20.10.26

Amadeus, de serie van de gemiste kansen


De serie stond al even op VRT Max, maar ik durfde de stap niet te wagen om ze ook te bekijken. De film van Miloš Forman uit 1984 behoort nog steeds tot mijn favoriete top 5 aller tijden, en zette me destijds op het spoor van toneelschrijver Peter Shaffer. Hij schreef het scenario voor de film op basis van zijn eigen toneelwerk, dat in 1979 in Londen in première ging. De film sleepte zomaar eventjes 8 Oscars in de wacht, waaronder die voor beste film, beste regisseur, beste bewerkte script en beste acteur (F. Murray Abraham als Salieri won het van Tom Hulce als Mozart). Hij zorgde er ook voor dat mijn muzikale horizon aanzienlijk verbreed werd, en dat ik behalve Bruce Springsteen, Jacques Brel of Boudewijn de Groot nu ook een klassieke componist als Mozart tot mijn muzikale helden kon rekenen.

Het verhaal begint - zowel in het toneelstuk als in de film - in 1823 wanneer een oude Salieri na een mislukte zelfmoordpoging zijn biecht uitspreekt en vertelt hoe zijn allesverterende jaloezie leidde tot de ondergang van Mozart. Het centrale thema is die van Salieri's worsteling met zijn middelmatigheid; de vrome en gedisciplineerde hofcomponist kan het niet verkroppen dat God van de vulgaire en losbandige Mozart een muzikaal genie heeft gemaakt... en neemt wraak op de door God geliefde - hoewel 'Amadeus' eigenlijk betekent: God liefhebbend.

Begin jaren 90 vond ik in De Slegte in Gent de tweede en definitieve versie die Peter Shaffer maakte van zijn Amadeus, en waarin hij de inzichten verwerkte die hij had opgedaan bij het schrijven van het filmscenario. Het was voor mij een hernieuwde coup de foudre, en hoewel ik wist dat de kans klein was, ging ik op onderzoek uit om te achterhalen of deze tweede versie (uit 1980, en dan opnieuw gereviseerd in 1981) in het Nederlands vertaald was. Dat bleek tot mijn grote verbazing niet zo te zijn: alleen de eerste versie was vertaald.  Waarop ik mij aan het werk zette en mijn vertaling in 1994 aanbood aan het literair agentschap ALMO.

Eigenlijk had ik geen andere bedoeling met dit werk van liefde dan het ooit mogelijk te maken het voor een Vlaams amateurgezelschap te regisseren. Ik had toen al wat eigen werk geregisseerd, en ik had de smaak te pakken. Op dit meesterwerk kon ik al mijn theatrale duivels ontbinden... Maar al snel bleek dat er niet meteen een amateurgezelschap voorhanden was dat de kwaliteit in huis had om deze toch wel grote productie te dragen. Ik wilde het stuk integraal brengen - dat betekende dat je met meer dan twintig mensen zo'n uur of drie op de scène zou staan. En vooral de rol van Salieri - met zijn intense monologen - vereiste erg veel talent en inzet van een acteur. 

Het zou nog drie jaar duren, tot Garamondi Teater uit Geraardsbergen zich eraan waagde, met een van mijn allermooiste toneelervaringen tot gevolg. Daarna was het hek blijkbaar van de dam en werd Amadeus zowel in het amateur- als in het beroepstheater regelmatig en met succes opgevoerd. De meest bekende versie was wellicht die van Loge10.


Het toneelstuk en de film hebben een aantal ronduit iconische scènes opgeleverd, die je vooral voor zichzelf moet laten spreken en waar je voor de rest - als bewerker of regisseur - best zoveel mogelijk met je tengels afblijft. De openingsscène bijvoorbeeld, waarin de knecht en de kok van Salieri ontdekken dat hun meester een probleem heeft (Mozart! Mozart! Perdonami!... Il tuo assassino ti chiede perdono!) en waarvoor Shaffer een 100% theatraal verantwoorde oplossing én een andere, maar even goed perfect filmische gevonden heeft. In de serie krijgen we daarvan een flauw afkooksel te zien. Waarom een scène veranderen door een mindere scène? De spanningsboog voor een (lange) film is anders dan die voor 5 afleveringen op televisie, maar als bewerker doe je er dan beter aan zo dicht mogelijk bij de film te blijven - het is immers nog steeds een serie 'naar Peter Shaffer' - dan met een veel blekere versie voor de pinnen te komen. Het ligt niet aan de acteurs: Will Sharpe (Mozart), Paul Bettany (Salieri), Gabrielle Creevy (Constanze) doen het meer dan behoorlijk. Het ligt aan het slappe script van Joe Barton, dat blijkbaar moet beantwoorden aan de Netflix Norm en zich verhoudt tot de film of het toneelstuk als een McDonalds tot een driesterren restaurant.

