfa –en bètafeiten elkaar op een volstrekt unieke wijze. De hele geschiedenis rond het verdwenen paneel met de Rechtvaardige Rechters vormt een magistrale illustratie van dit gegeven.

Het Lam symboliseert het midden. Wij alle weten dat de waarheid in het midden ligt. Ons ongeneeslijke dualisme dwingt ons echter telkens weer voor zwart-wit opties te kiezen en weg te vluchten van het midden. De vier mensgroepen op het drieluik zijn in zich zelf verstard en gedwongen om naar het midden te kijken. Hier bevindt zich het lam dat dood en levend tegelijk is. Op dit punt doordringen materie en geest, theologie en fysica elkaar. Zwart-wit wordt grijs. Dit grijs nu is de stof waaruit onze dromen zijn gemaakt. Deze stof hebben we zichtbaar kunnen maken. Hierdoor zijn we eindelijk in staat om te begrijpen hoe materiële en geestelijke identiteit ontstaat.

U stelde voor om een en ander via uw weblog naar buiten te brengen. Ik heb u in deze zaak persoonlijk benaderd omdat de uitkomst van mijn onderzoek een zeer grote impact kan hebben en ik op grond daarvan alle reden heb er voor te zorgen dat deze uitkomst op een correcte wijze en op korte termijn naar buiten wordt gebracht.

Internetdiscussies vervullen mij door hun veelal chaotisch karakter met grote huiver. Ik heb mijn ontdekkingen kunnen doen dankzij internet, maar ik heb tegelijkertijd ook ervaren dat dit medium ons denken in hoge mate kan fragmenteren. We razen als een F-16 over een mooi landschap maar zien alleen nog veelkleurige vlakken, vlekken en lijnen. Bijzonder details en grote verbanden ontgaan ons hierdoor maar al te vaak. En zoals ik al aangaf kwam mijn ontdekking voort uit het tijdig herkennen en combineren van bijzondere maar over het hoofd geziene details.

Omdat u zelf al jarenlang zeer dicht bij het vuur heeft gezeten en u de meeste feiten rond het Lam Gods en de Rechtvaardige Rechters kent, lijkt hij mij verstandiger dat ik u in de hier gehanteerde internetbriefvorm de eerste aanwijzingen geef. Ik ben ervan overtuigd dat deze aanwijzingen u het belang van de ontdekking snel zullen doen inzien. Bovendien zal ik ook nog iets moeten laten zien wat mijns inziens alleen in een direct persoonlijk contact goed overdraagbaar is. Wanneer alle feiten eenmaal boven water en algemeen geaccepteerd zijn dan ben ik ervan overtuigd dat uw boeken een groot aantal herdrukken zullen gaan beleven.

Ik kan u in principe morgen of overmorgen al de eerste aanwijzing geven. U kunt dan zelf beslissen of dit de goede benadering is of dat het wellicht toch beter is dit via uw weblog voort te zetten. Wanneer u hier goede argumenten voor heeft dan wil ik deze benadering alsnog in overweging nemen. Ik hoor dan graag van u hoe ik hier binnenkom.

Het kan natuurlijk ook nog zijn dat u een ander idee heeft om deze toch niet alledaagse materie voor het voetlicht te brengen. Ik hoor dit dan graag van u.

Met vriendelijke groet,

Paulus Paulus

Gendtringen

Als schrijver van "faction" thrillers, antwoordde ik, kon ik niet anders dan de aanpak en benadering van de heer Paulus fascinerend vinden. Ik gaf mijn correspondent gelijk wat de internetfora betrof: die waren chaotisch, en een discussie liep daar binnen de kortste keren uit de hand. Maar op een blog als deze zouden wij niet alleen zelf kunnen bepalen wat erop verscheen, maar ook de reacties in de hand kunnen houden.

"Wat ik in gedachten had, is het volgende: u schrijft mij zoals u dat nu doet (brief in de mail), en ik kopieer uw brieven en publiceer ze op mijn blog, samen met mijn reactie. Zo wordt de lezer getuige van onze correspondentie en kan hij/zij daar, eventueel, aan deelnemen."

Vervolgens kreeg ik in een mail van 10 juni de toestemming om onze correspondentie op deze blog te publiceren, samen met een nieuwe brief getiteld "Bernauw AB":


Gendringen, 10 juni 2010


Geachte heer Bernauw,

In mijn vorige brief gaf ik aan dat in het Lam Gods, zoals afgebeeld op het drieluik van de gebroeders van Eyck, alfa –en bètakrachten elkaar doordringen. Het gaat echter nog verder. Dit kunstwerk is niet alleen een zeer indrukwekkende artistieke en religieuze schepping, maar bovenal het symbool van een natuurkundig fenomeen van de allerhoogste orde.

Het lam in het midden van de vier mensgroepen is de katalysator van vier begrippen die we in de wetenschap terugvinden als alfa-, bèta-, gamma- en delta. Wij kennen deze begrippen in de hoedanigheid van straling en hersengolven en als aanduiding van wetenschappelijke disciplines. Alfa, bèta en gamma vormen een drie-eenheid waarbij gamma in principe tussen alfa en bèta in staat. Het midden dus. Delta fungeert als een vierde macht die als een vierde dimensie alles lijkt te omvatten wat niet tot de drie-eenheid alfa, bèta en gamma behoort.

Met het onzekerheidsprincipe verbiedt de natuur de eeuwige en onaantastbare geldigheid van elk wetenschappelijk bewijs. Aan de hand van het Lam Gods en het drama rond de verdwijning van de Rechtvaardige Rechters wil ik aantonen dat de natuur wel kortstondige rustpunten kent waarin evenwicht herwonnen wordt en waaruit we kunnen opmaken dat wetenschap en religie evenals materie en geest onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden. In zo’n rustpunt beseffen we dat de geest de materie van binnen en van buiten bewerkt om haar vorm en identiteit te geven. Hierbij bevestigt de wetenschap de religie en bevestigt de religie de wetenschap. Ondernatuur en bovennatuur blijken onscheidbaar.

Ik zal in de drie-eenheidsvorm alfa - bèta - alfa laten zien hoe alfafeiten uit Jeruzalem en alfafeiten uit Dendermonde zich laten spiegelen in bepaalde bètafeiten zoals de fysica ons die in de vorige eeuw heeft aangetoond. Wanneer u zich hierin kunt vinden zal ik in een volgende brief laten zien hoe gamma en delta als een-tweeheid het fundament en bekroning van bovengenoemde drie-eenheid vormen. Het geheel zal ons helpen om eindelijk dieper inzicht te krijgen in ons ogenschijnlijk ondoorgrondelijke bestaan.

ALFA

In het boek “De mythe van de Rechtvaardige Rechters” van Patrick Bernauw verschijnt de meesterspeurder William Luck. Het eerste wat deze opmerkt is dat men bij een misdrijf nooit over een dader moet spreken indien nog niet vaststaat of de bewuste persoon ook de dader is. Men hanteert dan een vooroordeel. Men moet volgens William Luck in dit geval dus altijd spreken van de “vermoedelijke dader”.

