Posts tonen met het label historische faction. Alle posts tonen
Posts tonen met het label historische faction. Alle posts tonen

14.7.16

Het Mysterie van Marville - "true crime" onderzoek, waarin jij zelf de detective bent


In 2010 logeerde ik samen met Scriptomaan fotograaf & muzikant Marc Borms in een leuke Bed & Breakfast in Villers-Devant-Orval, Les Sources du Moulin, bij het Nederlandse echtpaar Bob en Dani Breedijk. We waren daar om een fotoboek te maken van het moordspel-stadsspel Het Fortuin van de Bourbons, gebaseerd op mijn boek Nostradamus in Orval. Er stonden fotoshoots op het programma in Florenville, in de ruïnes van de abdij van Orval en in de vestingstad Montmédy, een twintigtal kilometer verderop, net voorbij de Frans-Belgische grens.


Het waren Bob en Dani die ons vertelden dat we dan ook nog eens een boogscheut verder konden rijden, en een kijkje nemen in Avioth - met zijn basiliek temidden van de velden, waar doodgeboren baby's lang genoeg 'tot leven werden gewekt' om ze te dopen. En op het kerkhof van Marville. In dat pittoreske dorpje bevond zich eind jaren 50 en begin jaren 60 namelijk een Canadese vliegtuigbasis, RCAF Station Marville... en op het kerkhof van Saint-Hilaire lagen zelfs niet minder dan 41 Canadezen begraven.


Je denkt dan automatisch aan het personeel van de basis, die een echte stad vormde, groter dan Marville zelf, met o.a. een eigen militair hospitaal. Maar op één iemand na, was van volwassen Canadezen op dit kerkhof geen spoor te bekennen. Wel troffen we er de graven aan van 26 pasgeboren baby's en 12 baby's die slechts een paar maanden tot een paar jaar leefden.


Zoals Bob en Dani al gesuggereerd hadden, gingen we ons licht opsteken over deze toch wel zeer merkwaardige vaststelling in het Bureau d'information touristique van Marville. Waar ik een verbijsterend dwaas antwoord kreeg: 'Het was de Aziatische griep, meneer.' Nu trok er wel een epidemie door het land in 1957, maar dat daar ook vijf jaar later nog baby's aan overleden, leek me toch wel wat al te sterk. Bob en Dani zelf hadden een eigen theorie over wat zij Het Mysterie van Marville noemden: het had te maken met de nucleaire wapens waarmee de straaljagers van RCAF Station Marville uitgerust waren.


In de loop van de jaren die volgden, kruisten nog veel meer hypothesen mijn pad, doorgaans op het web. De meest tot de verbeelding sprekende, had te maken met de Zwarte Madonna van Avioth, waarin makkelijk een zelfs nauwelijks gechristianiseerde Isis cultus herkend kon worden. En geruchten over duivelaanbidders die actief waren in Avioth en op het kerkhof van Marville. Avioth heeft inderdaad, benevens een traditie van 'uit de dood opgewekte pasgeboren baby's' ook een toch wel vreemde Ecce Homo, voorzien van een nogal demonische figuur. En de basiliek zou, volgens de legende, gebouwd zijn door Satan. Het kerkhof van Marville werd dan weer ontwijd door Nederlandse gothics - sommigen beweren: door satanisten - die echter niet aangetrokken werden door het mysterie van de Canadese baby's, maar door een nogal sfeervol ossuarium.


Ik slaagde erin de hand te leggen op het boek van Philippe Baar, Pierre Baar en Hugues Herr, Marville RCAF Air Base 1954-1967. De enige these die én geloofwaardig leek én niet overmatig spectaculair, was er één die ik ook op het internet had gevonden, en waarin gesteld werd dat het mysterie van Marville er in wezen geen was. De hoge neonatale mortaliteitsgraad die genoteerd werd in de materniteit van het Canadese militaire hospitaal, kon eenvoudig verklaard worden door statistieken. Er werden nu eenmaal erg veel kinderen geboren in RCAF Station Marville... Deze verklaring leek te verwijzen naar het boek van Baar, Baar & Herr dat was gepubliceerd naar aanleiding van Canadese reünies in 2004 en 2006. De statistieken die in dit boek waren opgenomen, maakten het mysterie echter niet kleiner, maar nog groter - omdat de geboortecijfers die op twee verschillende plaatsen in het boek waren afgedrukt elkaar tegenspraken en omdat er iets onverklaarbaars aan de hand was met de sterftecijfers. Bovendien gaven de auteurs, ook weer op twee verschillende plaatsen in het boek, twee verschillende "verklaringen" voor het hoge aantal dode baby's, waarvan de ene zo mogelijk nog idioter was dan de andere.


