Posts tonen met het label schat. Alle posts tonen
Posts tonen met het label schat. Alle posts tonen

2.8.21

De Spoken van Horst - achter de schermen




Op een van de schaarse zonnige dagen in de zomer van 2021 trok ik samen met Antoine Derksen en zijn zoon Casper naar het kasteel van Horst, in Sint-Pieters Rode. We stelden daar een onderzoek in naar de waarheid achter de legenden rond de spookachtige karos, een verborgen schat, een priester die werd vermoord tijdens het celebreren van de mis door een jaloerse baron die hem verdacht van overspel met zijn dame en nog zo een en ander. En we deden daarbij de merkwaardige ontdekking, waarover je alles kunt horen in de podcast.





We stelden onze microfoon op bij de oprijlaan naar een 17de eeuwse feestkasteel.


Het spookkasteel van Horst wordt nog steeds druk bezocht... 
op deze zonnige dag vooral door levende zielen, zo lijkt het wel.


Was het door deze dreef dat de spookkaros denderde?


Of was het deze?



Ga je op spokenjacht, dan kun je voor- of achteraf aangenaam verpozen 
in of bij het streekgasthof Het Wagenhuis.


Momenteel zijn er nog werkzaamheden gaande in het kasteel.
Een onderzoek binnen de muren zal voor een andere keer zijn...


Horst is wel degelijk een 'waterkasteel'...



Antoine en Casper capteren de klank van een beekje,
in tijden van corona draag je daarbij ook een mondkapje.


In deze pastorie van Sint-Pieters Rode zou een sleutelstuk bewaard worden
omtrent de waarheid achter de legenden van Horst,
maar ook hier werd ons de weg versperd door werkzaamheden...

Wat ons evenwel niet kon stoppen...
Alles daarover verneem je in de podcast!
En een essay over De Spoken van Horst op de website Mysterieus België



27.7.15

Satans Lied bij Het Lam Gods in Rennes-le-Château



In juli 2015 was ik in Rennes-le-Château, het Zuidfranse dorpje dat door pastoor Bérenger Saunière wereldberoemd werd gemaakt. Ik bracht wat foto's mee en een stuk of wat bedenkingen. Over 'parallellismen' bijvoorbeeld.



Je kent het verhaal ongetwijfeld. Bérenger Saunière zou op het eind van de negentiende eeuw in zijn kerkje een schat ontdekt hebben van Visigoten, Katharen, Tempeliers... Of tenminste toch aanwijzingen die leidden naar een bergplaats. Al kan het ook een geheim geweest zijn met betrekking tot de Ark des Verbonds, de Graal, eventueel zelfs documenten met de stamboom of 'het Heilig Bloed' van de nakomelingen van Jezus Christus en Maria Magdalena.


Het verhaal werd door Baigent, Leigh & Lincoln in de vroege jaren 80 van de vorige eeuw het startpunt van een wereldwijde en controversiële non-fictie bestseller, Het Heilig Bloed en de Heilige Graal... Hun succes werd 20 jaar later door Dan Brown nog eens dunnetjes overgedaan met zijn historische thriller De Da Vinci Code.


Terribilis Est Locus Iste

Hoewel Bérenger Saunière wel degelijk iets heeft ontdekt en ongetwijfeld de mystieke en occulte kringen van zijn tijd frequenteerde, was hij ongetwijfeld ook een Meester van de Mystificatie en blijven zijn ultieme bedoelingen gehuld in mysterie. Zelf koester ik al een kwarteeuw de overtuiging dat hij deel uitmaakte van een netwerk, waarvan het hart zich niet in de Languedoc situeerde, maar een heel stuk noordelijker: in Brugge en Orval. Als Saunière, zoals beweerd wordt, te gast was in de occulte kringen van Parijs, dan kan hij niet anders dan daar kennis gemaakt hebben met de 'demonische' kapelaan van de Heilig Bloed Kapel van Brugge. Deze Louis Van Haecke werd door Joris-Karl Huysmans in zijn schandaalboek Là-Bas onsterfelijk gemaakt als de 'oppersatanist' chanoine Docre. Ik heb over deze mysterieuze geschiedenis van desinformatie en black propaganda geschreven in Het Bloed van het Lam en vooral ook, samen met de betreurde Philip Coppens, in De Paus van Satan. 



