21.10.26

101 Familiefoto's van Patrick Bernauw - 015/016: Wie werd daar weggeknipt?

 



Familiegeheimen… Je merkt aan een gesprek dat plotseling een andere richting uitgaat wanneer een bepaalde naam valt, dat je ze hebt aangeraakt. Een tante zegt dat je daar beter niet naar vraagt, een grootmoeder is ineens heel druk bezig met het inschenken van koffie… Maar er bestaan ook familiegeheimen waarvan je niet wist dat ze bestonden en die pas aan het licht komen als degenen die ze kenden er niet meer zijn. Dan blijft er soms nauwelijks meer over dan een voorwerp, een brief zonder context, een naam op de achterkant van een postkaart of, zoals in dit geval, twee oude foto’s waar iemand ooit iemand anders heeft weggeknipt.

De foto’s in kwestie bevinden zich in het familiealbum dat mijn moeder Justine Onverwagt heeft samengesteld rond haar ouders, Jan Ferdinand Onverwagt en Florine Van Gheit. Het fameuze Groene Boek met de schreeuwlelijke jaren 70 cover kwam wellicht kort na 1976 tot stand, toen mijn 'Petjen', haar vader, overleed. Pas toen ook mijn moeder overleed, in mei 2026, rijpte bij mij het idee iets te gaan doen met dat album en met een aantal andere foto’s uit haar nalatenschap.

Ik kan mij mijn Petjen onmogelijk voorstellen als iemand die foto’s bijhield, en er was ook geen foto-album aanwezig in het huis op de Boechoutberg van Erembodegem, dat hij zelf gebouwd had en waar ik zovele vakantiedagen en weekends doorbracht. Daar ben ik heel zeker van, want anders zou ik zo’n album zeker gezien hebben. Waarschijnlijk staken de foto’s in een doos, mogelijk zo’n blikken koekjesdoos met een huwelijksfoto op van koning Boudewijn en koningin Fabiola, of met een huiselijk tafereel ontleend aan een schilderij van Vermeer of Rembrandt. Die heb ik hier in het huis op de heuvel wél gezien, er werd ook vanalles in bewaard – van naald en draad en knopen en dobbelstenen voor het ganzenspel… tot, jawel, koekjes en snoepjes.

Metjen Florine was het administratieve hoofd van het gezin – Petjen kon amper lezen en schrijven, maar hij bouwde wel huizen in zijn vrije tijd, grotendeels in zijn eentje, en hield er een uitgebreide moestuin op na, en kippen en konijnen, en hij had ook nog een full time job als schrijnwerker… tot hij met pensioen ging en prompt ziek werd. Metjen zal ongetwijfeld ook de foto’s verzameld en bijgehouden hebben die uiteindelijk terechtgekomen zijn in het album van mijn moeder. Na het overlijden van Petjen in 1976 trok zij in bij ons thuis, eerst aan de Kerkhofbaan in Erembodegem en daarna aan de Roomshofstraat.

Het lijkt er dus op dat het Metjen was die de persoon of personen op de twee foto’s zonder veel consideratie met een schaar heeft weggeknipt – want haar dochter, mijn moeder, heeft het niet gedaan. Tot mijn grote spijt heb ik haar nooit gevraagd naar de Weggeknipte. Ik had dat al kunnen doen in 2020, toen ze verhuisde naar een woonzorgcentrum, en ik het fotoalbum voor het eerst te zien kreeg. Ze maakte een vage allusie op de gecensureerde figuren, waardoor ik begreep dat ze er ook niet echt het fijne van wist – en ik moest nog zoveel andere grote historische mysteries oplossen, ik had geen tijd om mij te verdiepen in dit simpele kleine familiegeheim.

Zodus… wie was daar te zien op deze twee foto’s, die niet langer gezien mocht worden? Misschien doe ik Petjen onrecht aan, als ik hem al bij voorbaat niet als verdacht in beeld laat komen. Kleinkinderen leren hun grootouders tenslotte pas kennen wanneer het grootste en vaak interessantste deel van hun leven al voorbij is. Maar ik kan mij eerlijk gezegd niemand anders voorstellen dan metjen Florine, die de schaar hanteerde… zodat deze twee beschadigde familiefoto’s daarmee plotseling zijn veranderd in een boodschap van mijn grootmoeder die ik vele jaren te laat probeer te ontcijferen.

Over het mysterie van de eerste foto heb ik een voor de helft fictief en voor de andere helft redelijk feitelijk verhaal geschreven, dat te beluisteren valt op de podcast Mysterieus België.