In het jaar 33 van onze jaartelling trok een kleine groep rebellen de stad Jeruzalem binnen. In hun geloofsijver ranselden zij een aantal kooplieden de tempel uit omdat zij meenden dat commercie niet met religie viel te rijmen. Een van hen werd als dader gebrandmerkt en als zodanig opgepakt. De vooroordelen tegen deze man waren blijkbaar zo vele dat hij geen moment de status van “vermoedelijke dader” kreeg. Hij werd veroordeeld door een piramidale rechtbank belichaamd door het volk onderin, de elite bovenin en zijn eigen rebellengroep middenin. Tezamen vormden deze drie lagen de Drie Onrechtvaardige Rechters die ook alle drie omkoopbaar bleken.

De elites in de stad, de farizeeën en schriftgeleerden alsmede de stadhouder Pontius Pilatus, bleken evenzeer vatbaar voor het gif van vooroordeel als het volk. Maar het meest kwaadaardige gif school in de kern van de rebellengroep zelf, in het midden dus. Wij kennen dit gif als het “verraad van Judas”; het gif in het midden.

De vermoedelijke dader, die de hele wereld nu kent als Jezus Christus, werd tussen twee medeveroordeelden gekruisigd. Wat we vervolgens op Golgotha zien zijn drie “verheven” mannen tegenover drie “vernederde” vrouwen. Deze drie vrouwen staan onder de drie kruisen (de drie Maria’s). Wij zien een mannelijke drie-eenheid boven tegenover een vrouwelijke drie-eenheid beneden.

Precies zoals ooit Jozef in Egypte tussen de bakker en schenker moest vaststellen wie de gifmenger was, moest Jezus tussen beide gekruisigde medeveroordeelden vaststellen wie van beiden het goede of het kwade vertegenwoordigde. Echter, op het moment dat Jezus hen oordeelde, oordeelden zij Jezus. In de katalysator Jezus werden goed en kwaad exact gelijk verdeeld. De tijd stond stil en de wereld hield de adem in. Op dat cruciale moment werd het oordeel overgenomen door de middelste van de drie “vernederde” vrouwen:

Maria Magdalena. Zij veroordeelde Jezus.

Op dit tijdelijke eeuwigheidsmoment staarde Jezus verbijsterd naar de lege ruimte boven hem en vroeg radeloos: ”Mijn Vader waarom hebt Gij mij verlaten?”

Dit heeft de Vader gedaan omdat hij het oordeel van Maria Magdalena sanctioneerde.

In dit Goddelijke rustpunt werd een historische fout hersteld. De dochter werd verkozen boven de zoon. Dit feit bleek echter niet tot de mensheid te willen doordringen. Er volgden strafmaatregelen die in zwaarte zouden gaan escaleren.

Waarom werd Jezus veroordeeld?

Omdat hij een halve waarheid in zich droeg. Jezus bepleitte in zijn prediking telkenmale de verloochening van de (vrouwelijke) materie en het volgen van de (mannelijke) geest.

In de nacht voor zijn gevangenneming kreeg deze bi-sexuele middenmens de kans om zijn fout te herstellen door bij Maria Magdalena te gaan slapen. Hij verkoos echter bij zijn vrienden te slapen. In de keuze tussen de homosexuele of heterosexuele relatie koos de middenmens Jezus voor de homosexuele relatie. In toenemende mate zouden wij gaan ervaren wat het geloof in een halve waarheid kan uitrichten. Er zou een toestand ontstaan die Jezus zelf al had voorspeld (Lucas 12 : 49 t/m 53).

BÈTA

Radiocactief erts kan drie soorten straling produceren: alfa, bèta en gamma. Wordt dit erts in een magnetisch veld geplaatst dan zullen de positief geladen alfadeeltjes naar links gaan, de negatief geladen bètadeeltjes naar rechts en de neutraal geladen gammadeeltjes zullen daartussen recht omhoog gaan. De alfa- en bètadeeltjes zijn het makkelijkst tegen te houden, de gammadeeltjes het moeilijkst. Alle deeltjes zijn schadelijk maar de gammadeeltjes zijn het meest schadelijk. Gammadeeltjes zijn zeer energierijke fotonen die als “lichtpakketjes”de kenmerken, van zowel golfje als deeltje vertonen. Deze geconcentreerde dualiteit kan al naar de dosering zowel vernietigend als helend werken.

De deeltjesfysica leert ons dat zich in proton en neutron elk drie quarks bevinden. Zij vormen beide een fysische drie-eenheid. In het (mannelijke) proton zitten twee “opquarks” en één “neerquark”. De opwaartse en geestzoekende kracht is in het proton is dus dominant. In het (vrouwelijke) neutron zitten twee “neerquarks”en één “opquark”. De neerwaartse en materiezoekende kracht is in het neutron dominant. Proton en neutron zijn in de atoomkern muurvast met elkaar verbonden.

Wat God verbonden heeft scheide de mens niet. Bij het geforceerd scheiden van proton en neutron komt een overdosis energie en straling vrij. Hiroshima, Nagasaki en Tsjernobil hebben ons de gevolgen hiervan leren kennen.

De zogenaamde “neutrale kaonen” vormen wellicht de meest bizarre deeltjes die de fysica ontdekt heeft. Ze behoren tot de “mesonen” (meson-midden). Dit zijn wat de fysica “boodschapperdeeltjes” noemt. De neutrale kaonen kunnen elkaar doordringen en hun eigenschappen onderling verwisselen. Ze bestaan uit een “anti-neerquark” en een “vreemdquark”. De neutrale kaonen kunnen deze quarkladingen echter op elk willekeurig moment onderling omkeren zodat de combinatie anti-vreemd- en neerquark ontstaat.

De deeltjes hebben een verschillende levensduur. Daarom onderscheiden we K-kort en K-lang. De K-lang deeltjes kunnen regeneren. Door sterke interacties met de materie aan te gaan kunnen langlevende deeltjes in de kortlevende vorm terugkeren. Tot verbijstering van de fysici bleken deze neutrale kaonen een zodanig afwijkend verval te hebben dat zij de onschendbaar geachte symmetrie in de natuur schonden. Het langlevende kaon bleek in twee van de duizend gevallen niet in drie pionen, maar in twee pionen te vervallen. (Het kortlevende kaon vervalt altijd in twee pionen) Door deze afwijking kan een constant dynamische toestand (2 : 3) veranderen in een statische toestand (2 : 2).

De natuur toont ons een rustpunt waarin zij zichzelf beziet. Zij meet haar totale toestand door om vervolgens een beslissing over de voortgang te nemen. Het is een superbewustzijnstoestand die zich in een droom zowel als nachtmerrie als een hemels visioen kan openbaren.

De kwantumfysica heeft ons geleerd dat in de wereld van de fundamentele bouwsteentjes (sub-atomaire deeltjes) alleen maar waarschijnlijkheidstoestanden bestaan. In deze wereld bestaat geen enkele zekerheid behalve de zekerheid van het tijdelijke rustpunt waarin de toestand op het “slagveld” met een alles overziende blik bekeken wordt en een beslissing over de voortgang van de “strijd” wordt genomen. In de afwijking ligt de zekerheid.