Het Heilig Bloed werd door de Tempeliers van het eerste uur en de graaf van Vlaanderen, Diederik van den Elzas, naar Brugge gebracht. Zijn zoon Filips zou aan Chrétien de Troyes de stof leveren voor het eerste, onafgewerkt gebleven Graalverhaal. Een slordige 250 jaar later verwerkte Jan Van Eyck deze geheimen gecodeerd in de polyptiek van het Lam Gods, en nog eens vijf eeuwen later raakten de adepten van het nazi occultisme ook ten zeerste gefascineerd door het 'ketterse' kunstwerk. Het zijn elementen die door zowel de mainstream als 'alternatieve' fringe historici over het hoofd zijn gekeken, omdat zij de geschiedenis van de Graal of de Tempeliers vanuit een zeer eenzijdig Frans of Engels standpunt schrijven. Maar wie beide verhalen objectief bekijkt, zal moeten toegeven dat het verhaal van Louis Van Haecke veel beter gedocumenteerd is dan dat van Saunière... en dat zij onmiskenbaar een boel parallellen hebben, die we bezwaarlijk louter aan het toeval kunnen toeschrijven. 


Een muurschildering in RLC die veel beter 
Van Haecke als onderwerp zou gehad hebben.

Wie het kerkje van Saunière bezoekt, in Rennes-le-Château, zal bij de ingang verwelkomd worden door een knielende Satan ('Rex Mundi')... en vervolgens zal je blik vallen op een Ecce Agnus Dei. Of: Johannes de Doper die Jezus Christus voorstelt aan de wereld, met de woorden: 'Ziehier het Lam Gods.'



We vinden zowel het Lam Gods als het mysterie van Rennes-le-Château terug in Satans Lied van Karl Hammer. Het boek pretendeert non-fictie te zijn en 'de jacht van de CIA op Jezus' te behandelen, maar is uiteindelijk zelf een zeer fictieve proeve van het het soort desinformatie en black propaganda waar het over handelt, en zelfs zijn titel aan ontleent. Helemaal op het eind vertelt de contactpersoon van Karl Hammer, ene Tom R., dat hij zijn mooiste tijd beleefde in het midden van de jaren '50, toen hij de Franse schrijver Gérard de Lieux ontmoette, die - met een knipoog naar de pauselijke zetel Santa Sede - het pseudoniem Gérard de Sède hanteerde:



Slechts af en toe vond ik een journalist die dan in de krant een artikel schreef over de pastoor die schatrijk was geworden door een verborgen schat. We overwogen daarom een boek te publiceren waarin we in geuren en kleuren over de verborgen schatten rond Rennes-le-Château schreven. Lastig was dan wel dat we een uitgeverij moesten benaderen en daarmee onvermijdelijk in de openbaarheid zouden treden. Liever had ik iemand die ik kon gebruiken als 'doorgeefluik'. Een van de krantenartikelen kwam terecht bij Gérard de Lieux. Hij zocht in die tijd nog zijn weg als schrijver en was natuurlijk, zoals alle aankomende schrijvers, op zoek naar een bestseller.Toen ik hem bij onze eerste ontmoeting aankeek, wist ik dat ik mijn doorgeefluik had gevonden.





Ons eigen manuscript verdween in een lade en we begonnen hem stap voor stap met informatie te voeden. Als een volgzaam lam brachten we hem binnen in onze omheining van bedrog en zijn publicaties werden letterlijk onbetaalbaar. Temeer omdat wij via hem in contact kwamen met BBC-schrijver en acteur Henry Soskin, die zijn naam wijzigde in Lincoln en volgens Gérard 'op zoek was naar materiaal om zijn carrière een beetje vaart te geven'. (...) Het zorgde voor een fascinerend schaakspel waarbij ik moest proberen om valse informatie te voeden, terwijl ik wist dat er in Engeland professionele producers en redacteuren de zaken evalueerden. (...) Als ik herkend werd door iemand van de BBC als de Hollander die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Londen had gewoond (diverse mensen van Bletchley Park waren bij de BBC terechtgekomen), dan was de ramp voor mij en Elfrie niet te overzien. Ik won het schaakspel. 