Neem nu bijvoorbeeld tafereel 5 uit het toneelstuk. We bevinden ons in de bibliotheek van barones Waldstädten. Salieri is daar in een fauteuil gaan zitten met een hoge rug, onzichtbaar voor wie toevallig binnen komt, om zich te goed te doen aan allerlei versnaperingen. En dan:

  

Achter de schermen worden geluiden hoorbaar.

CONSTANZE (off): Piep! Piep! Piep!

CONSTANZE komt van achter oprennen: een knap en levenslustig meisje van vooraan in de twintig. Op dit moment doet ze alsof ze een muis is. Ze rent over het toneel in haar vrolijke feestjapon en verstopt zich onder de pianoforte. Plotseling loopt er een klein en bleek mannetje met grote ogen en met een opzichtige pruik en dito kledij achter haar aan en bevriest - in het midden van het toneel - als een kat die op een muis jaagt. Dit is WOLFGANG AMADEUS MOZART. Naarmate we hem in de volgende scènes beter leren kennen, ontdekken we een aantal dingen: dat hij bijzonder onrustig is, dat zijn handen en voeten bijna voortdurend in beweging zijn; dat zijn stem licht en hoog is; en dat hij beschikt over een onvergetelijke giechel, doordringend en infantiel.

MOZART: Miauw!

CONSTANZE (die hiermee verraadt waar ze zich bevindt): Piep!

MOZART: Miauw! Miauw! Miauw!

De componist valt op handen en voeten en begint blazend en grimassend zijn prooi te besluipen. De muis - giechelend van opwinding - verlaat haar schuilplaats en rent naar de overkant. De kat achtervolgt haar. Bijna bij de stoel waar SALIERI verstopt zit, keert de muis zich om. De kat - in kniebroek en geklede jas - drijft haar in het nauw.


Hij valt op haar, zij giechelt verrukt maar blijft liggen. Amadeus vertrouwt zijn Constanze toe dat hij denkt dat ze bang is voor hem. 'Ik denk dat je in je broek gaat schijten. Zo meteen ligt het hier allemaal op de vloer!' Hij imiteert het geluid van een wind, waarna ze nog even doorgaan met allerlei pis-en-kak spelletjes... terwijl Salieri er als versteend bij zit.

Meteen daarop begint het concert, dat Amadeus moet dirigeren. Salieri: 'Ik hoorde het door de deur - één of andere Serenade, vaag eerst -, te zeer van afschuw vervuld om echt te luisteren. Maar het hield niet af - een plechtig Adagio in Mi mineur.'

In het toneelstuk beschrijft Salieri, over de muziek heen (het ontieglijk mooie Adagio van de Serenade voor Dertien Blazers, K. 361), wat hij hoort... tot in iedere vezel van zijn lichaam ontroerd. Als regisseur moet je hier niets anders doen dan voluit de muziek te laten spreken: je kunt daar gewoon niet over. In de film volstaat het zelfs om de ogen van Salieri zich langzaam te zien vullen met tranen. Zo eenvoudig en tegelijk zo effectief kan film zijn, dat je er zelf de tranen van in de ogen krijgt.

In de serie bespringt Mozart in de gauwte Katharina Cavalieri - alle subtiliteit, alle emotionele intensiteit wordt afgevlakt. Waarna er vrij snel over de muzikale passage heen geschaatst wordt, en de ontroering van Salieri niet echt wordt vastgehouden. In een toneelzaal kan Salieri zijn innerlijke wereld, van pijnlijke schoonheid doordrongen, overbrengen op de toeschouwer - in de film wordt de ontoering van Salieri ook die van de kijker. Maar in de serie schaatst men zo goed als over dit hoogtepunt heen.

Idem dito voor de scène met de welkomstmars van Salieri, door hem geschreven ter ere van Mozart, en ten gehore gebracht in de aanwezigheid van de Keizer... die door Mozart bijna terloops wordt verbeterd, van stijf naar zwierig. Er wordt nu een 'duel' opgezet, dat de dramatische spanning tussen de twee rivalen absoluut niet vergroot, en eigenlijk alleen maar langdradig is. In de oorspronkelijke versie ging dat veel 'directer'.

Ik zal wellicht ook naar de andere afleveringen kijken - zo'n historisch kostuumdrama kan er bij mij altijd in... Maar deze eerste aflevering was voor mij vooral een opeenstapeling van gemiste kansen. Wat je zelf doet, doe je niet noodzakelijk beter... en al helemaal niet als je Joe Barton heet en je basismateriaal van Peter Shaffer is. 

 


Geen opmerkingen:

Podcast Luisterboeken