De natuurkundige Erwin Schrödinger heeft de onzekerheid in de natuur geïllustreerd met het voorbeeld van een kat wiens leven afhankelijk is van de 50/50 kans dat een radioactief deeltje opwaarts of neerwaarts vervalt. In het kwantumfysisch perspectief bestaat deze eenduidige kansverdeling echter niet. De kat bevindt zich in beide kansen tegelijk. In deze toestand is de kat dus dood en levend tegelijk.

In het midden van het drieluik het Lam Gods zien wij een lam waarvan de hals is doorgesneden. Het bloedende lam blijft echter fier overeind staan. De vier in zich zelf bevroren mensgroepen worden gedwongen om naar een wezen te kijken dat dood en levend tegelijk is. Het Lam is de katalysator van hun onmacht om deze waarheid te zien.

ALFA

In 1934 sterf de natuurkundige Marie Curie door de gevolgen van een overdosis uraniumstraling.

In 1934 opent de natuurkundige Enrico Fermi de deur die de wetenschap toegang zal verschaffen tot de ruimte waarin de atoomkern gespleten kan worden.

In 1934 verkrijgt Adolf Hitler de absolute almacht in Duitsland. Er ontstaat een toestand waarbij het recht met leren laarzen vertrapt zal worden.

In 1934 wordt het paneel de Rechtvaardige Rechters op uiterst raadselachtige wijze ontvreemd uit het Drieluik van de gebroeders van Eyck in de Sint Baafskathedraal te Gent.

Dit vergrijp vindt plaats in een godshuis, een tempel. Vier maanden na dit vergrijp sterft de vermoedelijk dader in het dorp Dendermonde en wel onder twijfelachtige omstandigheden. Zijn naam: Arsène Goedertier.

Een piramidale rechtbank opgebouwd uit een omkoopbaar volk onderin, een omkoopbare elite bovenin en een omkoopbare middengroep, waartoe de vermoedelijke dader zelf behoort, middenin, heeft het oordeel al klaar: het “vermoedelijke” kan geschrapt worden. Arsène Goedertier is de dader en dient als zodanig postuum gekruisigd te worden.

Goedertier komt niet alleen op Golgotha te hangen. Hij wordt al zeer spoedig geflankeerd door twee medeverdachten : zijn vriend en familielid Achiel de Swaef die op de dag van Goedertiers begrafenis onder twijfelachtige omstandigheden sterft en zijn zwager Oscar Lievens die drie maanden later onder eveneens twijfelachtige omstandigheden sterft.

Een natuurkundige zou zeggen Goedertier wordt geflankeerd door een K-kort en een K-lang deeltje die beide in staat geacht moeten worden het hele systeem gedurende een kortstondig rustpunt volledig door te meten teneinde de mate van schuld vast te stellen van hem die tussen hen in hangt. Stel nu dat Goedertier precies even schuldig als onschuldig blijkt, wie zal dan het oordeel over hem vellen?

Op het Golgotha van Dendermonde hangt alleen nog een troosteloze en in staat van ontbinding verkerende mannelijke drie-eenheid. Van een vrouwelijke drie-eenheid is geen spoor te bekennen. De vrouwelijke drie-eenheid heeft zich van deze mannelijk drie-eenheid afgewend. Met de man die ooit eerst van de appel van kennis at en die vervolgens aan de vrouw gaf , wordt in Dendermonde afgerekend.

Terwijl het corrupte volk, de corrupte elite en de corrupte middenstand hoofdschuddend toekijken, hangen drie “verheven” mannen daar in een vernederende staat van beschuldiging. Wie kan hier nog oordelen? Ligt het oordeel in Arsène Goedertier zelf? Ligt het oordeel in zijn afpersingsbrieven die hij telkens ondertekende met “D.U. A.”? Ligt het oordeel in het gif van het midden?

Hoe moeten we dit D. U. A . dan vertalen? :

Demon Uranium Arsenicum of Deo Uranium Arsenicum?

Of ligt het oordeel als een oneindig kleine grootheid verborgen in het Lam Gods, in de geest van de drie verdwenen vrouwen die de vijfde brief van Goedertier in genade ondertekenen met “A.N.S.”?

Arsène Niet Schuldig

Geachte heer Bernauw, u ziet dat we hier de bodem bereikt hebben van een denken waarbij Alfa en Bèta of wetenschap en religie, maar we kunnen ook zeggen materie en geest zich met elkaar vermengen.

Ongetwijfeld zullen er wetenschappers zijn die op de speculatie-elementen in deze redenering wijzen. Deze mensen zullen er altijd blijven want ze zijn ongeneeslijk en immuun voor elk wonder. In “Delta” rekenen wij hen af.

Wij zullen moeten gaan begrijpen dat die mysterieuze en voor het oog onzichtbare elementaire bouwsteentjes reeds alle elementen bevatten die elk bouwwerk zijn hoogst persoonlijk structuur en identiteit geven.

Wij zullen ook moeten gaan begrijpen dat ons zonnestelsel in het universum niet anders is dan een uiterst complexe cel met een gloeiende kern (de zon). Met deze uitvergrote cel kan alles gedaan worden wat wij inmiddels ook met cellen kunnen doen en nog oneindig veel meer.

Binnen deze cel is de materie dominant. Buiten deze cel en in haar diepste kern is de geest dominant. Wij zijn het product van de wisselwerking tussen kern en omhulling.

De belangrijkste conclusie die wij hieruit zullen moeten trekken is dat de geest vooruit gaat aan de materie. Dit betekent dat bij het ontstaan van menselijk leven een psychische conceptie voorafgaat aan een fysieke conceptie

Dit gegeven kan ik in de materie aantonen en zal de aanzet daartoe geven in de nog te volgen hoofdstukken “gamma”en “delta”. Zoals we afgesproken hebben wacht ik op uw reactie voordat ik u deze toestuur. Dit kan in principe volgende week zijn.

Delta is al klaar. Gamma zit reeds in mijn hoofd maar die moet ik nog vorm geven.

Met vriendelijke groet,

Paulus Paulus

Hierop heb ik vandaag het volgende geantwoord:

Het is mij nog niet duidelijk waar u precies naartoe wil, maar het minste wat er kan gezegd worden van uw aanpak, is dat ze verrassend is door het filosofisch-metafysisch perspectief van waaruit u de zaken bekijkt. Uw benadering doet mij denken aan de analyse van een conceptueel kunstwerk - alleen analyseert u niet alleen dat kunstwerk, maar tegelijk ook een wetenschappelijke werkelijkheid en "een geschiedenis" van gebeurtenissen. Op die manier wordt een hypothese eigenlijk ook een soort van conceptuele kunst en bevinden we ons in een domein waar wetenschap, poëzie en mystiek elkaar raken en beïnvloeden. Eén en ander doet denken aan de theoretici die aan bod komen in een werk als "De Slinger van Foucault" van Umberto Eco. Ze geven "de dingen" de glans van onvermoede dimensies mee. Fascinerend!