En het was minder moeilijk dan ik dacht, want al te kritische vragen bleven achterwege. Niemand vroeg zich bijvoorbeeld af waarom de rijke priester toch arm gestorven was. Jarenlang groeide het labyrint en net als Otto Rahn en Antonin Gadal in hun tijd, deden we steeds nieuwe 'vondsten' die we meestal zelf hadden gefabriceerd. We verzonnen bijvoorbeeld lange lijsten met namen van historische schatbewakers die we door Gérard en Henry lieten ontdekken bij onze bibliothecaris in Parijs. Het was werkelijk onvoorstelbaar dat de mannen niet in de gaten hadden dat bijvoorbeeld Jean Cocteau, die we als grootmeester opvoerden, een notoire, homoseksuele opiumverslaafde was die meer tijd in afkickcentra doorbracht dan ergens anders.(...)  




Helaas verloren we over de periode van enkele tientallen jaren de regie en begon het labyrint zich als een virus ongecontroleerd op te delen en te vermenigvuldigen. Niemand van ons had bij de aanvang rekening kunnen houden met de ontzaglijke wildgroei die ontstond door de nieuwe media van televisie, video, cd, dvd, en vooral internet. (...) Het werd tijd om barsten in de spiegels te gooien, dus misschien moest iemand van ons toch maar een eigen boek schrijven.


Voor wie er nog mocht aan twijfelen: de 'contactpersoon' van Karl Hammer heeft Baigent, Leigh & Lincoln dus de 'hoax' opgelepeld, die uiteindelijk tot De Da Vinci Code leidde. Het relaas van Tom R. wordt op geen enkel moment door Hammer gecheckt, is voor het grootste deel 'geleend' (zonder bronvermelding) en in zijn totaliteit compleet ongeloofwaardig, want in strijd met héél wat feiten. Toch wordt het door Hammer verkocht als een 'waargebeurd verhaal'. Hij hanteert in Satans Lied identiek dezelfde 'modus operandi' als zijn zegsman, de voormalig CIA-agent Tom R. - en Noël Corbu, Gerard de Sède en vooral Pierre Plantard en de 'Priorij van Sion', die aan de basis zouden liggen van Het Heilig Bloed en de Heilige Graal en de bibliotheken die in hun slipstream over dit onderwerp bij elkaar gepend werden.  


Sint-Antonius van de Verloren Voorwerpen

Des te merkwaardiger is het, dat de twee heilige Antoniussen die we terugvinden in het kerkje van Rennes-le-Château, ook vertegenwoordigd zijn in Leven & Werk van Karl Hammer: Sint-Antonius van Padua, Patroon van de Verloren Voorwerpen, met de lelie als attribuut; en Sint-Antonius de Egyptenaar - ook wel de Heremiet genoemd -, herkenbaar aan attributen als het Tau Kruis of Antoniuskruis, de bel of het varkentje. (Met dank aan Ton Majoor - de beide Antoniussen worden nogal eens met elkaar verward). Een Antoniuskapel, al dan niet gewijd aan de Patroon van de Verloren Voorwerpen, speelt een vooraanstaande rol in het Mysterie van Mittenwald. En de Heilige Antonius van het Tau Kruis is niet weg te denken uit Satans Lied en uit de Mysteries van het Lam Gods.

Sint-Antonius de Heremiet (van het Tau Kruis)

Het tweede boek van Karl Hammer, De tranen van de wolf / Gezocht: codebrekers handelt aan de oppervlakte over de zoektocht naar een nazischat, op basis van een gecodeerde muziekpartituur, in het Beierse Mittenwald. Onder de oppervlakte is het echter om een queeste naar een nazi heiligdom te doen - de Irminsul, Yggdrasil, Levensboom -, en de daarmee samenhangende occulte initiatie. Met Philip Coppens heb ik het meer dan eens over het Enigma Karl Hammer gehad. Philip heeft de zelfverklaarde Ebioniet nog geïnterviewd over Satans Lied; Hammer droeg bij die gelegenheid heel opzichtig het Tau kruis. Het hanteren van een dubbelzinnige symboliek is een handelsmerk van Hammer: de Tau kan zowel voor de Egyptische Mysteriën staan, als voor Sint-Antonius de Egyptenaar, en is het teken van de Franciscanen maar wordt ook geassocieerd met de paganistische Irminsul én met de Hamer van Thor, die beide tot de verbeelding van de nazi's spraken.


