Mijn vrouw, Elke, doet al vele jaren onderzoek naar haar stamboom, die
voor een deel ook de mijne is. Daar zijn al enkele curieuze ontdekkingen uit
voortgekomen – bijvoorbeeld, dat ik nog verre familie ben van die andere
schrijver uit Erembodegem, Louis Paul Boon. Maar daar moet ik het een andere
keer over hebben, omstreeks Familiefoto 90 of zo. Want nu zit ik met hetfotoalbum van ons moe op schoot omdat ik iets wil gaan schrijven over de mensen
die daarin terug te vinden zijn. Geneanet kan daarbij een uitstekend hulpmiddel
zijn, als je tenminste een poging wil doen om de feiten van de fictie te
scheiden, al dan niet van eigen fabricaat, je herinneringen te checken en je
memoires in min of meer correcte banen te leiden.
Het is mijn voornemen in eerste instantie te vertrekken vanuit mijn
parate geheugen: de verzameling uitspraken, anekdotes en familielegendes die
vooralsnog ergens in het voorgeborchte van de vergetelheid rondzweven.
Vervolgens wil ik in de mate van het mogelijke achterhalen hoe groot hun
waarheidsgehalte is. Wie mij en mijn werk een beetje kent, weet dat ik er ook
niet voor terug zal schrikken, als de gelegenheid zich voordoet, met
onversneden plezier een nieuwe legende te creëren. Ik woon nu eenmaal in twee
werelden tegelijk: die van jouw en mijn werkelijkheid, en die van de
verbeelding.
Wat de Nonkel Victor betreft van de familiefoto waarmee ik deze reeks begonnen ben, moet ik al meteen een bekentenis doen. In de verbeelding die mijn
herinneringen creëerden, behoorde hij
tot het geslacht Temmerman (‘het Daensistisch nest’, weet je wel) maar
blijkt dat niet zo te zijn en heb ik hem dus mogelijk ten onrechte ‘zwarte
gedachten’ onder zijn panama geschoven. En het beeld dat ik in dat stukje
ophang van Rosa klopt – wat de roodgestifte lippen en de rouge op haar wangen
betreft – en het zal ongetwijfeld wel waar zijn dat zij ook een goeie
partij huwde, maar als echtgenoot had ik een andere in gedachten, getrouwd met
een andere tante van ons va (eveneens met roodgestifte lippen en rouge op de
wangen, maar iets minder).
Nog zoiets: het is altijd mijn stellige overtuiging geweest dat Petjen uit een boerenfamilie kwam uit het gehucht Essene, gelegen op enkele flinke boogscheuten van Erembodegem, en dat hij altijd schrijnwerker is geweest, timmerman. In 2020, toen het fotoalbum van ons moe boven water kwam, bleek ineens dat hij in zijn jonge jaren als brouwersgast de baan op was gegaan, samen met zijn broer Jean Baptist, aka Nonkel Zjang. En dat hun vader, Henricus Onverwagt – de man van de foto bij dit stukje – in de huwelijksakte van Petjen niet als ‘landbouwer’ maar evenzeer als ‘brouwersgast’ vermeld staat. Het album van ons moe opent nogal pontificaal met een grote landscape foto uit de jaren 30 van de twee broers bij hun vrachtwagen. Was het dan dat brouwersgastenschap dat in de familie zat, in plaats van de boerderij? Ook aan die kwestie moet ik nog een apart stuk wijden.
Ik wil maar zeggen dat ik enige reserves had bij misschien wel de
grootste, maar ook – dacht ik – de moeilijkst verifieerbare familielegende van
het geslacht Onverwagt. Zowel ons moe als Petjen waren nogal fier op hun naam,
die ze – terecht – heel mooi en zelfs een tikje mysterieus vonden. ‘Wij zijn
afkomstig van een vondeling!’ beweerden ze, die ergens onverwacht was opgedoken
in een tijd toen de ch en de g in de spelling van de Nederlandse taal nog
inwisselbaar waren.
Via Henricus
Onverwagt, gehuwd met Joanna-Francisca Van Schuerbeeck brengt Geneanet mij
onverwijld bij zijn ouders: Petrus Joannes Onverwagt en Barbara De Raedt. En
een generatie verder bij ‘Joannes Onverwacht (sic), geboren op 2 februari 1808
te Aalst, 26 jaar oud, vondeling, wonende te Esschene, dienstbode van beroep,
vondeling zonder bekende ouders geboren omstreeks 02-02-1808; voldaan aan wet
op Militie’. De huwelijksakte is te vinden in de Open Archieven
(openarchieven.nl) en op de website Familiegeschiedenis
(familiegeschiedenis.be), in de parochieregisters. Henricus trouwde op 15
januari 1834 in Essene met ‘Melania Victime, geboren op 29 oktober 1805 te
Brussel, meerderjarige, vondelinge, wonende te Esschene, dienstmeyt van beroep,
vondelinge zonder (on)bekende ouders geboren omstreeks 07 brumaire jaar XIV.’
De alternatieve jaartelling slingert ons meteen terug naar revolutionaire
tijden. Getuigen bij het huwelijk waren overigens twee landbouwers, een
herbergier en een ‘veldwagter’.
De unieke
achternamen van Joannes en Melania schijnen typerend te zijn voor de naamloze
kinderen die destijds in het vondelingenhuis werden ‘afgegeven’. Enig speurwerk
leert me dat Vlaanderen rond 1800 een sterke stijging kende van het aantal
vondelingen als gevolg van zware armoede en de textielcrisis. Onder het Frans
bewind werd in 1811 een decreet uitgevaardigd dat zorgde voor officiële
vondelingentehuizen en de beruchte 'vondelingenschuif'. Vondelingen werden door
de ambtenaar van de burgerlijke stand geregistreerd. Ze kregen een willekeurige
voor- en achternaam, vaak afgeleid van de vindplaats, het tijdstip of de maand
van vondst. De vondelingentehuizen fungeerden vooral als depots; de
overlevingskans was daar zeer laag, door ondervoeding en ziektes. Zodra het
kon, werden de baby’s uitbesteed aan pleeggezinnen op het platteland, die
hiervoor een vergoeding kregen. Vanaf hun zesde of twaalfde jaar moesten de
kinderen er vaak als dienstbode of landarbeider werken.
Vondelingen
werden door ambtenaren of de kerk vaak bedacht met fantasierijke of symbolische
namen, zoals Onverwacht (het kind kan het gevolg geweest zijn van een
‘ongelukje’) en Victime. Blijkbaar gebeurde het wel meer dan vondelingen met
elkaar trouwden: zij groeiden nu eenmaal vaak op in dezelfde instellingen of
bij specifieke pleeggezinnen in dezelfde regio.
Kunnen
synchroniciteiten – in het oog springende toevalligheden, zie daarvoor Een magisch-realist in Mysterieus België – zich op magisch-realistische wijze
ook manifesteren in je voorgeslacht? Blijkbaar zijn Petjen – Jan Ferdinand
Onverwagt – en zijn gevonden overgrootvader Joannes getrouwd met exact honderd
jaar verschil. En de ontvanger die negentig frank incasseerde voor de
huwelijksakte van Jan Ferdinand in 1934, heette Toussaint… net zoals de
brouwerij waar hij als brouwersgast aan de slag was.
Alle 101 Familiefoto's zullen op termijn hier te vinden zijn.