17.5.09

Stichting Frieda, Topcrew, Ebion... en Karl Hammer-Kaatee

Karl Hammer-Kaatee laat regelmatig vermelden dat de opbrengsten van zijn boek Satans Lied (zie een vorige post) naar een goed doel gaan, namelijk de Stichting Frieda. Dit lijkt bijzonder lovenswaardig. Het zou evenwel nog lovenswaardiger zijn, mocht Karl Hammer-Kaatee de opbrengsten van zijn werk schenken aan een goed doel waarbij hij niet in een of andere functie betrokken is. En het zou pas écht lovenswaardig zijn als hij ook niet overal ging rondtoeteren dat al zijn inkomsten uit Satans Lied naar een goed doel gaan. ("Het boek is niet geschreven om mijn zakken te vullen. Ik krijg persoonlijk geen cent van de opbrengst. Alles gaat naar een goed doel. (...) Wat zou mijn spiritualiteit waard zijn als mijn integriteit te koop is?" - Uit een interview met Frontier, januari/februari 2008.)

"Karl is werkzaam voor Stichting Frieda www.frieda.nl waar hij zich inzet voor diverse goodwillprojecten," lees ik op http://www.uitgeverijelmar.nl/auteur.asp?auteurnr=940 (de site van zijn uitgeverij). Nu is een Nederlandse Stichting vergelijkbaar met een Belgische Vereniging Zonder Winstoogmerk. Nogal wat artiesten zijn "in dienst" van hun eigen vzw en worden door die vzw ook een maandloon uitgekeerd. Dit is volstrekt bona fide en een courante praktijk, maar het zegt helemaal niets over de altruïstische motieven van de schrijver, integendeel. Nogal wat artiesten gebruiken dit soort constructies immers ook om belastingen te ontwijken. Let wel: ik schrijf niet "ontduiken", maar "ontwijken" - wat alweer perfect legaal is.

De website van Stichting Frieda, Dienstverlening in Rust & Ruimte (http://www.frieda.nl) is momenteel offline. De copyright vermelding spreekt van 1998, hernieuwd in 2007... Blijkbaar is de website dus al twee jaar niet bijgewerkt. Of er nog veel diensten worden verleend "in Rust & Ruimte" is dus zeer de vraag.

Op het forum van Terug Naar De Bron (http://www.terugnaardebron.com) werd een klein onderzoekje ingesteld naar een van de vele mediabedrijven waar Hammer-Kaatee bij betrokken is (geweest?). Topcrew (http://www.topcrew.nl) was ook ingeschreven op het filmfestival van Cannes, Hammer-Kaatee verbleef daar toen in het peperdure viersterrenhotel Sofitel Mediterranee. Hij wordt ook als filmfinancier vermeld, samen met giganten als ABN Amro en Pierson. Opmerking van de poster: "Dit alles smeekt natuurlijk om de vraag waar iemand die zogenaamd met een obscure stichting in een achterstandwijk van Breda zit, het geld vandaan haalt om naar het duurste en grootste filmfestival ter wereld te gaan en hoe hij terechtkomt tussen namen van financiële giganten..."

Ik zou hierbij ook een sarcastische opmerking kunnen maken over de rust & ruimte die verstrekt worden in een viersterrenhotel in Cannes, maar dat doe ik uiteraard niet. Liever citeer ik nog een stukje uit het Frontier interview, over de rijkdom van de Kerk: "Het probleem van Tom, en van mij, zat hem er in dat er erg veel geld werd uitgegeven aan pracht en praal. Ik heb daarover het laatste jaar diverse gesprekken gehad met belangrijke geestelijken. Niet alleen katholieken, ook uit andere religies."

Topcrew is nauw gelieerd met United Broadcast Facilities en uitgeverij Elmar. Een puur commerciële onderneming, en blijkbaar ook een Stichting: "Stichting Topcrew KvK nr. 41225401" (zie www.topcrew.nl).

Uit het reeds geciteerde Frontier interview:
En nu? Leef je nu een leven in stijl met Franciscus van Assisi?
Nee, ik leef in de stijl van Ebionieten (Ebionieten leven volgens de leringen van Jezus; in principe was Jezus de eerste Ebioniet.)


Een ander mediabedrijf van Hammer-Kaatee is http://www.ebion.eu . Volgens de reeds geciteerde website van Uitgeverij Elmar heeft hij daar "zijn activiteiten op het gebied van kunst, fotografie en documentaires" ondergebracht.

Copy/paste van de website:

"Ebion is a well-connected and reliable authors' agency that brings the work of writers and content creators to the attention of publishers and film/TV producers. We handle story material for books, documentaries and films, and offer a secure database to store ideas and concepts (formats) for television programmes. Currently, we handle primarily English and Dutch/Belgian authors but this is due to extend in 2008 to more EU countries, including Germany, France, Italy and Spain. Ebion has been founded by journalist, writer and director Karl Hammer as an extension to his work in the media industry, which spans over 20 years."

"Ebion media is part of media organisation Topcrew, founded by journalist, writer and director Karl Hammer Kaatee. Karl is a highly experienced media professional. During his 20 years in the media business, he has worked for Dutch public broadcaster AVRO, Joop van den Ende productions/Endemol, RTL, Pearson International and the Kirch-Gruppe, among others. He began his career as a production assistant and rose to become a multi-faceted media talent and author. Recently published works are Satan's song and The tears of the wolf. Karl's experience and expertise therefore enables him to be fully in tune with the needs of producers while also understanding the painstaking journey that newcomers to the world of publishing and production companies often have to undertake to establish themselves."

Ebion is met andere woorden een puur commercieel mediabedrijf, nauw verbonden met Topcrew, dat als agentschap sensationele ideeën "verzamelt", promoot en eventueel ook produceert. Het heeft een "veilige database" waar ook jouw concepten, formats en verhaalideeën voor tv-programma's kunnen opgeslagen worden. Combineer dit met de vaststelling dat meer dan 3/4 van het verhaalmateriaal uit Satans Lied bewijsbaar tweedehands is - het komt nu eenmaal in àndere boeken voor, die eerder verschenen - dan krijg ik daar alvast een zeer vieze smaak van in de mond. Voor de rest moet iedereen maar voor zichzelf uitmaken waarom een dergelijk bedrijf vernoemd werd naar een spirituele secte, die van de Ebionieten (google ze maar even, of probeer het met het Engelse "Ebionites") waarover Hammer-Kaatee het ook in zijn boek heeft en waarmee hij banden zou hebben. Ik kan er in ieder geval geen goeie reden voor bedenken, tenzij een zeer cynische.

Bij wijze van uitsmijter volgt hieronder een copy/paste van de pagina waar een beloning van 25.000 euro wordt uitgeloofd voor wie een code kan breken die naar een nazi-schat zou leiden (http://www.detranenvandewolf.nl/beloning.html) - en dit naar aanleiding van het boek "De Tranen van de Wolf" van Karl Hammer-Kaatee. Ik heb niks tegen een goed schatverhaal, integendeel. En ik heb ook niks tegen een goeie mediastunt. Ik heb alleen iets tegen doorzichtige barnum-promotieacties, tegen schreeuwerige hypes, tegen sensationele toestanden die niks met literatuur te maken hebben en er alleen moeten toe dienen een boek verkocht te krijgen. Bovendien vind ik het, zelf al 20 jaar in de "mediabusiness" actief, "out of character" dat je je enerzijds profileert als "spiritueel auteur" en er anderzijds niet voor terugschrikt plat-commerciële technieken te hanteren. Hammer-Kaatee weet drommels goed hoe hij een mediacampagne moet opzetten, zie ook zijn aanwezigheid op binnen- en buitenlandse fora. Hoeveel pseudoniemen heeft hij daarbij gebruikt? Hoeveel "medewerkers" ingezet? Hoeveel mediabedrijven? Hoeveel "webredacties"?