Zelf heb ik altijd het gevoel gehad dat een aantal onderzoekers met betrekking tot de nazi schat van Mittenwald materiaal 'opgelepeld' kregen, op de manier zoals Tom R. te werk zou zijn gegaan met De Sède, Lincoln & Co. Dit gebeurde onder meer via merkwaardige lemma's of wijzigingen aan lemma's op Wikipedia, door vreemde discussies op bijvoorbeeld het Graham Hancock forum, of door het anonieme bezorgen van links die naar een Antoniuskapel zouden leiden. Het is uiteraard niet meer dan een indruk, maar de parallellen zijn nu eenmaal feiten. Zoals het ook een feit is dat Philip Coppens vier jaar na het interview van Hammer een ontdekking deed, waarvan hij noch ik toen konden vermoeden dat ze opnieuw een niet te miskennen parallel Rennes-le-Château/Mittenwald bevatte. In De Hamer van Thor en op www.rauna.eu wordt reeds gemeld dat Ysa Pastora door het decoderen van de muziekpartituur naar de Irminsul van Mittenwald werd geleid, ook bekend als de Yggdrasil of de Levensboom. In een ebook dat Philip Coppens kort voor zijn dood publiceerde, wordt aangetoond dat Bérenger Saunière de verbouwingen aan de kerk van Rennes-le-Château, de aanleg van de tuin en de Tour Magdala op het grondplan van de Levensboom entte, zoals we die kennen uit de kabbala. 




Na mijn terugkeer uit Rennes-le-Château bleek er een berichtje van de mama van Filip (die bijna uitsluitend in het Engels publiceerde als Philip Coppens) op mijn antwoordapparaat te staan. Het grootste deel van zijn nalatenschap was in de USA gebleven, bij zijn echtgenote, de schrijfster Kathleen McGowan. Philip woonde al sinds eind jaren negentig in Londen, daarna in Edinburgh, en de laatste - zeer gelukkige - jaren van zijn leven in Los Angeles. Maar hij had in zijn ouderlijk huis ook nog een bureau, en boeken, en archieven - waarvan het grootste deel in het Nederlands. Na ruggenspraak met Kathleen, vroeg de mama van Philip zich af of ik misschien geïnteresseerd was in die boeken, tijdschriften, mappen met notities, correspondentie. Het was een betekenisvolle coïncidentie zoals ik er zo veel heb meegemaakt, en nog meemaak. 'Natuurlijk wel!' zei ik dus.

Zicht op de tuin

Eén van de allereerste typoscripten en correspondenties die ik bekeek, had te maken met een andere oude bekende: Jos Bertaulet. En met zijn boek De verloren koning en de bronnen van de graallegende (1991), die ook een rol speelt in Satans Lied. Bertaulet is - samen met Klaas Van Urk - een van de weinige onderzoekers die op basis van een decodering iets zeer concreets hebben gevonden. In zijn geval betrof het een kelder in Notre Dame de Marceille, 'een geheim oord in de geschiedenis van Frankrijk'. Het leidde alvast tot dit, laten we zeggen, nogal 'impressionistisch' artikel. Maar het ziet er naar uit dat er nog heel wat stukken zullen volgen, die veel concreter zullen zijn.

13.3.15

Nazi Schat gevonden op Vrijdag de Dertiende?

(Foto Matthias Klotz/Mittenwald: Archief Ysa Pastora)

Dit verhaal wordt alsmaar gekker. Op 17 januari vind ik in mijn brievenbus een raadselachtige boodschap van ene Ysa Pastora: of ik zin heb een website op te zetten en als haar redacteur annex literair agent samen met haar een boek te schrijven en uit te geven over een al even mysterieuze Nazi Schat. Waarvoor uitgeverij Elmar nog steeds $25.000 veil heeft als we op de website van de uitgeverij mogen afgaan, terwijl de uitgeverij zelf ontkent dat het bericht op haar website staat.