Maar in hetzelfde familiealbum bevindt zich nog een tweede foto met een weggeknipte figuur, waarover ik het hier wil hebben... en daar staat Nand wel degelijk op. Hij zit met Florine in een roeiboot. Achter hen strekt zich een brede waterpartij uit, met een dichtbegroeide, lage oever en verschillende andere bootjes waarop mensen spelevaren. Rechts liggen nog enkele roeiboten. Het is duidelijk een recreatieoord, waar men een boot kon huren, en een aantrekkelijke piste is dat de foto aan het Donkmeer in Berlare werd gemaakt. Zeker weten kunnen we het niet, want er staat geen herkenbaar gebouw of ander uniek landschapselement op, maar historisch past het uitstekend. Overmere-Donk was al vanaf het einde van de negentiende eeuw een bestemming voor volkstoerisme, en in de eerste decennia van de twintigste eeuw kwamen er dagjesmensen uit onder meer Aalst, Dendermonde en Gent om te wandelen, te vissen, te zwemmen en in roeibootjes rond te dobberen.  

Ik stel mij dus voor dat Jan en Florine op een zondag vanuit het Land van Aalst naar Overmere-Donk zijn getrokken. Met zijn tweetjes, met zijn drieën of met zijn vieren? Geen idee. Ze wandelden, dronken iets, waarschijnlijk aten ze hun meegebrachte boterhammetjes met ei op, en uiteindelijk huurden ze een roeiboot. Nand trok zijn jas uit, als hij die al bij zich had, en zat in zijn lichte overhemd met das en bretels naast Florine. Zij droeg een eenvoudige lichte blouse en zat met haar handen rustig voor zich. Hij sloeg zijn arm om haar schouders en beiden keken naar de fotograaf.

Hier zijn ze duidelijk al samen, en niet als toevallige kennissen die voor de fotograaf beleefd naast elkaar zijn gaan zitten. Er spreekt vertrouwdheid uit die arm rond haar schouders. Wie de foto nam, zag een jong paar voor zich – en nog een of twee anderen, want opnieuw ontbreekt links een deel van het beeld. Twee foto's uit dezelfde periode en van dezelfde tak van de familie, allebei via Metjen Florine bij haar dochter terechtgekomen, allebei met Florine erop, en allebei met de schaar onder handen genomen.

Wie wilde Florine niet langer op haar foto's te zien krijgen? Leggen we de beide foto’s bij elkaar, dan wordt het ook duidelijk dat we de onbekende niet geloofwaardig kunnen situeren in een romantische context. Hij – of zij - moet iemand geweest zijn die deel uitmaakte van hun bredere kring: familie, een vriend of een vriendin, iemand die een tijdlang vanzelfsprekend aanwezig was op uitstappen en bijeenkomsten en later even vanzelfsprekend uit het familieverhaal verdween. Hoewel het technisch mogelijk blijft dat er op de tweede foto een koppel te zien was, hecht ik hier ook weinig geloof aan, omdat mijn moeder alludeerde op één iemand.

Waarom moet een persoon 'uitgewist' worden? Een huwelijk dat verkeerd afloopt, kan voldoende zijn. Een broer of zus die na een erfeniskwestie nooit meer over de vloer komt. Een schoonbroer die zijn vrouw verlaat voor een andere vrouw. Een vriend die geld leent en het niet terugbetaalt. Een familielid dat iets zegt of doet wat op dat ogenblik onvergeeflijk wordt geacht en waarvan twee generaties later niemand nog begrijpt waarom het zoveel woede veroorzaakte. Families kunnen tientallen jaren zwijgen om redenen die, wanneer ze uiteindelijk worden opgehelderd, verbijsterend klein blijken te zijn.

Maar deze foto's stammen waarschijnlijk uit een periode waarin de geschiedenis zelf voldoende redenen leverde om mensen uit foto's te willen verwijderen. Als ze tijdens het interbellum zijn gemaakt en pas na de Tweede Wereldoorlog werden verknipt, kan iemand die in pak en hoed vrolijk meeging op een uitstap tien jaar later een naam geworden zijn die men liever niet meer uitsprak. Collaboratie en verzet hebben niet alleen politieke geschiedenis geschreven; ze zijn dwars door families heen gegaan. Vriendschappen werden opgebroken, buren werden vijanden, familie kwam na de bevrijding in de gevangenis terecht. Er werden na de oorlog officiële vonnissen uitgesproken, maar daarnaast bestonden er duizenden kleine privévonnissen waarvan geen archief werd bijgehouden. Soms betekende zo'n vonnis eenvoudig dat iemand uit de intieme kring werd verbannen, en dat zijn of haar naam niet meer werd genoemd.

Het meest van al intrigeert me nog waarom Metjen Florine de verknipte foto’s bewaard heeft. Als ze de herinnering wilde vernietigen, was het toch veel effectiever geweest de foto’s weg te gooien? Ze bezat voor die tijd redelijk veel andere foto’s om haar jaren als jonge vrouw te documenteren. Het lijkt erop alsof ze niet simpelweg wilde vergeten – dat gebeurt trouwens vanzelf, daarvoor heb je geen schaar nodig.

Het is een volmaakt familiegeheim. Geen gezicht meer te bekennen, geen naam die overgeleverd werd… alleen die leegte met zijn bruuske, scherpe rand.


Geen opmerkingen:

Podcast Luisterboeken