Karl Hammer-Kaatee in Frontier:
Ik sta bijvoorbeeld ongetwijfeld niet alleen in mijn idee om een spiritueel retraiteoord te willen vestigen.

En hier is de beloofde copy/paste:
Terwijl de Russen in april 1945 bloedig hun weg vochten door Berlijn, brachten de nazi's snel een lading goud en de persoonlijke diamanten van Hitler naar een geheime locatie. Het was de bedoeling om hiermee de terreurgroep Werwolf te financieren. Tijdens de laatste uren van de strijd gaf Hitlers secretaris Martin Bormann een gecodeerd document met runentekens aan een aalmoezenier om het naar partijboekhouder Schwarz in München te brengen. Op het document zou de locatie staan beschreven van het goud en de diamanten. Schwarz was echter al door de geallieerden gearresteerd en Bormann overleefde de Russische aanval niet.

Authentiek document.
Ruim zestig jaar later kwam het document bij toeval in handen van onderzoeksjournalist Karl Hammer Kaatee. Het had zich al die tijd onopgemerkt in de nalatenschap van de aalmoezenier bevonden. Hammer Kaatee is er van overtuigd dat het authentiek is. "Ik heb er alle begrip voor dat sommige mensen twijfels hebben, maar mijn onderzoek toonde aan dat het papier, de typografie en de doorslag van de letters zonder meer geloofwaardig zijn. Bovendien komen de runentekens overeen met de stijl die Bormann zou gebruiken". Voor Hammer Kaatee restte alleen nog de vraag hoe de code in elkaar zat en of de buit nog terug te vinden zou zijn.

Naar de huidige waarde van het goud en de diamanten kan men volgens Hammer Kaatee slechts gissen. Dat het om een gigantisch bedrag moet gaan staat voor hem vast. "Hitler had de mooiste en beste diamanten in zijn bezit. Volgens mijn informatie stonden die bij zijn intimi bekend als 'de tranen van de wolf' en zijn op zich al een vermogen waard."

Niod Gerard Aalders.
Dat de buit nog altijd ergens op ontdekking ligt te wachten is zeer waarschijnlijk volgens historicus Gerard Aalders van het NIOD die door Hammer Kaatee werd benaderd. Samen concludeerden zij dat er immers nog altijd schatten van de nazi's worden gevonden, zoals de grote kunstbuit die in 2006 in Zwitserland werd opgespoord waar ze door de nazi's was verstopt.

Beloning.
Een jaar lang beet Hammer Kaatee zich vast in de code en hoewel hij het grootste deel wist te ontcijferen, lukte het hem niet om de bergplaats te vinden. Speurend in Duitsland raakte hij er van overtuigd dat hij iets over het hoofd zag. Vanwege contractuele verplichtingen voor een nieuw boekproject dat in februari van start gaat ontbreekt hem de tijd om zijn zoektocht voort te zetten. Daarom looft hij nu een beloning uit om het laatste deel van het raadsel op te lossen. Om de speurders op weg te helpen heeft hij uitgeverij Elmar bereid gevonden om zijn dossier in boekvorm te publiceren. "In 2006 wist een groep amateurs op initiatief van de violist Stefan Krah een code uit de Tweede Wereldoorlog te breken waar zelfs de beste cryptografen niet in slaagden. Ik hoop dat het zelfde ook mogelijk is met deze code", aldus Hammer Kaatee.

Premievoorwaarden
Aan de uitkering van de beloning worden voorwaarden gesteld waar in hun geheel aan moet worden voldaan.

# Er wordt alleen uitgekeerd wanneer het goud en de diamanten daadwerkelijk en tastbaar getoond worden. Karl Hammer Kaatee zal op geen enkel moment genoodzaakt zijn om zelf handelingen te verrichten of reizen te ondernemen tot het bezichtigen van het goud of de diamanten.
# De echtheid van het goud en de diamanten dient door een onafhankelijke expert te worden bevestigd.
# Karl Hammer Kaatee wil op geen enkele wijze betrokken zijn bij mogelijke (internationaal) criminele of moreel laakbare handelingen. Het verkrijgen van het goud en de diamanten dient derhalve hiermee in overeenstemming te zijn.
# De uitleg van de gehele code van de 'pastoorbrief' uit het boek "de tranen van de wolf" moet rationeel en begrijpbaar zijn, zodat deze uitleg onderbouwt wat de feitelijke bergplaats van het goud en de diamanten is geweest en waar dus het goud en de diamanten nu zijn gevonden.
# Karl Hammer Kaatee legt geen enkele claim op het gevonden goud of de diamanten.
# De vinder(s) van het goud en de diamanten gaan er evenwel mee akkoord dat hun verhaal over het ontcijferen van de code en het verkrijgen van het goud en de diamanten exclusief aan Karl Hammer Kaatee wordt meegedeeld en dat hij het exclusieve recht heeft om op basis van dit verhaal een vervolg te publiceren op zijn boek "de tranen van de wolf".

Vindt u dit wat al te zeer een knip-en-plak artikel? Mmm... Is het ook. Helemaal in de stijl van Karl Hammer-Kaatee met andere woorden. Zij het wel met bronvermelding.

12.5.09

Peter Voorn, het cryptogram van het Schaap van God & Satans Lied

ebook (PDF):

Naar aanleiding van mijn boek "Het Bloed van het Lam" werd ik een tijdje geleden gecontacteerd door de Nederlandse Lam Gods deskundige Peter Voorn. Tot dusver werd er in het gekrakeel rond de mysteries van het Lam Gods al te weinig aandacht geschonken aan zijn onderzoek van Peter Voorn, een euvel dat ik met dit artikel enigszins zal proberen goed te maken.

Peter Voorn kreeg in 1999 een beurs van het Nederlandse Prins Bernhard Fonds om een maand onderzoek te doen in Konstanz en Italië. In dezelfde periode publiceerde de Belgische journalist Eric Bracke twee artikels over zijn werk, die ook terug te vinden zijn bij de Persberichten van de SpeuRRsite:

Het verborgen thema in het vredige Lam Gods, De Morgen, 7 december 1998
Duistere logica in grondplan "Lam Gods", De Morgen, 8 december 1998

Op zondag 13 december 1998 was Peter Voorn te zien in een 15 minuten durend televisie interview, uitgezonden door de VRT, samen met de bekende Belgische kunsthistoricus Roger Marijnissen. De opnamen werden gemaakt voor in het kader van het programma De Zevende Dag. In 1999 publiceerde hij dan The Ghent Altarpiece and the Councel of Constance in het prestigieuze Jahrbuch der Oswald van Wolkenstein Gesellschaft en in 2000 maakte hij samen met de Gentse kunstenaar Luk Gobijn de Lam Gods documentaire De ladder, het konijntje en de bierviltjes. Deze anderhalf uur durende video-documentaire maakte deel uit van de kunstinstallatie Quartier Baraque Friture.