De website van Ysa Pastora is ondertussen online: www.rauna.eu - en de eerste bijdragen over de Nazi Schat zijn verschenen. Ysa stuurt mij in versleutelde documenten allerlei ruw tekst- en bronnenmateriaal toe - in soms wat onhandig, maar al bij al vrij goed Nederlands... maar ook in het Duits, Frans of Engels. En ik probeer er een lijn in te trekken. Op die manier zou er dit jaar nog een ebook/paperback moeten verschijnen, De Hamer van Thor, waarin op basis van een close reading geen spaander heel gelaten wordt van de true crime geschiedenis die Karl Hammer uit de doeken gedaan heeft in De tranen van de wolf (2007), een boek dat op 12-12-12 (!) heruitgegeven werd onder de titel Gezocht Codebrekers





Ysa lijkt er vast van overtuigd dat zij de code van de partituur heeft gekraakt waar het allemaal om te doen is, maar blijkbaar laat ze aan anderen de eer om de buit te bergen (al was het maar om die prompt weg te schenken aan een goed doel) of de beloning van $25.000 op te strijken. Ysa wil immers in de eerste plaats gehoord worden. Enfin, zo heb ik het toch begrepen. Misschien wordt het wel een vijfjarenplan, wie weet... want ze geeft mij alleen zeer concrete informatie over wat volgende week donderdag (Thur's Day weet je wel) moet gepubliceerd worden. Ik krijg alleen eerder vage informatie over de volgende delen (het wordt op zijn minst een trilogie) en heb zelf ook nog geen idee waar het allemaal precies heen gaat.




En dan verschijnt op donderdag 12 maart een artikel in De Gelderlander over de Arnhemse muzikant en vioolbouwer Cyril Whistler die ook beweert de code te hebben gekraakt. Hij heeft er niet alleen een boek, maar ook een rockopera aan gewijd, Tears of the Wolf. Gisteren was hij in Beieren, als we zijn site mogen geloven. De Gelderlander schrijft op donderdag 12 maart zelfs zeer uitdrukkelijk dat Whistler op donderdag  in Beieren was. Dat klinkt enigszins idioot, maar kranten nemen al eens vaker persberichten geheel of gedeeltelijk over, en waarschijnlijk was er in dit persbericht uitdrukkelijk sprake van een donderdag 12 maart. Omdat die nu eenmaal voorafgaat aan vrijdag de dertiende maart, datum waarop de officiële release van boek en cd Tears of the Wolf zijn gepland, datum ook waarop Cyril Whistler de whereabouts van de Nazi Schat zou onthullen. (Hij was trouwens in Beieren, omdat hij de burgemeester van Mittenwald - het stadje dat in deze context het meeste tot de verbeelding van de schattenjagers spreekt - een exemplaar van boek en cd wilde overhandigen.)(Wat die donderdag nog merkwaardiger maakt, want waarom deed hij dat dan niet meteen op de officiële release datum, zijnde vrijdag de dertiende?)

Mijn eerste idee was: Whistler... opnieuw een pseudoniem! ("Whistlebower: one who reveals wrongdoing within an organization to the public or to those in positions of authority.") - Maar de man lijkt echt zo te heten.
Mijn tweede idee was: als je de bergplaats van een belangrijke historische schat hebt ontdekt, is het je eerste doel deze plek bekend te maken. Hier is het ontdekken van de schat geen doel op zich, maar een middel om een rockopera en een luxueus kijkboek te promoten. Zoals 'wonderzoeker' Leon Giesen een (succesvolle) theatershow opzet rond het thema van de schattenjacht. Nu is er geen haar op mijn hoofd (ook niet op dat van Giesen trouwens) dat eraan denkt hier een probleem van te maken: het hoort nu eenmaal bij de praktijk van een schrijver of een theatermaker, en het brengt wat leven in de brouwerij.
Whistler blijkt inderdaad zo'n beetje bij Giesen in de leer te zijn geweest, maar er wijst ook nogal wat in de richting van Hammer. Het lijkt me sterk dat Hammer zomaar een domeinnaam vrij geeft, die een letterlijke Engelse vertaling is van zijn eerste boek over de schat. Al kan mij ondertussen nog heel weinig verbazen in verband met een man die schermt met twee geboortejaren (1959 en 1969). En de video's zijn heel professioneel gemaakt (het Engels op de site is wat minder), terwijl relevante historische context zo goed als helemaal ontbreekt (dat is ook bij Hammer zo). Maar het meest in het oog springt natuurlijk het goochelen met symbolen, ook op het gebied van data: 12-12-12 in het geval van Hammer, vrijdag de 13de bij Whistler. Toeval bestaat niet, als het op codes aankomt. Het kan erop lijken dat een letter of een teken daar toevallig zo staat, maar schijn bedriegt.
Waarop ik Ysa contacteerde - we mailen elkaar zowat dagelijks, tegenwoordig - met de vraag haar licht te laten schijnen over deze nieuwe ontwikkeling. En of het zo toevallig is dat Cyril Whistler op een donderdag naar Mittenwald reist, terwijl zij elke nieuwe aflevering van De Hamer van Thor op een donderdag wil zien verschijnen?
Maar zie, als ik anders binnen het uur of zo antwoord krijg... dan is het nu toch al geruime tijd stil gebleven. Wat mij weer bij de overweging brengt dat ik bitter weinig, zeg maar helemaal niets weet van die hele Ysa Pastora...