Ik probeerde het materiaal een paar keren te verwerken in een historische faction thriller, ook met een co-auteur, maar dat lukte niet. Het had ermee te maken dat, van alle mogelijke hypothesen die ik ondertussen op het spoor gekomen was, alleen de meest spectaculaire overbleef... waarvoor echter geen keiharde bewijzen voorhanden waren. Ik schreef er een aantal Engelstalige artikels rond, verwerkte het thema in een fictieve 'interactieve en multimediale' webstory, maar ook die vorm zat me niet lekker. Uiteindelijk besloot ik volledig af te zien van fictieve elementen - op het introduceren van een spreekbuis na, in de gedaante van een oude dame met 'de Koude Oorlogsbaby Blues' - en het resultaat van mijn onderzoek zonder meer te presenteren in een boekje. Het interactieve gehalte bleef echter wel behouden. 


Het Mysterie van Marville is bijgevolg een 'true crime' dossier geworden, een 'moordspel' bijna, waarin de lezer(es) zelf een detective wordt, die op onderzoek kan gaan - op het web, maar ook in Marville zelf. Het resultaat van jouw onderzoek, of jouw ideeën over de zaak, kun je toetsen aan de antwoorden die ik gevonden heb op een aantal vragen. Een pasklare oplossing heb ik evenwel niet te bieden...

Wie een moordspel wil organiseren met verschillende spelers of detective teams, kan zoveel boekjes aankopen als er spelers of teams zijn, of werken met een PDF (30 euro) - en die zelf op gewenste aantal kopiëren of printen, of bekijken op tablet of iPad.

Het Mysterie van Marville is ook beschikbaar als ebook, o.a. bij Bol.com en bij Scribd:



6.10.15

Edgar Allan Poe, een moordzaak - oud boek, nieuw ebook


Edgar Allan Poe kennen we in de eerste plaats van zijn fantastische verhalen en van zijn poëzie ('The Raven'), maar hij wordt ook 'de vader van het detectiveverhaal' genoemd. Die eretitel dankt hij aan de creatie van het personage C. Auguste Dupin, een voorloper van Sherlock Holmes, die 'The Murders of the Rue Morgue' oplost, louter door een beroep te doen op zijn grijze hersencellen. 

Een tweede verhaal met Dupin in de hoofdrol, 'The Mystery of Marie Rogêt', is wellicht het eerste misdaadverhaal, gebaseerd op een 'true crime'. Het wordt algemeen beschouwd als een mindere Poe, omdat het meer weg heeft van een criminologisch essay dan van een verhaal. Bovendien heeft het een hoogst onbevredigend slot... alsof Edgar Allan Poe op het laatste moment terugdeinsde om de waarheid te vertellen.

Geheel in de stijl van Poe, die ook al eens een fictie voor feiten durfde laten doorgaan en niet vies was van een literaire mystificatie of een 'hoax', wordt in 'Edgar Allan Poe, een moordzaak' een geweldige ontdekking gedaan. Eerst door het hoofdpersonage Isabel Daemen, en daarna door de anonieme verteller, mogelijk Bernauw zelf. Uit een vergeten Londens archief wordt immers het manuscript opgediept van de eerste, niet gepubliceerde versie van 'The Mystery of Marie Rogêt', waarin E.A. Poe nauwelijks verhuld zichzelf aanwijst als de dader van de moord op Mary Cecilia Rogers, in 1841, in New York... 