In 2002 publiceerde Eric Bracke opnieuw een artikel over het onderzoek van Peter Voorn, deze keer in De Standaard: Een stoutmoedige zoektocht naar het "Lam Gods", een ketters kaartenhuis. Van Peter Voorns onderzoek naar de verdwenen Rechters en de verborgen levensboom op het altaarstuk bestaat ook een drie uur durende filmopname, in juli 2002 gedraaid door twee Amsterdamse documentairemakers.

Het Schaap & de Appel: To Milo!Toen Peter Voorn mij een paar weken terug opbelde, viel hij al meteen met de deur in huis door te stellen dat het lam van het Lam Gods geen lam is, maar een eenjarig schaap. Hij ziet in het centrale paneel dat bekend is geworden als "De Aanbidding van het Lam" een weergave van gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden op het concilie van Konstanz (1414-1417) en hij schreef hierover een spraakmakend artikel in het Oswald van Wolkenstein Jaarboek nr. 11, 1999. De Gentse kunstenaar Luk Gobijn maakte hierover ook samen met Voorn een anderhalf uur durende documentaire film, die te zien was in het kader van de reizende tentoonstelling ”Quartier Baraque Friture”, zowel in Gent, Oostende, Dendermonde als in Antwerpen.

Het concilie van Konstanz kenmerkte zich door drie zaken:
1. Men wilde een einde maken aan het kerkelijk schisma. (Er waren op dat moment niet minder dan drie pausen!)
2. Een proces tussen Bourgondië en de Armagnacs vanwege de moord op Lodewijk van Orléans.
3. De gevangenname en veroordeling van de Boheemse hervormer Jan Hus.

Voorn gaat er vanuit dat er niet zomaar voor een schaap (symbool van de onschuld) werd gekozen. Op het concilie was een Griekse delegatie aanwezig en de Griekse taal werd uitvoerig bestudeerd. Nu is "het schaap" in het Grieks "To Milo"... of ook: "de appel". Het schaap op het beroemde Gentse Altaarstuk verwijst op die manier indirect naar de appel van Adam en Eva, een reden waarom onze oerouders volgens Voorn aan de zijkant van het Lam Gods afgebeeld zijn.

De Twistappel & de VenussterOp het concilie van Konstanz waren zo’n 1400 hoeren aanwezig die op de vele duizenden gasten afkwamen. De aanwezige humanisten mompelden dan ook dat het concilie werd geregeerd door de liefdesgodin Venus.

Wanneer men nu een appel doormidden snijdt, zo betoogt Voorn, vindt men de Venusster. De appel is dus de Griekse twistappel, die door de godin Eris tijdens een bruiloftsmaal tussen de bezoekers werd gegooid. De herderszoon Paris pakte de gouden appel op en las dat die “voor de mooiste” bedoeld was, d.w.z. voor de mooiste aanwezige godin. Paris moest kiezen tussen de godinnen Hera, Pallas Athena of Venus... en gaf de appel terecht aan de laatste (omdat iedere appel haar ster bevat als je hem doormidden snijdt). De ster Venus (Aphrodite) is in de Oudheid altijd een "twistappel" geweest; men was immers niet zeker of het om een Avond- of Morgenster ging. Toen Venus de appel ontving, kreeg Paris van haar als beloning de liefde van de mooiste vrouw op aarde, de schone Helena. Maar tegelijk brak wel de Trojaanse oorlog uit...

Het schaap op het middenpaneel, de twistappel, verwijst volgens Voorn in de eerste plaats naar het 15e eeuwse schisma, de verbranding van Hus en het uitbreken van de Hussietenoorlogen; in de tweede plaats naar het proces tussen Jan Zonder Vrees en de advocaten van de tegenpartij, de Armagnacs. Volgens de humanisten op het concilie had Bourgondië namelijk ook een twistappel tussen de partijen gegooid (de moord op Lodewijk van Orléans). Het verklaart volgens Voorn tevens de aanwezigheid van de Sibille-panelen aan de buitenzijde die tegelijk ook weer verwijzen naar de Trojaanse oorlog.

In de altaarkelk ziet Voorn niet in de eerste plaats een Graalbeker, maar de kelk die in relatie staat tot de onschuldig veroordeelde hervormer, de zogenaamde "ketter" Jan Hus (hij was het allegorische schaap in deze strijd). De "lekenkelk" was immers een hot item op het concilie van Konstanz. En Jan Hus werd in Konstanz op een brandstapel gezet, geplaatst op een weide die men de Paradijsweide noemde...

Kabbala, Gulden Vlies & de Tarot
In een drie uur durend filmverslag vertelde Peter Voorn in 2002 uitvoerig over de verborgen levensboom op het altaarstuk. Hoe deze levensboom van oorsprong ontsproot uit het verloren Helpaneel en vandaar doorliep via het (centrale) conciliepaneel naar het Christus Koningpaneel. Het Lam Gods is volgens Voorn dan ook innig verstrengeld met de kabbala en de 10 emanaties van de joodse sefirot of levensboom.

In de film brengt Voorn, door kruis- en sterverbanden getekend op bierviltjes, het schaap in verband met de getallen 10, 7, 13, 19, 21 en 50, om dan uit te komen bij het Gulden Vlies. Dit onderliggende grondplan, de joodse kabbala en de Davidster leiden Voorn uiteindelijk naar een interpretatie van het geopende Lam Gods als zijnde de oudste geschilderde voorstelling van de Tarot. Het is als het ware een rechtstaand kaartenhuis, waarbij het paneel van de Rechtvaardige Rechters de kaart van Justitia voorstelt, de Heremieten zowel in de tarot als op het Lam Gods terug te vinden zijn, de over de rand stappende Adam als de Nar geduid wordt, het muzikantenpaneel met raderen de tarotkaart van het Rad voorstelt, enzovoort. Peter Voorn is dan ook niet voor niets al jaren betrokken bij de IPCS, de International Playing Card Society, die ondermeer historisch onderzoek doet naar tarotkaarten.

Karl Hammer-Kaatee & Jeanne d'Arc

Een van de redenen waarom ik "Satans Lied" van Karl Hammer-Kaatee compleet ongeloofwaardig vond, lag hem in het gegeven dat de ideeën of pistes die in het boek werden toegeschreven aan ene "Tom R." voor zowat 75% afkomstig waren uit het onderzoek en/of het werk van - onder meer - Karel Mortier, Paul de Saint-Hilaire, Baigent, Leigh & Lincoln, Lynn Picknett, Clive Prince en ondergetekende... en dit alles zonder de minste bronvermelding. Het was dan ook mijn stelling dat de "non-fictie" van Karl Hammer-Kaatee grotendeels was overgeschreven uit andere boeken en slechts een paar "nieuwe" inzichten of wendingen bevatte: de link met de CIA, de Arma Christi, Jeanne d'Arc.