Wie is Ysa Pastora? 



PS: Whistler laat de taak om de schat op te graven over aan de gemeente Mittenwald. Blijkbaar ligt ze op een voor hem onbereikbare plaats en heeft hij zelfs geen verificatiepoging gedaan of kunnen doen. Hij stelt voor een monument op de 'vermoedelijke plek' te laten bouwen, bijvoorbeeld om de slachtoffers van de Holocaust te gedenken. Dat is ongetwijfeld een nobel doel, van een sympathiek man. Maar het maakt er zijn claim dat hij de Nazi Schat gevonden heeft, niet geloofwaardiger op.


26.2.15

Uitgeverij Elmar ontkent dat ze op eigen site beloning van $25.000 uitlooft voor Nazi Schat


Volgens Ysa Pastora  dient de donderdag om wie de mensen bedondert op zijn donder te geven... en dat is exact wat vandaag gebeurde.


Enkele jaren geleden publiceerde de Nederlandse schrijver, fotograaf en “onderzoeksjournalist” Karl Hammer een geruchtmakend “non-fictie” boek getiteld De tranen van de wolf. Een gecodeerde partituur die hij in handen had gekregen, zou naar de bergplaats van een belangrijke “nazi schat” leiden, met o.a. persoonlijke diamanten van Hitler. Er werd door zijn uitgeverij Elmar of door hem zelf, dat was niet zo duidelijk, een beloning uitgeloofd voor wie de code kon breken. Naar aanleiding van een regelrechte hype, vooral in Nederland, te vergelijken met onze Rechtvaardige Rechters gekte, en de publicatie van Gezocht: Codebrekers (hetzelfde boek maar met een andere titel), werd de beloning zelfs verhoogd tot $25.000. Een aantal opgravingen in het Beierse Mittenwald leidden tot niets, en het werd stil rond de Nazi Schat.



Enkele weken geleden werd ik, als auteur van historische “faction” thrillers, gecontacteerd door ene Ysa Pastora – zij gaf zelf aan dat zij opereert onder pseudoniem. Pastora beheerst onze taal niet voldoende en zocht een redacteur en “een spreekbuis”. Zij beweert de code te hebben gebroken, en de informatie die ze mij reeds bezorgde, is op zijn minst veelbelovend. Maar wat meer is: Pastora richtte zich ook tot uitgeverij Elmar, met de vraag naar meer informatie over de beloning van 25.000 dollar, waar de uitgeverij nog steeds mee uitpakt. Pastora ontving nu een email, waarin gesteld wordt dat “de termijn van de actie ten einde” is en “het voorstel is ingetrokken”. Dit dus in flagrante tegenstelling tot wat op de site van Elmar te lezen staat. Eén en ander kunt je meer gedetailleerd nalezen op www.rauna.eu.