Edgar Allan Poe, een moordzaak werd oorspronkelijk geschreven in 1990-1991, als een eerste proeve van ‘historische crime faction’, een voorzichtige verkenning van wat later ‘mijn’ genre zou worden. Ik schreef het kort na de historische jeugdroman Dromen van een farao (Davidsfonds-Infdok, 1991 – later herdrukt als Nu slaapt Toetanchamon) en de ‘docudetective’ Mysteries van het Lam Gods dat in 1991 verscheen bij Manteau en vrij veel succes kende.
Mijn toenmalig uitgever bij Manteau zag wel brood in de literair-historische detective over Edgar Allan Poe, die het kloppende hart van deze geschiedenis is, maar niet in de enigszins magisch-realistische en al te vaag thrillerachtige raamvertelling. Ik kon (en kan) hem niet helemaal ongelijk geven, maar ik verdenk de brave man er tegelijk een beetje van dat hij het verhaal gewoon ‘te dun’ vond om als apart boek uit te geven.
Uiteindelijk werd de literair-historische detective als kort verhaal gepubliceerd in het literair tijdschrift De Brakke Hond (8ste jaargang nummer 32, december 1991). En ik nam het essay-gedeelte uit de roman op in een bundel, getiteld Landru bestaat niet (Manteau, 1992), samen met twee andere hybrides van feiten en fictie rond veronderstelde legendarische vrouwenmoordenaars. Behalve Henri Désiré Landru die driehonderd vrouwen aan zijn voeten zou gekregen hebben, van wie hij er op zijn minst tien vermoordde, passeerde ook Heer Halewijn nog de revue. Uit het raamverhaal heb ik vervolgens schaamteloos stukken gerecycleerd in Het Bloed van het Lam (2006).
Edgar Allan Poe, een moordzaak was een poging tot het schrijven van een tijdsdocument, en dit in meer dan één opzicht. Zo wilde ik o.a. terugblikken op de late jaren 70 en vroege jaren 80 van de 20ste eeuw, en op de jongeman die stilaan echt wel volwassen was geworden. Door het boek een kwarteeuw in vrede te laten rusten op allerlei harde schijven, is het even goed een tijdsdocument geworden van de jaren 90. Bovenal is deze korte roman echter een product van de schrijver die ik toen nog niet was, maar wel hoopte te worden. En een getuigenis van de boeken die ik wilde gaan schrijven.
Toen ik het verhaal herlas met het oog op een eventuele bewerking, kreeg ik al gauw het gevoel dat het interessanter kon zijn om het te publiceren als dit tijdsdocument, dan in die herwerkte 21ste eeuwse versie. Misschien heeft dat in eerste instantie te maken met mijn melancholisch temperament. Afijn, beste lezer(es), laten we zeggen dat je hierbij gewaarschuwd bent.
Voor de rest kon ook dit werk niet geschreven worden, als er een hele reeks andere boeken niet was geweest. De voornaamste zijn: Het leven van Edgar Allan Poe (Wolf Mankowitz), Edgar Allan Poe autobiografisch (samengesteld en ingeleid door August Hans den Boef), Edgar Allan Poe Compleet (met een inleiding van K. Schuman), De Moorden in de rue Morgue (met een nawoord van Ab Visser), Gruwelijke verhalen (met een inleiding van Simon Vestdijk), The Illustrated Edgar Allan Poe (samenstelling en inleiding door Roy Gasson), The Life and Works of Edgar Allan Poe (Marie Bonaparte), Moord en doodslag (Julian Symons) en De laatste dagen van E.A. Poe (Dick Matena). En Reader’s Digest – destijds een schier onuitputtelijke bron van ideeën.



Harry Clarke: The Mystery of Marie Rogêt
Source: Harry Clarke

  






Edgar Allan Poe, een moordzaak werd nu gepubliceerd als ebook, gedistribueerd door en verkrijgbaar via Xinxii en alle online boekhandels, zoals Scribd, de iBookstore van Apple of Amazon - waar je ook een preview gratis kunt downloaden.

Podcast Luisterboeken