Jammer genoeg voor Hammer-Kaatee waren precies deze "nieuwe" inzichten ook de minst geloofwaardige. Voor het fysieke bestaan van Tom R. en de link met de CIA (zie ook de vette slogan op de cover) werd niet één materieel bewijs geleverd. Het verband tussen de Arma Christi en het Lam Gods werd gelegd op basis van weinig meer dan een element, gedeeltelijk ontleend - uiteraard alweer zonder bronvermelding - aan Paul de Saint-Hilaire. Een schier eindeloos aantal andere kunstwerken bevat véél méér verwijzingen naar de Arma Christi dan het Lam Gods, maar uiteraard wordt daar met geen woord over gerept. Het Lam Gods, RLC enz... nogmaals in verband brengen met de Graal of de Lans van Longinus zou zelfs voor Hammer-Kaatee wat al te gortig geweest zijn, dus moesten het maar de Arma Christi wezen.

En dan was er nog Jeanne d'Arc die zou figureren op het paneel van de Milites Christi. Wat zij daar precies kwam doen, en waarom dat zo moest zijn, en wat het verband was met de Milites Christi, de rest van het Lam Gods, de figuur van Jan Van Eyck, enzovoort... Karl Hammer-Kaatee - of tot het bewijs van het tegendeel geleverd is: zijn fictieve Tom R. - vertikte het de stelling een context mee te geven, te onderbouwen, verder te duiden, het journalistieke basisprincipe van check & double check toe te passen... en reduceerde de verhaallijn op die manier tot een compleet ongeloofwaardige uitsmijter van de vriendin van Tom R., Elfrie.

Wie een beetje vertrouwd is met het onderzoek of de ideeën van Peter Voorn snapt evenwel meteen wat hier aan de hand is. Karl Hammer-Kaatee heeft een Voornse klok horen luiden, maar weet niet waar de klepel hangt - omdat hij de context mist. Dit blijkt ook min of meer over de opmerkingen die hij zijn protagonist(en) laat maken over Jan en vooral Hubert Van Eyck, over de Hussieten en andere hypothesen die terug te vinden zijn in het onderzoek van Peter Voorn. Aan Erik Bracke verklaarde Voorn reeds in 2002 waarom, volgens hem, Jeanne d'Arc op het paneel met de strijders van Christus terecht was gekomen - een verklaring die niet in het artikel van Bracke terecht kwam, maar wel door twee Amsterdamse filmmakers werd vastgelegd, vier jaar voor Satans Lied verscheen. De Franse maagd past overigens ook uitstekend in het historisch raamwerk dat Voorn al schetste in het jaarboek uit 1999... informatie waarover Kaatee wellicht niet beschikte, of die hem ook niet bekend was, zodat de Maagd van Orléans enigszins plompverloren in zijn bij elkaar gejat boek wordt gedropt - altijd leuk voor het effect, zo'n deus ex machina, maar geloofwaardiger wordt het er niet meteen op.

Het CryptogramHet Lam Gods is overduidelijk een "cryptogramschilderij", concludeert Peter Voorn na zijn jarenlang onderzoek, waarin hij is overgegaan tot een minutieuze beschrijving van alle panelen, personen, planten, torens en hun achterliggende allegorische betekenisvelden. Na een aanvaring met een Groningse hoogleraar stopte hij in 2005 met zijn werkzaamheden, en hij noemt het dan ook "zeer pijnlijk voor de academische wereld" dat resultaten van zijn onderzoek, zonder enige bronvermelding, nu te lezen staan in boeken en op internetfora, naast "oppervlakkig onderzochte stellingen" en "gestolen bevindingen van wetenschappers".

Over cryptogrammen gesproken... Peter Voorn ziet die ook opduiken in de figuur Tom R. van Karl Hammer-Kaatee, en in de naam van de "auteur" zelf. Tom R(iddle) is inderdaad een anagram van "Mort" (Dood), zodat Karl Hammer Kaatee de waarheid spreekt als hij verklaart dat Tom R. dood is. En volgens Voorn behoorden de initialen H.K. toe aan de schilder Hans of Albrecht Krutli uit Konstanz die hij identificeert als de schilder Hubrecht (Hubert), wiens initialen meermaals op het Gentse Altaarstuk werden teruggevonden. "Katee vond het bij de publicatie van zijn boek gepast ook de naam van zijn pleegvader Hammer aan de zijne toe te voegen, zodat zijn initialen ineens ook als H-K een begrip werden," zegt Voorn. En hij vraagt zich daarbij in één adem af: "Toeval? Of hebben we gewoon met platte schatgravers te maken die met andermans veren pronken?"

16.4.09

Satans Lied, de jacht van de CIA op Jezus


In 2006 verscheen bij uitgeverij Elmar het boek Satans Lied van de Nederlandse auteur Karl Hammer-Kaatee. Het boek wordt uitdrukkelijk gepresenteerd als een "waargebeurd verhaal", een "getrouwe weergave van feiten en omstandigheden". Het bestaat volledig uit het relaas van Tom R., een jongeman die bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog kunstgeschiedenis studeert in Londen en daar betrokken raakt bij de inlichtingendienst. Aan het eind van de oorlog krijgt hij een positie bij de Art Looting Investigation Unit, die de kunstroof van de nazi's onderzoekt. Op die manier raakt Tom R. betrokken bij de diefstal van de Rechtvaardige Rechters; het is zijn opdracht uit te zoeken of de nazi's het paneel hebben gevonden. De sporen leiden Tom naar de zogenaamde Arma Christi en "de donkere afgrond van religieus fanatisme en het occulte nazi-gedachtegoed".

Omdat ik al te zeer verstrikt zat in de research voor en het schrijven van mijn eigen historische faction thrillers, heeft het tot nu geduurd voor ik het boek begon te lezen. Waarbij ik voortdurend een déjà lu gevoel kreeg. Hier volgen dan ook enkele bedenkingen:

1./ Enerzijds wordt het boek gepresenteerd als een roman, anderzijds - en heel expliciet zelfs - als "een waargebeurd verhaal". Ik ben de laatste om bij die vaagheid (noem het "faction", voor mijn part) vraagtekens te zetten, aangezien ikzelf een liefhebber én beoefenaar ben van het genre. Maar of men nu een roman pleegt, dan wel een waargebeurd verhaal, dit ontslaat de auteur niet van de morele - en zelfs juridische - verplichting een bronvermelding mee te geven als hij het werk van iemand anders gebruikt. Het is volstrekt ongeloofwaardig, verhaaltechnisch gesproken, dat Tom R. zijn verhaal uitsluitend zou doen op basis van parate kennis en zelf meegemaakte feiten, en dat hij uitsluitend eigen ideeën zou ventileren. Uiteraard, als researcher, zou hij ook zo zijn bronnen moeten gehad hebben, bronnen die hij raadpleegt, waaruit hij citeert, enz... Dit gebeurt in "Satans Lied "op geen enkel moment, en het is één van de punten die het relaas van Tom R. - of beter gezegd: van Hammer-Kaatee - er niet geloofwaardiger op maken, integendeel.