Ik weet het… dit lijkt verdacht sterk op een “historische faction thriller” – alleen kun je alles wat op de site te lezen staat ook makkelijk verifiëren, en heb ik het screenshot of de desbetreffende webpagina van uitgeverij Elmar niet verzonnen: 






26.7.13

Herdruk "Nostradamus in Orval" van Patrick Bernauw bij Schrijverspunt

of via De Standaard Boekhandel  - of via info@inter-actief.be



Antiquair Karel Rombaut wil met zijn boek aantonen dat hij als nazaat van Lodewijk XVII (1785-1795?) een troonpretendent van Frankrijk is. Maar voor hij zijn levenswerk kan publiceren, wordt Rombaut vermoord door een mysterieuze man die hem "de Profetie van Orval" zou hebben getoond... van de hand van Nostradamus! Deze zogenaamde voorspelling zou de sleutel bevatten tot de bergplaats van het Franse koninklijke fortuin, dat tijdens de Revolutie spoorloos verdween in de abdij van Orval.

Kon kroonprins Lodewijk XVII de Franse Revolutie ontvluchten en leeft zijn nageslacht in Vlaanderen? Ligt er een schat verborgen in de abdij van Orval? En welke geheimen staan er eigenlijk te lezen in de "voorspellingen" van Nostradamus? 

Patrick Bernauw oogstte veel succes met zijn thrillerdebuut, Het Bloed van het Lam, waarin hoofdpersonage Maarten Dejonckheere het mysterie van de Rechtvaardige Rechters ontrafelde, het gestolen paneel van het Lam Gods. Nostradamus in Orval, oorspronkelijk verschenen in 2007 bij Manteau, vormt de tweede aflevering van de trilogie. De cover is van www.embee.be.

"Bernauw speelt een magistraal spel met heden, verleden, waarheid en verdichting," schreef Vrij Nederland over deze historische thriller, en bedacht het boek met vier sterren. Ook het derde deel, Het Illuminati Complot, verschijnt binnenkort als herdruk bij Schrijverspunt Clusteruitgeverij.




Wie samen met de auteur en met Nostradamus in Orval op schattenjacht wil gaan en het "fortuin van de Bourbons" opsporen, vindt eveneens alle nuttige informatie in dit boek, of via info@inter-actief.be 

Het boek Nostradamus in Orval is ondertussen alweer herdrukt, deze keer bij de Scriptomanen:





Patrick Bernauw
Nostradamus in Orval
Een antiquair probeert te bewijzen dat hij een nazaat is van Lodewijk XVII, maar wordt vermoord. Vanwege de Profetie van Orval, van de hand van Nostradamus? Of heeft de moord te maken met de legendarische schat van Orval?
€24,95 Paperback

28.1.13

GPS-Spel Affligem/Erembodegem: Van Galgenberg tot Duivelsput


Het was een van mijn oudste dromen: een bosspel maken in een sfeer van science-fiction, horror en fantastiek - maar tegelijk door historische gegevens te gebruiken, en motieven uit de plaatselijke sagen en legenden. Als het even kon, moest het ook allemaal in mijn achtertuin gebeuren. En zie... het is er eindelijk van gekomen. Een GPS-Spel dan nog, in samenwerking met www.gpsrent.be, met dank aan Filip Lovecraft en www.sterke-verhalen.blogspot.be en door onder meer gebruik te maken van de fantastische muziek van Fernand Bernauw en dito foto's van www.embee.be.

Wie alvast de sfeer wil opsnuiven en een tipje van de sluier oplichten, kan dat doen op de audio pagina van het GPS-Spel: http://audiotheater.bandcamp.com/album/van-galgenberg-tot-duivelsput Je kan er luisteren naar de muziekjes die een rol spelen in het verhaal, de ondersteunende luisterspelen (waaronder drie van mijn studenten literaire creatie: Els Vermeir met Het Droomhuis, Chantal De Craecker met Gebroken Droom en David Moens met Het Zandmannetje) of alvast proberen een achttiende eeuwse Franse rebus op te lossen, die wel eens de bergplaats van de Schat van Jan De Lichte zou kunnen aanduiden:


Het GPS-Bosspel wordt ter beschikking gesteld in een doe-het-zelf pakket. Alle info daarover vind je hier.
Of je kunt het spelen in onze organisatie - zie hier! - eventueel zelfs met een gastoptreden van de Belgian Paranormal Investigators.







Podcast Luisterboeken