2./ Ik ontken niet dat "Satans Lied" een aantal nieuwe pistes aanbrengt (de Arma Christi, hier en daar iets in verband met de dood van Goedertier, de link naar de CIA,...). Maar om "Tom R." als een geloofwaardige "feitelijke" vertelinstantie te beschouwen, bevat zijn relaas al te veel passages die linea recta terug te leiden zijn naar passages uit:

A./ de sinds de jaren zestig gepubliceerde dossiers van commissaris Karel Mortier met betrekking tot de diefstal van de Rechtvaardige Rechters;
B./ mijn boek "Mysteries van het Lam Gods" uit 1991, met betrekking tot bijvoorbeeld het doorzagen van de panelen of de "Nazi Plot";
C./ een aantal boeken van Paul de Saint-Hilaire uit de jaren zeventig, met betrekking tot de occulte verbanden rond Van Eyck en het Lam Gods, of de link met de Tempeliers, waarop ik mij - met bronvermelding - heb gebaseerd in "Mysteries van het Lam Gods" en in "Het Bloed van het Lam" uit 2006;
D./ het werk van Lynn Picknett en Clive Prince, om uiteraard nog te zwijgen over Gerard de Sède en Baigent, Leigh & Lincoln;

Ik kan mij onmogelijk voorstellen dat, als Tom R. een mens van vlees en bloed zou zijn geweest, hij niet even zou zijn blijven stilstaan bij het werk van Mortier vanaf de jaren zestig, bij het werk van de Saint-Hilaire vanaf de jaren zeventig (dat heel erg dicht in de buurt kwam van Toms zogenaamde bevindingen), bij mijn boek uit '91 (dat voor een groot deel hetzelfde spoor volgde)... en dat hij al helemaal met geen woord zou reppen over Baigent, Leigh & Lincoln of het wereldwijde succes van Dan Brown. Het is volstrekt ongeloofwaardig dat al deze hypothesen en hun auteurs, al deze maatschappelijke fenomenen zelfs (ik heb het dan over BLL & Brown)... dat dit alles voor Tom R. schijnbaar niet blijkt te bestaan. Hij zou op zijn minst toch even vermeld hebben tot welke wereldwijde bestsellers zijn desinformatie zoal heeft geleid?

Tegelijk met "Mysteries van het Lam Gods" heb ik, in het begin van de jaren negentig, een paar artikelen gepubliceerd in het tijdschrift Kreatief, waarin ik toen reeds de link legde tussen de Rechtvaardige Rechters, het Heilig Bloed van Brugge en Rennes-le-Château (zie ook "Het Bloed van het Lam", dat tegelijk verscheen met "Satans Lied" en dat op deze artikelen is gebaseerd). Als Tom R. het al niet nodig vond hier even bij te blijven stilstaan, dan zou "verslaggever" Karl Hammer-Kaatee op zijn minst de beweringen van Tom R. even moeten gecheckt hebben, en dan zou hij geconstateerd moeten hebben dat wat hij in 2006 publiceert als zijnde het authentieke relaas van Tom R., geheel of gedeeltelijk al eerder was gezegd in boeken verschenen én tijdens de jaren zeventig, én tijdens de jaren negentig. Louter journalistiek gesproken - en "Satans Lied" pretendeert toch een soort biografie te zijn? - slaat dit gewoon nergens op.

Als Tom R. en zijn Ebionieten geen fictie zijn, dan zouden zij gemerkt hebben dat de Saint-Hilaire reeds vóór Baigent, Leigh & Lincoln dicht in hun buurt kwam, en dan zouden zij ook gemerkt hebben dat de link Lam Gods/RLC al in de vroege jaren negentig was gelegd. Maakt Tom R. hier melding van? Nee, dat doet hij niet. Het ontmaskert hem als een fictie van Karl Hammer-Kaatee, die het - als "journalist" - niet eens nodig heeft gevonden het verhaal van Tom R. te checken, en de bronnen te vermelden die vóór Tom R. zijn verhaal deed reeds hetzelfde vertelden. Baigent, Leigh & Lincoln zijn voor minder een plagiaatproces gestart tegen Dan Brown.

Iemand die een onderzoek instelt en verslagen maakt, zoals Tom R., citeert nu eenmaal uit bronnen, documenten, boeken, andere rapporten. Tom R. doet dat nooit waar het moderne bronnen betreft. En stel dat Tom R. dit in zijn gesprekken met Hammer-Kaatee nooit gedaan zou hebben, dan was het de verdomde plicht van "ghostwriter" Hammer-Kaatee om het relaas van Tom R. te verifiëren door er een aantal boeken op na te slaan.

3./ Stijl- en vormtechnisch verraadt Hammer-Kaatee al te vaak dat hij bezig is met fictie. De zogenaamde interviews van Rosenberg bijvoorbeeld: waar hebben Tom en/of Rosenberg al die informatie vandaan? Hoe zijn zij daarachter gekomen? Hier wordt héél snel overheen gefietst, wat de claim van Hammer-Kaatee/Tom R. als zouden deze passages uitsluitend ontleend zijn aan verklaringen van Rosenberg en de parate kennis van Tom R. zéér ongeloofwaardig maakt. "Le Matin des Magiciens" van Pauwels & Bergier verscheen al in 1960 en al wat Rosenberg zogezegd aan Tom R. verteld zou hebben, kon je al dààr en toén al lezen... en sindsdien in tientallen andere boeken.

Elfrie die zomaar voor de vuist weg vanaf pagina 297 uit het blote hoofd het verhaal van Jeanne d'Arc vertelt, met alle details erop en eraan... Kom nou. Zinsneden als "De volgende morgen aan het ontbijt bespraken Elfrie en ik de situatie rond de CIA." (pagina 342) - Ziet u ze daar al zitten, aan het ontbijt, de situatie rond de CIA besprekend? Hoe zou Tom R. zich overigens een halve eeuw later herinneren dat ze die ochtend, aan het ontbijt, de situatie rond de CIA bespraken? Zuiver stilistisch en vorm- en verhaaltechnisch gesproken, is dit fictie op het niveau van een slecht jongensboek uit de jaren vijftig... omdat deze passage, als fictie dus - maar a fortiori als een verslag van "feiten" - compleet ongeloofwaardig is. Niemand herinnert zich vijftig jaar na datum dat hij/zij dààr en dàn bij het ontbijt efkes "de situatie rond de CIA" besproken heeft. Als Karl Hammer-Kaatee een beter romancier was geweest, had hij deze scène geloofwaardiger uitgewerkt. En als hij een beter journalist was geweest, had hij zijn bronnen gecheckt én dubbel gecheckt. Maar de "auteur" heeft geen van beide gedaan, omdat hij geen van beide is: geen goed romancier en geen goed journalist. Het enige waar hij goed in is, dat is citeren uit en parafraseren op andermans werk, zonder bronvermelding.

Karl Hammer-Kaatee heeft ongetwijfeld een paar nieuwe denkpistes geopend - een paar, niet meer. Maar hij heeft dit gedaan op een manier die ik, moreel gesproken, en als schrijver van fictie, non-fictie en faction, compleet onaanvaardbaar vind.

Podcast Luisterboeken